80 x bekeken 3 reacties

Biggen! Wie maakt me los?!

De Nederlandse biggenproductie groeit door, maar ondanks toegenomen concurrentie uit Denemarken biedt export nog voldoende ruimte om de extra volumes op te vangen.

Een interessant verhaal voor de adviseurs varkenshouderij van Agrivaknet. Daar kwam Benny ten Thije gisteren in Wijchen mee. Hij is directeur van Select Porc en voorzitter van de DPP-noteringscommissie. Een kenner van de biggenhandel bij uitstek. Hij behandelde de biggenstromen in Europa en de impact daarvan op de Nederlandse varkenshouderij.
Geen overbodige luxe om daar regelmatig kennis van te nemen, want de aanwas van biggen baart toch enige zorg. In de laatste beschikbare CBS-statistieken zie ik een toename van de Nederlandse zeugenstapel. Dat wordt ondersteund door de in het derde kwartaal andermaal toegenomen omzet van de k.i.-verenigingen. We kunnen de biggen al jaren niet meer allemaal zelf afmesten, dus gaan er steeds meer naar het buitenland. Als je puur naar de totale productie kijkt, jaarlijks ruwweg 21 miljoen biggen, lijkt het belang van de biggenexport niet zo groot. Ten Thije rekent echter voor dat ze voor de prijsvorming uitermate zwaar wegen.

Helft in 'semi-gesloten' circuit

Zonder discussie over de prijs worden de biggen geplaatst die hun weg vinden binnen gesloten bedrijven, het ‘semi-gesloten’ circuit (familie of eigen tweede bedrijven), of naar vaste afnemers in Nederland en Duitsland. Na aftrek van die volumes hou je er ongeveer 10 miljoen over die beschikbaar komen voor de handel. Daarvan kun je er 1,5 miljoen aftrekken die op Duitse notering worden verkocht. Van de resterende 8,5 miljoen gaan er 4,5 miljoen van de hand via vaste koppelingen. De rest is voor de echte vrije markt, die voor driekwart in het buitenland te vinden is. Dat mag dus zeker meetellen in de prijszetting.

Druk van de Denen

Zonder direct in euforie te vervallen ziet Benny ten Thije de toekomst voor de biggenhandel niet pessimistisch in. Hij signaleert toenemende druk van Deense producenten op de biggenmarkt. Maar die blijft vooral beperkt tot Duitsland. In Spanje en de Oost-Europese landen is de eerstkomende 10 jaar voldoende afzet voor de Nederlandse biggen. Naast de bestaande contacten in polen en Hongarije groeit de afzet in Roemenië, Kroatië en op termijn in Oekraïne en Wit-Rusland. De varkenshouderij in het Oosten is volop in ontwikkeling. Het wordt wel steeds belangrijker niet puur te mikken op volume. De juiste kwaliteit bieden weegt steeds zwaarder.

Foto

Laatste reacties

  • no-profile-image

    W.MEULMAN

    Waarom zoveel biggen produceren? Nergens voor nodig! Ze moeten die hele bioindustrie afschaffen terug naar vroeger. Lijkt me veel beter, iedere boer een klein aantal zeugen en klaar. Ja toch?

  • no-profile-image

    Math

    Was het maar zo, tegenwoordig moet je al gauw 400 zeugen of meer hebben wil je een fatsoenlijk gezinsinkomen kunnen halen. En wil je over 10 jaar nog boer als beroep hebben dan zul je mee moeten groeien.

  • no-profile-image

    Math

    Tegenwoordig kun je geen inkomen meer halen uit 15 koeien en 30 zeugen met bijhorende vleesvarkens, wil je een gezinsinkomen halen uit je bedrijf dan moet je meegroeien want de saldo,s worden steeds kleiner.

Of registreer je om te kunnen reageren.