129 x bekeken 2 reacties

Tönnies wil ze allemaal wel

Voor levende export naar Duitsland komen niet alleen de varkens in aanmerking met een hoog vleespercentage. Dankzij hun uitgebreide klantenkring kunnen de slachters ook de letterlijk 'vette' goed gebruiken.

Het was allemaal wat aan de tamme kant dit jaar op de Schweinehandelstag in het Duitse Burg Warberg. Natuurlijk, uit bijna alle geledingen waren er wel vertegenwoordigers, maar harde uitspraken of stevige controverses waren dinsdag en woensdag ver te zoeken. Is het vanwege de aanzienlijk verbeterde rendementen in de varkenssector dat de scherpe kantjes er wat af raken?

Opbrengst valt niet tegen

Van de grote Duitse slachterijen sprak dr. Wilhelm Jaeger namens Tönnies Fleisch, over de ideale vleesvarkenshouderij. Gezien de recente discussie over varkensopbrengsten in Nederland en Duitsland en het maximale prijsverschil, pik ik een aspect uit zijn verhandeling.

Veel Nederlandse boeren denken dat je voor levende export naar Duitsland het betere varkens moet kunnen aanbieden, met een vleespercentage van minimaal 56 en liever nog meer. Jaeger rekende echter voor dat ook het ‘mindere’, vettere varken goed verwaard wordt. De korting op de prijs vanwege minder vlees maakt de boer goed met de geringere kosten, dankzij onder meer een gunstiger voederconversie. Onder aan de streep houdt hij vrijwel hetzelfde over.

Breng ze maar

En het is ook een misverstand, aldus Jaeger, dat zijn broodheer geen vette varkens kan gebruiken. Aangezien het aantal aangevoerde slachtvarkens bij Tönnies immens is (dat geldt uiteraard ook voor conculega Vion), kan het bedrijf de varkens en de hiervan geproduceerde deelstukken goed selecteren en sorteren op kwaliteiten en al die verschillende kwaliteiten ook in flinke volumes aanbieden. Iedere markt heeft zo zijn eigen wensen. Aangezien de Duitse varkensvleesexport groeistuipen vertoont en diverser wordt, zijn ook de hier minder gangbare delen beter te vermarkten. De slachterijen breiden uit om hun efficiency verder aan te scherpen, maar moeten die capaciteit dan wel optimaal bezetten. Hun motto: brengen die varkens, hoe meer hoe liever, óók de vette.

Foto

Laatste reacties

  • no-profile-image

    Wouter

    Nu kan ik je niet meer helemaal volgen. Vettere varkens gunstiger voederconversie? Volgens mij is voor vet toch nog altijd meer voer nodig dan voor vlees. Vettere varkens bv Tempo's hebben natuurlijk ten opzichte van bijv. Pietrains wel als voordeel dat ze gemiddeld beter willen vreten, makkelijker opstarten en een hogere groei per dag hebben. Maar dus echt geen lagere VC

  • no-profile-image

    Jack Kwakman

    Wouter, je hebt gelijk, dat wil zeggen: ik ben te kort door de bocht gegaan met mijn nadruk op ‘vet’. Dr. Jaeger heeft vooral duidelijk willen maken dat de rentabiliteit in de vleesvarkenshouderij niet alleen bepaald wordt door de uitbetalingsprijs van de slachterij. Een mester zou voor zichzelf moeten uitmaken of hij niet beter gebaat is bij de productie van een ‘compromis-varken’ in plaats van streven naar nóg een procentje meer vlees. Als hij kiest voor een type varken dat staat voor een hogere daggroei, gunstiger voederconversie en ook minder uitval (sterfte) tijdens de mestperiode, kan dat goed opwegen tegen de hogere uitbetaling van een zeer vleesrijk varken. In Duitsland doen genoeg boeren dat, aldus Jaeger. Ze kiezen voor een iets goedkoper varken, voeren onbeperkt en hebben 1 tot 2 % minder uitval.

Of registreer je om te kunnen reageren.