Varkenshouderij

Foto & video 606 x bekeken

Rust in dynamische grote groep

Rogier Cuijpers houdt zijn dragende Topigs 20-zeugen sinds twee jaar in een grote dynamische groep en voert in voerstations met 3 voercurves.

Foto

  • Rogier Cuijpers (39) houdt 350 Topigs 20-zeugen in Maria Hoop (L.) en 850 vleesvarkens (Topigs 20 x Tempo) in een huurstal op locatie. Sinds twee jaar houdt hij de dragende zeugen in een grote dynamische groep met Velos-voerstations. Dit kost hem maar tien minuten controle per dag. De zeugen spenen jaarlijks 29,3 biggen per zeug met 13,5 levend geboren biggen en een worpindex van 2,44.

    Foto’s: Marcel van Hoorn, tekst: Judith Waninge

  • In de stal staan vijf voerstations, een station voor elke 50 zeugen. “Dit is ruim opgezet, maar als er bijvoorbeeld een storing is aan een station, is er geen paniek en kunnen alle zeugen nog gewoon doorvreten”, aldus Cuijpers.

  • De zeugen kunnen altijd in de voerstations komen. Via een herkenning in de voerbak krijgen ze wel of geen voer. Aan de achterzijde van de box is een vergrendeling, zodat er tijdens het vreten geen tweede zeug in de box kan komen.

  • Als een zeug gevreten heeft, gaat na twee minuten de box aan de achterzijde weer open, zodat een nieuwe zeug kan vreten. Als de zeug in de box geen voer krijgt, gaat de box na 80 seconden alweer open.

  • Cuijpers werkt met één voersoort. Een vijzel zorgt ervoor dat de voorraadbakken gevuld blijven. In de laatste voorraadbak zit een sensor. Als deze ‘merkt’ dat de bak leeg raakt, gaat de vijzel alle vijf voorraadbakken bijvullen. De voorraadbakken hebben een voorziening voor een tweede voersoort.

  • Als de zeugen uit de voerstations komen, moeten ze door een gang waar de selectiepoort staat. De selectie, bijvoorbeeld voor het werpen, geeft de zeugenhouder handmatig in voor de nieuwe voerstart van de volgende dag. Vanaf de nieuwe voerstart, die om 17:00 uur begint, worden de zeugen geselecteerd.

  • Bij het scannen moeten ongeveer 70 zeugen geselecteerd worden. 50 zeugen passen in de selectieruimte. De overige 20 zoekt Cuijpers in de groep op. Die geeft hij een goed zichtbare blauwe streep op de nek.

  • Direct na de selectiepoort zijn de waterbakken gemonteerd. Daaronder heeft Cuijpers bewust roosters geplaatst, zodat het gemorste water wegloopt.

  • Naast de vijf voerstations is het berenhok gebouwd. Hierin staat de zoekbeer. De zeugen kunnen via een gat in het hok contact maken met de beer. Tijdens het contact registreert de voercomputer het beercontact. Deze berigheidsdetectie registreert automatisch de tijd die een zeug bij het berenhok besteedt, en de hoeveelheid bezoeken. Hiermee zijn de terugkomers snel op te sporen.

  • Alle zeugen komen in een grote groep van 250 tot 270 zeugen. Ook de gelten komen meteen in de groep, zodat ze wennen aan de rangorde. Bij de tweede berigheid selecteert Cuijpers de gelten uit de groep en insemineert hij ze. Meteen na de dekking gaan de gelten weer in de groep.

  • De zeugen die op donderdag gespeend worden, gaan een week later op donderdag na de dekking weer de groep in. Met een blauwe, groene en rode streep op de rug geeft Cuijpers de verschillende weekgroepen aan.

  • In de voercomputer staan drie voercurves ingesteld: een voor zeugen, een voor gelten en een curve voor schrale zeugen. “Eigenlijk gebruik ik de curve voor schrale zeugen bijna niet, nu zit er maar een zeug in de groep”, zegt Cuijpers.

  • De zeugen beginnen met 2,8 kilo voer als ze de groep ingaan. Vanaf dag 16 tot 21 krijgen de zeugen een verhoging in de voergift van een halve kilo, zodat de eventuele terugkomers goed te zien zijn. Vanaf dag 42 tot dag 84 krijgen de zeugen 2,5 kilo onderhoudsvoer. En van dag 84 tot werpen krijgen de zeugen 3,2 kilo voer. De gelten krijgen 80 procent van de hoeveelheid van de zeugen.

Of registreer je om te kunnen reageren.