Varkenshouderij

Achtergrond 336 x bekeken

'Varkenshouders produceren op het scherp van de snede'

Varkenshouders produceren steeds meer op het scherp van de snede. Vergeleken met andere landen in Europa heeft de Nederlandse varkenshouderij extra problemen. Die liggen in de mestafzetkosten en kosten voor productierechten. Het financieringsniveau is hoog. Varkenshouders moeten goed weten waar ze aan beginnen.

Het zijn zware tijden in de varkenshouderij. De voerwinsten staan onder druk. Veel bedrijven hebben moeite om aan hun verplichtingen te voldoen. Frank Steenbreker van Abab Accountants en Adviseurs geeft aan dat voor de komende jaren een voerwinst verwacht wordt van globaal 500 euro per zeug per jaar en 80 euro per vleesvarken per jaar. De kritieke voerwinsten, de minimaal noodzakelijke voerwinsten om aan de betalingsverplichtingen te kunnen voldoen, liggen op respectievelijk 600 euro voor de zeugenhouderij en 90 euro voor de vleesvarkens.

Wil een varkenshouder onder deze omstandigheden aan zijn verplichtingen kunnen voldoen, dan kan hij proberen om bovengemiddeld in voerwinst te scoren ten opzichte van het sectorgemiddelde. Hij kan ook kijken of hij de kritieke voerwinst kan verlagen. Rentelasten, aflossingen, arbeidskosten en mestkosten maken samen al tweederde deel uit van de uitgaven die met de voerwinst voldaan moeten worden.

Bestaande bedrijven zitten vast aan hun financiering. Daar valt op korte termijn niet zo veel aan te doen. Voor de bedrijven die blijven is het echter zaak om realistisch te begroten.

Arbeid is in Nederland relatief duur en moet zo efficiënt mogelijk worden ingezet. Het mestverhaal is bekend. De mestafzetkosten blijven, als er geen oplossingen komen voor het mestoverschot, een bedreiging voor de concurrentiepositie. Steenbreker: “We zullen als sector dat mestprobleem op moeten lossen.”

In de huidige harde tijden blijkt nogal eens volgens Steenbreker dat bedrijven op basis van onrealistische uitgangspunten zijn gefinancierd. “De lat ligt dan te hoog en ze redden het niet onder de huidige omstandigheden.” Steenbreker wijt dat aan niemand in het bijzonder. “Iedereen was er bij. De ondernemer, de bank en zijn adviseurs.” Wat ook duidelijk is, is dat bedrijfsontwikkeling in de varkenshouderij op het ogenblik veel meer een zaak is van scherp rekenen en ondernemen op het scherp van de snede. Dat is veel meer dan vroeger het geval zegt Steenbreker.

Albert Knijnenburg van de Rabobank vindt het te generaliserend om in zijn algemeenheid te spreken over te zwaar gefinancierde bedrijven. “We bekijken per bedrijf de situatie. Uit de jongste LEI-analyses blijkt dat we als Nederland de concurrentie nog redelijk aan kunnen.” Hij is het met Steenbreker eens dat de mestafzetkosten zwaar op de jaarlijkse exploitatiekosten drukken. “De sector moet op korte termijn dat probleem oplossen en er voor zorgen dat mineralen tot waarde kunnen worden gebracht.

Foto

Of registreer je om te kunnen reageren.