Redactieblog

2141 x bekeken

Goed is niet goed genoeg

Om een bedrijf te leiden zijn harde getallen nodig. Op de meeste varkensbedrijven ontbreekt het aan een cijfermatige onderbouwing om bij te sturen.

Het is een verschrikkelijke dooddoener, maar wel waar: meten is weten. Op de meeste varkensbedrijven is niet bekend hoeveel voer de biggen exact opnemen in de kraamtijd of in het opfokhok. Zo is net zo min bekend hoeveel biggen gemiddeld wegen bij de geboorte of spenen.
In de vleesvarkenshouderij is het niet beter. Wie weet nu exact wat de dagelijkse wateropname is, om maar eens een voorbeeld te noemen? Wie weet wat de varkens wegen bij een overschakeling van voersoort?
Op een vraag als ‘Hoe zit het met de voeropnamen van de biggen in de kraamtijd”?’ luidt het antwoord dikwijls: ‘Die vreten goed’. Veel verder reikt het antwoord vaak niet.

Feiten gevraagd
Ik sprak pas over dit onderwerp met Rob van Schie, productmanager bij premixenfabrikant Trouw Nutrition. Hij kent maar weinig boeren die met cijfers kunnen onderbouwen waar zij mee bezig zijn. Dat gaat veranderen, meent Van Schie. De advisering op bedrijven wordt uitgekleed, maar wel doelmatiger. Door aan te geven in welk deel van het proces de productie stokt, zijn problemen veel gericht en onderbouwd aan de pakken. Varkenshouders gaan dus op termijn belangrijke waarden over groei, voeropname, staltemperatuur, exact volgen en vastleggen. Zodra iets afwijkt van de norm, is het mogelijk om gericht in te grijpen.

Logische ontwikkeling
De door Van Schie geschetste ontwikkeling is logisch. Bedrijven groeien en worden kapitaalintensiever. Het draait meer dan ooit om kostprijs, zodat varkenshouders zich weinig missers kunnen permitteren. Daarom is het nodig tijdig in te grijpen zodra iets mis dreigt te lopen. Dat kan alleen als er betrouwbare cijfers zijn. Het werkt heel makkelijk. Stel dat het gasverbruik 100 kuub hoger is dan vorige maand bij een gelijke buitentemperatuur. Dan is de oorzaak mogelijk snel gevonden als het niet wil in de biggenstal: het is een klimaatkwestie. Daar kom je alleen, of in ieder geval het snelst, achter als je referentiewaarden tot je beschikking hebt. Kortom, meten!

Of registreer je om te kunnen reageren.