Redactieblog

2433 x bekeken

Kans voor de Tempo

Een toepassing in de Stoppersregeling om de ammoniakreductie te drukken is eiwitarm voer. Niet elk varken verdraagt dat even goed.

In de afgelopen weken heb ik mij verdiept in de Stoppersregeling. Deze regeling is bedoeld voor veehouders die hun bedrijf na 2013 nog een aantal jaren voort willen zetten, zonder veel te investeren in emissiearme stallen. In de Editie Varkenshouderij van Boerderij verschijnt woensdag 10 april een uitgebreid artikel waarin de regeling wordt toegelicht, plus een overzicht van de beschikbare toepassingen om het bedrijf emissiearm te maken. Per methode om de emissie te drukken staat genoemd hoe het werkt en wat het kostprijseffect is.
Minder ruw eiwit
Een methode om de ammoniak-emissie te drukken zonder iets te veranderen aan de stal, is voer met een verlaagd gehalte ruw eiwit. Mengvoer met 15 gram minder ruw eiwit per kilo voer draagt bij aan een reductie van 15 procent. Voer met 30 gram minder ruw eiwit verlaagt de emissie 30 procent. Op veel vleesvarkensbedrijven zal de emissie 44 procent moeten dalen per varken. Met eiwitarm voer is alvast een mooi begin te maken. Eiwitarm voer is duurder. Met mengvoer met 30 procent minder eiwit stijgt kostprijs jaarlijks zo’n €2,25 per varkensplaats. Een deel van het ruw eiwit moet namelijk worden vervangen door synthetische aminozuren.
Niet ongestraft
Zomaar een deel ruw eiwit uit het rantsoen halen gaat niet. Zeker niet bij vleesrijke varkens of beren, die van nature minder voer opnemen. Het risico bestaat dan dat de aminozuurbehoefte van de varkens niet wordt gedekt. Dit kan leiden tot mindere technische resultaten en mindere slachtkwaliteit. Op zich is een deel ruw eiwit uit het voer laten niet verkeerd. Eiwit is naast voedingstof tevens een voedingsbron voor schadelijke bacteriën in de darmen van varkens. De darmgezondheid gaat er op vooruit.
Robuuste vreters
Hoe dan ook: voor wie wil meedoen aan de Stoppersregeling is eiwitarm voeren een mooie toepassing om de ammoniakuitstoot te drukken. De kans van slagen is mijn inziens het grootst met varkens die gezond zijn en makkelijk vreten. Dan ligt het met kleinere en middelgrote stallen voor de hand om all in-all out te werken en mogelijk met Tempo’s. Uit onderzoek in Sterksel blijkt dat dit varken moeiteloos omgaat met wisselingen in de voersamenstelling en geen punt maakt van plotselinge voerovergangen. Kortom: met de opname zit het wel goed. Voor de Tempo is voldoende afzet, zowel in Nederland als daar buiten. Op de stoppende bedrijven zal naast de afzetmarkt waarschijnlijk ook worden gekeken naar de werkbaarheid van emissiebeperkende maatregelen. Dat zijn twee zaken die niet per definitie met elkaar conflicteren.

Of registreer je om te kunnen reageren.