Varkenshouderij

Achtergrond 2808 x bekeken 1 reactie

Maagproblemen varkens wijdverspreid

Veel varkens hebben in meer of mindere mate aangetaste magen tot maagzweren aan toe. Tekortkomingen in de voeding zijn zeker een oorzaak.

Dat de maag van een varken veel te verduren krijgt, is geen nieuws; 25 jaar geleden werd daar vanuit de veterinaire wereld al aandacht voor gevraagd. De focus lag toen vooral op het voer; door de fijngemalen grondstoffen komt in de maag te weinig structuur wat allerlei problemen geeft. De jaren erna is meer aandacht gekomen voor grover malen van mengvoeders. Ook de overheid eist al jaren een minimale hoeveelheid ruwe celstof in voeders van dragende zeugen. Maagproblemen bij zeugen en vleesvarkens zijn echter niet verdwenen.

‘We weten niet precies of de varkens er veel last van hebben’

De laatste jaren bevindt het onderwerp zich wat in de luwte. Er zijn nog veel vragen en onduidelijkheden rondom maagaandoeningen. “We weten niet precies hoeveel het nu voorkomt en of de varkens er veel last van hebben”, vertelt Theo Geudeke, dierenarts bij de Gezondheidsdienst voor Dieren (GD).

Geudeke zegt uit secties en vanuit de praktijk voldoende aanwijzingen te hebben dat het probleem zeker niet is opgelost. Hij refereert naar het laatste grote onderzoek naar maagaandoeningen uit 2010. Toen bleek amper 12,5% van de vleesvarkens en 10,2% van de zeugen geen enkele afwijking te hebben (score 0).

Dat klinkt ernstig, erkent de dierenarts, maar hij wil het wel in perspectief plaatsen. “Het aantal zeer ernstige aandoeningen (score 5) is ook laag en neemt vergeleken met ouder onderzoek niet toe.” Ook vraagt Geudeke zich af hoeveel last de varkens er daadwerkelijk van hebben. “In het ergste geval gaat een varken dood door een maagbloeding als gevolg van een maagzweer. Maar dat zijn de uitzonderingen.” De impact van maagaandoeningen op de technische cijfers zijn volgens Geudeke niet duidelijk.

Het aantal vleesvarkens zonder enige vorm maagaandoening is in een slachtlijnonderzoek uit 2010 14,7%; van het aantal zeugen is dat 10,2%. Het aantal ernstige problemen is echter ook gering. In de meeste gevallen is er slechts lichte of beperkte schade aan het slijmvlies. Voer en stress zijn in veel gevallen een oorzaak. De impact van een beschadigde maag is niet goed bekend.

Problemen door geleidelijke hoorn- en laesievorming 
Het meest kwetsbare gebied van de varkensmaag zit aan de bovenkant waar de slokdarm is aangehecht. Daar vinden de meeste beschadigingen plaats. Deze zijn onder te verdelen in vijf niveaus: geringe (1) of uitgebreide (2) hoornvorming van het slijmvlies, een kleine (3) of een grote (4) laesie (beschadiging) of een ernstige laesie of maagzweer (5).

Binnenkant van gezonde maag. De kleur is normaal en aan de binnenkant zitten zich geen afwijkingen. - Foto: GD
Binnenkant van gezonde maag. De kleur is normaal en aan de binnenkant zitten zich geen afwijkingen. - Foto: GD

De foto hierboven is een gave maag; de foto hieronder een aantasting van niveau 4 tot 5. De hoornvorming geeft de typische gele kleur.

Hoornvorming en laesies in de varkensmaag. Er is een bloederig deel dat tot de ernstige vorm behoort. - Foto: GD
Hoornvorming en laesies in de varkensmaag. Er is een bloederig deel dat tot de ernstige vorm behoort. - Foto: GD

Het proces van hoorn- en laesievorming is meestal een geleidelijk proces. Maagzuur en pepsine spelen daarbij een rol. In slijmvlies met hoornvorming ontstaan gemakkelijker laesies. Die kunnen gaan bloeden waardoor grotere wonden ontstaan en uiteindelijk sprake is van een maagzweer.

Niet standaard in onderzoek slachtlijn

Dat maagaandoeningen in Nederland weinig prioriteit heeft, komt ook doordat ze niet binnen de standaard slachtlijnonderzoeken vallen. Dat heeft te maken met hygiëne rondom het slachtproces. De omvang van het probleem is daardoor niet bekend en varkenshouders zien er niks van terug. Alleen bij ernstige problemen komen varkens op de sectiezaal van GD terecht of kan aan de slachtlijn worden gekeken. In Denemarken koppelt de slachterij informatie over de magen terug naar de varkenshouderij, hetzelfde als Nederland met de long-levers gebeurt.

Maalfijnheid van voer

Maagaandoeningen hebben niet één aanwijsbare oorzaak; waarschijnlijk spelen meer factoren een rol. Dat verklaart waarom het ene varken wel problemen krijgt en een hokgenoot dat exact hetzelfde gehouden en gevoerd is, niet.

Er bestaat onder deskundigen overeenstemming dat het belangrijkste aspect de maalfijnheid van het voer is. Na het malen en persen gaat structuur in mengvoer verloren. In een gezonde maag beschermt de maaginhoud het bovenste deel van de maag tegen zuren. Bij te weinig vezels of te snelle passage door de maag werkt dat niet goed waardoor de maagwand kan beschadigen. Dat wordt nog versterkt als varkens beperkt worden gevoerd of te lang geen eten krijgen.

Stress en voeropname

De tweede factor van belang is stress. Dit kan direct een gevolg hebben als daardoor de voeropname afneemt. Ook staat de productie van maagzuur onder invloed van stress. Maar mogelijk is er ook een indirecte impact op de maagwerking als varkens veel last van stress hebben. In systemen met stro komen minder problemen voor; wat deels door minder stress maar ook door meer vezels in de maag kan worden verklaard.

Varkens op stro hebben gemiddeld minder maagproblemen dan in een regulier hok. Dat komt door opname van structuur en meer afleiding door het kauwen. - Foto: Bart Nijs
Varkens op stro hebben gemiddeld minder maagproblemen dan in een regulier hok. Dat komt door opname van structuur en meer afleiding door het kauwen. - Foto: Bart Nijs

Naast maalfijnheid en stress worden in de literatuur nog een reeks andere oorzaken genoemd voor maagaandoeningen die in meer of mindere mate verband lijken te houden met maagaandoeningen. De aanwezigheid van bepaalde infecties (Helicobacter suis, Circo en PRRS), mycotoxines of het eiwit afbraakproduct histamine worden genoemd, als ook een gebrek aan vitamine E en genetische aanleg.

Meer inzicht in voerkeuzes en maagaandoeningen

Het gebrek aan aandacht en kennis rondom maagaandoeningen is voor Schothorst Feed Research reden eind september een themadag te organiseren. Volgens manager varkensvoeding Francesc Molist bleek uit recent eigen onderzoek dat de helft van de zeugen de hoogste score had. Alle vleesvarkens hadden een middelmatige aantasting van de maagwand. “Het waren maar enkele tientallen dieren maar voor ons wel een signaal dat het nog steeds niet goed gaat.”

Schothorst doet kleinschalig onderzoek om meer inzicht te krijgen in het gevolg van voerkeuzes op voorkomen van maagaandoeningen. De hoeveelheid structuur is een belangrijk aspect, maar ook de vorm van het voer (droog of brij) en de voermethode.

Volgens Molist vreten varkens op bedrijven met bijproducten gelijktijdig waardoor er minder competitie en meer rust is in het hok. Maar hij verwacht ook invloed van de producten in het brijrantsoen. “We weten dat afbraak van eiwit nadelig is voor de maagwand.” Overigens zijn er geen signalen dat bedrijven die grondstoffen fermenteren meer problemen hebben met de maag.

Fijn gemalen grondstoffen in mengvoeders zijn een belangrijke oorzaak van maagproblemen. Er kunnen echter meer factoren een rol spelen. - Foto: Ronald Hissink
Fijn gemalen grondstoffen in mengvoeders zijn een belangrijke oorzaak van maagproblemen. Er kunnen echter meer factoren een rol spelen. - Foto: Ronald Hissink

Het belangrijkste aspect blijft volgens Molist van Schothorst de hoeveelheid structuur in het mengvoer. Daarbij moet een optimum worden gevonden tussen verteerbaarheid en gezondheid voor de maag. In de ideale situatie worden grondstoffen op verschillende afstanden gemalen en dusdanig geperst dat de structuur behouden blijft.

Ook traditioneel malen maar later in het proces toevoegen van een structuurbron als zonnepitdoppen blijkt goed resultaat te geven. “Het nadeel is dat niet alle fabrikanten dat in grote hoeveelheden kunnen. Ook de constante kwaliteit van structuurbronnen is een aandachtspunt.”

Probleem in beeld brengen

Molist hoopt dat de aandacht voor de maagaandoeningen partijen motiveert om mee te helpen aan meer kennisontwikkeling onder Nederlandse omstandigheden. Vooral fokkerijorganisaties en voerfabrikanten zouden krachten moeten bundelen om het probleem te tackelen.

Dat zou ook moeten resulteren in methoden om snel met mest, speeksel of bloed een probleem in beeld te brengen. Er is vanuit andere dierlijke en de humane gezondheidszorg wel ervaring met dit soort testen maar voor varkens is het nog niet beschikbaar.

Waarschijnlijk herhaalt GD dit jaar het onderzoek uit 1990 en 2010, om te kijken of er veranderingen zijn in de problematiek. GD-dierenarts Geudeke benadrukt dat aandacht voor maagproblemen niet alleen om gezondheid en technische resultaten draait, maar ook om de beeldvorming naar buiten.

“Het is niet te verkopen dat een aanzienlijk deel van de varkens met maagaandoeningen rondloopt. Het belang voor het imago is misschien wel groter dan het economische.”

Eén reactie

  • genoeg en smakelijk water verstrekken is essentieel voor een goede gezondheid

Of registreer je om te kunnen reageren.