Varkenshouderij

Achtergrond 2707 x bekeken

Beter Leven-markt nog niet verzadigd

De markt van varkens voor het Beter Leven-concept groeit nog steeds. Het is de kunst om overproductie te voorkomen.

De afgelopen jaren is het aandeel varkensvlees met het Beter Leven-keurmerk snel ­gestegen. Via het Varken van Morgen heeft de retail zich verplicht vanaf dit jaar alleen nog vlees met meer welzijn voor varkens in de schappen te leggen. Dat wordt voor een belangrijk deel ingevuld via het vlees met één ster van de Dierenbescherming (zie 'Beter Leven of Varken van Morgen', onderaan dit artikel). Het concept is een succes: er doen inmiddels een kleine 630 varkenshouders mee die naar verwachting dit jaar bijna 2,9 miljoen vleesvarkens in het concept afleveren.

Elke nieuwe markt moet zich zetten. Met de harde groei is het de vraag of vraag en aanbod wel in balans blijven. Veel voormalige concepten hebben het niet gered, omdat er sprake was van mismatch waarbij de varkenshouders het gelag betaalden.

'Het spel van vraag en aanbod zal altijd blijven'

Varkenshouder Jaap Kreuger, voorzitter van de leveranciersvereniging van Good Farming Star, is nog altijd positief. “Maar het spel van vraag en aanbod zal altijd blijven, ook in deze markt.”

Een paar jaar geleden ondervonden varkenshouders van Good Farming Star dat andere afnemers ook interesse hadden. Dat was toen meer supermarkten begonnen met dit vlees, terwijl het aanbod nog achterliep. De afgelopen jaren zijn veel varkenshouders overgeschakeld, waardoor hij nu geen signalen krijgt dat productie en vraag uit de pas ­lopen.

‘Relatie retail is wezenlijk’

Slachterijen onderstrepen ook dat de situatie echt anders is dan vroeger. “De basis is een vraaggestuurde markt. Dat is het uitgangspunt en een groot verschil met de gewone varkensvleesmarkt”, legt Harold Theunissen, conceptmanager bij Vion uit. “Vanuit de vraag van de retail is het aantal benodigde varkens aangestuurd." Vion sluit met varkenshouders samenwerkingsovereenkomsten die verplichten tot afname en tot leveren. “De relatie met de retail is wezenlijk. We nemen ze mee in de hele keten.” Hoe langdurig de contracten met retailers zijn wil Vion niet kwijt, maar ze zijn volgens Theunissen lang genoeg om veranderingen op te vangen.

Een vergelijking met de berenmarkt, waarbij vraag en aanbod moeilijk in overeenstemming bleken te houden, gaat volgens hem mank. “Simpel ­gezegd is beren mesten vooral het mesje weglaten. Beter Leven is veelomvattend met afspraken tussen partijen.”

Dit jaar moet al het verse varkensvlees in de supermarkten afkomstig zijn van varkens met meer welzijn. Meestal gaat het via het Beter Leven-concept.<br /><em>Foto: Roel Dijkstra</em>
Dit jaar moet al het verse varkensvlees in de supermarkten afkomstig zijn van varkens met meer welzijn. Meestal gaat het via het Beter Leven-concept.
Foto: Roel Dijkstra

'Geen risico van overproductie'

Jaap de Wit jr., inkoopverantwoordelijke bij Westfort, ziet momenteel geen risico van overproductie. “We maken pas nieuwe afspraken met varkenshouders als er afzet voor is geregeld.” Westfort produceert vlees voor het keurmerk Beter Leven en het Varken van Morgen. Ook het vlees uit de Keten Duurzame Veehouderij (KDV) valt onder dat laatste keurmerk. Afspraken vanuit de retail worden gelegd naast de situatie bij klanten, plus een groeiprognose. “Het is een proces waarbij iedere partij de ontwikkelingen goed in de gaten moet houden. We kunnen nu inspelen op veranderingen die de retail over een jaar verwacht.” Overigens zegt De Wit een wachtlijst te hebben voor varkenshouders die nog bij de concepten willen aansluiten.

Vertrouwen is gestegen

De uitgangssituatie voor een stabiele marktontwikkeling van Beter Leven-vlees is goed. Voor het eerst werken producenten en afnemers succesvol samen, wat wordt ondersteund door langetermijnsamenwerking. En misschien nog wel belangrijker: er is meer onderling vertrouwen; daar ontbrak het bij de reeks mislukte concepten vaak aan.

Verder is de zogenoemde vierkantverwaarding een stuk beter dan in de begintijd van Beter Leven. Volgens Theunissen is nu 70% van het varken bruikbaar in het concept, tegenover minder dan de helft in de beginperiode. Als ook de vleeswaren­industrie aanhaakt, kan het percentage verder ­omhoog. “Het moet richting 80 tot 90%.”

'Verkeerd beeld van de werkelijke marktsituatie'

Dat wil niet zeggen dat vraag en aanbod altijd precies samen opgaan. De vraag naar varkensvlees is in de zomervakantie lager en met kerst is er een sterke piek. “Daarvoor hebben we contacten met de afnemers en moeten we zelf vooruit plannen. Ook dat is anders werken dan we voorheen deden.”

De markt van Beter Leven-varkens is gedeeltelijk een handelsmarkt. “Net als bij de biggen kan iedereen schreeuwen dat er te weinig varkens zijn, terwijl het misschien maar om een paar varkens gaat”, illustreert Aalt Posthouwer, mede-eigenaar van varkenshandel Posthouwer-Boerkamp. “Op die manier ontstaat een verkeerd beeld van de werkelijke marktsituatie, wat het risico op prijsschommelingen in de hand werkt.”

Langdurige prijsafspraken

Ondanks de stabiele situatie liggen er wel risico’s op de loer. De eerste is concurrentie. Een centrale regisseur om alle spelers in de keten van Beter ­Leven aan te sturen ontbreekt. Daarnaast wordt het aan de productiekant steeds internationaler. Ook in Duitsland en Denemarken wordt welzijnsvlees ­geproduceerd. Duitse slachterijen als Tönnies en Westfleisch slachten al voor het label Beter ­Leven. Zeker is dat concepten in beweging blijven. Het is niet de vraag of, maar wanneer de eisen worden aangescherpt.

Toch verwacht Theunissen dat, in ieder geval wat betreft Vion, de risico’s op overproductie of structurele mismatch klein zijn. “We kunnen in de keten steeds beter afstemmen. Eén van de instrumenten waar we meer mee willen doen, is Farmingnet. Een online informatiesysteem dat de varkenshouder direct inzicht geeft in gewicht en spier- en spekdikte van de geleverde dieren. Ook onderzoeken we de mogelijkheden van langdurige prijsafspraken met leveranciers.” Daarvoor loopt er nu een pilot met de leveranciersvereniging Starfarmers. Deze pilot van zes maanden is recentelijk ­verlengd. Kreuger heeft daar goede verwachtingen van. “Niemand is gebaat bij sterk fluctuerende ­prijzen.”

'In de toekomst kunnen de prijsverschillen altijd weer kleiner worden'

Posthouwer adviseert varkenshouders flexibel te blijven, zodat ze altijd terug kunnen schakelen mocht het nodig zijn. Ook al wordt een nieuwe stal gebouwd met 1 vierkante meter, dat wil niet zeggen dat er altijd varkens op die oppervlakte in ­zullen worden gehouden. “We zeggen altijd tegen onze klanten: houd de kosten beperkt, want in de toekomst kunnen de prijsverschillen altijd weer kleiner worden.”

Beter Leven of Varken van Morgen
Het Varken van Morgen is de naam van de afspraak met supermarkten (CBL) in 2014 over hogere eisen aan varkensvlees. Hoé supermarkten dit vlees in de winkel leggen, is hun eigen commerciële uitwerking. Beter Leven is het keurmerk van de Dierenbescherming voor vlees met extra dierenwelzijn. Er zijn drie niveaus (of sterren). Bij varkensvlees hebben in 2010 Albert Heijn en Vion met Good Farming Star het initiatief genomen. Later zijn andere slachterijen dit vlees gaan aanbieden. Veruit de meeste supermarkten vullen de eisen van het Varken van Morgen in via Beter Leven. Door de normen van het Varken van Morgen over te nemen in het Beter Leven-concept, hoeven vleesverwerkers geen stromen te scheiden.

Lees het hele artikel in Boerderij 45 van dinsdag 2 augustus.

Of registreer je om te kunnen reageren.