Varkenshouderij

Achtergrond 367 x bekeken

'Varkenscyclus werkt nog steeds'

De varkenscyclus werkt nog steeds en er is een gezonde economische toekomst voor de varkenshouderij in Nederland. Dat zegt Albert Knijnenburg, sectormanager varkenshouderij bij Rabobank Nederland, een dag na het gesprek dat belangenbehartigers uit de sector hadden met hem en vertegenwoordigers van twee andere banken.

LTO Varkenshouderij, varkenshoudersvakbond NVV en de vereniging voor veevoerproducenten Nevedi wilden zo’n gesprek vanwege de slechte situatie in de varkenshouderij. Angst is dat een deel van de vele te verwachten stoppers in de sector met een restschuld zou blijven zitten. Maar een collectieve afspraak zit er niet in, als het aan de banken ligt. Ook niet over het wegwerken van eventuele restschulden.

aarom geen collectieve afspraken?
”Wij financieren geen sector, maar individuele bedrijven. We kunnen geen collectieve maatregelen nemen, maar bekijken elk geval apart, iedere situatie is uniek. We leveren maatwerk in de financiering. En er zijn ondernemers die hebben reserves opgebouwd en komen zo de dip door. Dan kun je moeilijk voor anderen die dat niet hebben, collectief iets regelen.”

Hoe slecht gaat het?
”Het gaat minder slecht dan het beeld dat onder meer via de media is gevestigd. De succesverhalen hoor je momenteel niet. En die zijn er ook. De dip is er wel. Kenmerk van de huidige dip is dat die lang duurt. Dat bepaalt ook het sentiment. Maar deze dip is minder diep dan voorgaande. Wanneer de mindere periode voorbij is, is uiteraard niet te zeggen. Maar wij gaan er nog steeds van uit dat er ook betere tijden komen, dat de varkenscyclus werkt. De gemiddelden waar we mee rekenen hebben we niet aangepast.”

Maar als je de feiten op een rij zet, ontstaat toch een somber beeld. Volgens het LEI teren varkenshouders al meer dan vier jaar in op hun vermogen, schattingen over het aantal stoppers lopen op tot eenderde.
”Dat soort voorspellingen zijn er al tientallen jaren. Maar het is waar, we hebben wel een ondergemiddelde periode. Er zijn ook bedrijven met liquiditeitsvraagstukken. Ik zeg met opzet niet: ’liquiditeitsproblemen’. Die vragen om een oplossing. Soms bestaat die er uit dat er niet meer geïnvesteerd moet worden, soms is het beter dat iemand ermee stopt.”

Hoeveel stoppers verwacht u?
”Hoeveel dat zijn, is niet zo belangrijk. Tien, twintig procent, zulke aantallen zeggen me niet zo veel. Maar het aantal beëindigers dat met een schuld blijft zitten is heel laag, dat zijn echt incidenten. Al ontken ik niet dat het gebeurt.”

Wyno Zwanenburg van de NVV zei na afloop dat de banken de bedrijven beter kennen dan de belangenbehartigers. Verbazingwekkend?
”Niet echt. De boeren die het goed gaat, die bijvoorbeeld net een nieuwe stal geopend hebben, die bellen niet zo snel naar Annechien ten Have of naar Wyno Zwanenburg. De mensen die het moeilijker hebben, wel. Dat geeft een ander beeld.”

Foto

Of registreer je om te kunnen reageren.