Varkenshouderij

Foto & video 1602 x bekeken 4 reacties

‘Regels in Nederland zat’

De neven Willemsen kochten in het voormalige Oost-Duitsland een voormalig staatsbedrijf. Zij emigreerden ook daadwerkelijk.

Foto

  • Jan (60) en Albert (43) Willemsen zijn neven van elkaar en komen van oorsprong uit Toldijk (Gld.). De varkensbedrijven van beiden werden in 1997 vanwege een uitbraak van varkenspest geruimd. Hierdoor en door de maatregelen van Van Aartsen voor sanering van de sector nam bij beiden het plezier in varkenshouden af. Zij hebben nu in Schlaitz (in de Duitse deelstaat Saksen-Anhalt) een bedrijf met 1.900 zeugen en 1.500 plaatsen voor de eigen aanfok plus mesterij.

    Foto’s: Henk Riswick, tekst: Martin ten Hooven.

  • Eind 1998 kochten de Willemsens een zogenoemde LPG (Landwirtschaftliche Produktions Genossenschaft), een coöperatief productiebedrijf. Ze kochten een bedrijf met 1.000 zeugen, een bakkerij en een manege met 100 paarden. Ze pachten 500 hectare land.

  • Begin 1999 begonnen ze met varkens houden in de bestaande gebouwen. In 2002 was de financiering rond voor een grondige renovatie van het bedrijf. Nu liggen er in dezelfde gebouwen 1.900 zeugen en 1.500 plaatsen voor opfokzeugen en vleesvarkens.

  • Enkele technische resultaten van het bedrijf: bedrijfsworpindex 2,59; aantal levend geboren biggen per worp 12,4; uitval in de zoogperiode 6,8 procent; 29,6 gespeende biggen per zeug per jaar.

  • Midden door het bedrijf loopt een centrale gang van 5,75 meter breed en 200 meter lang. Haaks op de centrale gang staan de verschillende stallen met de diverse diercategoriën.

  • Op het bedrijf zijn vier kraamafdelingen van 75 hokken en acht kleine afdelingen met acht kraamhokken. Het streven is om 90 worpen per week te hebben. Het bedrijf Willemsen gebruikt PIC-zeugen. In 2008 is het bedrijf opnieuw opgestart met dieren met een hoge gezondheidsstatus.

  • De kraamhokken zijn ingericht met een balansvloer met bewegende biggennesten. De zeug ligt op een ijzeren rooster. De biggenruimtes zijn voorzien van geplastificeerd metalen rooster met aan beide zijden een verwarmde plaat. De warmte komt van twee biogasinstallaties op het bedrijf waarin Willemsen participeert. Verwarmingskosten zijn er nauwelijks.

  • Door de beweegbare biggennesten (balanshokken) is er in de zoogperiode bijna geen uitval van biggen door doodliggen. Willemsen denkt de uitval in de zoogperiode onder de 5 procent te krijgen.

  • De zeugen zijn erg vruchtbaar. Als eindbeer gebruikt Willemsen een PIC-Piétrain.

  • Als er zeer grote tomen zijn, worden de zwaarste biggen nadat ze voldoende biest hebben opgenomen in een zwarte plastic bak gelegd gedurende vier uur. Dan kunnen de kleinere biggen ook rustig hun benodigde portie biest opnemen.

  • Voor de kraamafdelingen, de afdelingen met gespeende biggen en de overige diercategorieën is er aparte bedrijfskleding in de stallen. De kleuren groen, rood en geel worden gebruikt. Rood is voor de gespeende biggen.

  • Het bedrijf heeft een grote stal ingericht voor de gespeende biggen. Een afdeling bestaat uit 16 hokken voor 25 biggen. In totaal zijn er 4.000 opfokplaatsen voor biggen. Een deel van de biggen gaat als speenbig weg naar een opfokstal.

  • De hokken voor de gespeende zijn voorzien van volkern kunststofroosters. De biggen kunnen op de rode, verwarmde biggenplaat liggen. De ruimtelijke verwarming is met deltabuizen.

  • De dekafdeling bestaat uit twee rijen met elk 72 plaatsen. De beren kunnen voor de zeugen worden vastgezet tijdens de inseminatie. Vier beren worden tegelijk vastgezet.

  • Een afdeling met dragende zeugen in voerligboxen. De zeugen liggen nog in de originele voerligboxen. Wel is er brijvoedering geïnstalleerd.

  • Alle opfokzeugen worden zelf aangefokt. Er worden absoluut geen dieren aangevoerd op het bedrijf. De hokken zijn uitgerust met betonroosters.

  • In de metalen silo worden de grondstoffen voor het brijmengsel gefermenteerd. Het pH-gehalte van het voer komt dan op 3,8. In combinatie met bijproducten verlaagt gefermenteerd voer de voerkosten en het verbetert de gezondheid.

  • Restloos voeren is niet meer nodig, vanwege de lage zuurgraad van het voer. Bacteriegroei is dan niet mogelijk. De middelste buis zit nog vol voer.

  • In 2003 hebben de neven Willemsen op ongeveer 45 kilometer afstand een bedrijf in Mockrehna in de deelstaat Saksen gekocht. Hier zijn 4.000 plaatsen voor gespeende biggen en 8.000 voor vleesvarkens.

  • De families Willemsen zijn, zoals gezegd, echt geëmigreerd. Door aan allerlei activiteiten in het dorp deel te nemen zijn ze ook ingeburgerd. Als grootste werkgever van het dorp vinden ze de sociale contacten met de inwoners van Schlaitz erg belangrijk.
    Al met al is er in het voormalige Oost-Duitsland dus nog ruimte om te ondernemen.

Laatste reacties

  • no-profile-image

    Theo Menting

    Beste familie Willemsen,

    Goed om te zien dat het jullie daar goed gaat. Het ziet er allemaal prachtig uit.
    Veel succes nog.

  • no-profile-image

    Victor Theeuwes

    Hoi Jan en Joke, Albert en Yvonne.
    Jullie verschijnen regelmatig in de nederlandse vakbladen. Nu een keer via internet, dus makkelijk om te reageren! Mooie reportage! Veel Succes nog!
    Groeten van de oud-stagiar!

  • no-profile-image

    Familie Spekkink

    Hallo familie,

    Wat een leuke reportage! Je krijgt zo een aardige indruk van jullie bedrijf.
    We zullen de link doorsturen naar bekenden.

    Hartelijke groeten uit Woudrichem

  • no-profile-image

    Riande Wassink

    Hallo Albert (en familie),
    Lees ik per toeval in een artikel over jullie bedrijf in Duitsland en dat je daar al een aantal jaren woont. Kan ik het niet nalaten om even in een reactie te laten weten hoe moedig ik het vind om zoiets in het buitenland op te zetten. Veel succes en geluk gewenst! Groeten van een oude bekende; Riande Wassink uit Zelhem (sinds een jaar of 20 woonachtig in Enschede)

Of registreer je om te kunnen reageren.