Varkenshouderij

Foto & video 1303 x bekeken

Vitale biggen door afspenen en bijvoeren

Door biggen met een volle buik tijdelijk te spenen, krijgen alle biggen genoeg biest binnen. Daarna krijgen de biggen voer in de vorm van brij.

Foto

  • Harrie Brummelhuis (55) houdt samen met zijn vrouw Josephien (54) en zoon Jarno (27) 250 subfokzeugen in Hoge Hexel (Ov.). De zeugen (zuivere Fin) hebben een worpindex van 2,38; levend geboren per worp 12,8; uitval tot spenen 6,5 % en gespeende biggen per zeug per jaar 29,0.


    Foto's: Henk Riswick, tekst: Judith Waninge

  • De eerste selectie gebeurt bij de opfokzeugen. Ze moeten minimaal 14 spenen hebben, al hebben de meeste Topigs 50 zeugen wel 16 spenen. De Finse zeugen hebben gemiddeld 16 spenen, Brummelhuis heeft ook al zeugen gehad met 20 spenen.

  • De meeste zeugen biggen af op dinsdag en woensdag, zeugen die dan nog niet hebben gebigd krijgen planaat om de geboorte op te wekken. De varkenshouder werkt niet met pleegzeugen, ook niet met een kunstzeug. De zeugen moeten zelf laten zien dat ze biggen kunnen grootbrengen. Wel legt hij biggen over binnen de afdeling als dit nodig is.

  • Een aantal uur na het werpen selecteert Brummelhuis de biggen met een volle buik en plaats deze biggen in een speciekuip. Op deze manier hebben de andere biggen ruimte om de benodigde biest op te nemen.

  • Het selecteren van de biggen met een volle buik gaat op gevoel. Het zijn niet alleen de grote biggen die Brummelhuis tijdelijk speent, het kunnen ook kleinere biggen zijn met een volle buik.

  • De tijdelijk gespeende biggen blijven ongeveer vier uur lang in een speciekuip buiten het hok. Voorwaarde voor het tijdelijk spenen is dat deze biggen droog zijn en een volle buik hebben.

  • Nadat ze ongeveer vier uur tijdelijk gespeend zijn, plaatst Brummelhuis de biggen weer terug bij de zeug.

  • Brummelhuis voert melk bij aan de grotere tomen. Deze ‘melk’ maakt Brummelhuis door Porcimilk en Porcipart in een verhouding van 50 – 50 te mengen met water.

  • Niet alle tomen krijgen de melk bijgevoerd. De tomen, waarvan de biggen niet genoeg melk bij de zeug krijgen, krijgen deze kunstmelk twee tot drie dagen lang.

  • Op de vierde dag krijgen de biggen Porcipart in de vorm van brij bijgevoerd. Deze brij voert Brummelhuis aan de biggen om de zeug te ontlasten, maar daarnaast ziet hij ook de biggen harder groeien.

  • Eerst doet Brummelhuis water in de 2-literkommen en voegt dan de Porcipart toe. Als de biggen vier dagen oud zijn, krijgen de biggen zo’n 100 gram van het voer; dit gaat naar 2 tot 3 kilo per dag als de biggen rond de 24 dagen oud zijn.

  • De biggen zijn er gek op en mengen zelf het voer met het water tot een brij. De bak moet leeg zijn voordat Brummelhuis nieuw voer verstrekt.

  • Er is geen vloerverwarming in de kraamstal. De biggenlamp blijft tot het spenen hangen. De biggen speent Brummelhuis op maandag.

  • Na het spenen krijgen de biggen in verschillende afdelingen droogvoer of brijvoer. In de afdelingen met droogvoer en ook in de afdelingen met brijvoer krijgen de biggen nog drie of vier dagen Porcipart, in de vorm van brijvoer in kommen.

  • In de 8-literkommen gaat eerst 5 tot 6 liter water en dan via een schep ongeveer 2 kilo droogvoer erbij. De biggen mengen het zelf tot een brij.

  • Vanaf vier dagen oud tot na het spenen krijgen de biggen dezelfde brij. De biggen zijn er gek op. In de droogvoerbak zit half baby-biggenvoer en half Porcipart, maar de biggen geven de voorkeur aan de brij.

  • In de afdelingen met brijvoedering krijgen de biggen drie keer per dag voer, om 08.00 uur, 16.30 uur en om 01.00 uur. De brij bestaat uit onder andere uit Bondatar en CCM. Brummelhuis vindt het belangrijk dat de brij van constante kwaliteit is, mede omdat hij opfokzeugjes fokt.

  • Het uiteindelijke eindproduct Fin x T-lijn (Topigs 50) is klaar voor verkoop aan vermeerderaars. Door een start met biest, tijdelijk afspenen en bijvoeren hebben de zeugjes een goede start gekregen.

Of registreer je om te kunnen reageren.