Varkenshouderij

Achtergrond 202 x bekeken

Stoppen met castreren geen puur Nederlands issue meer

Berengeur en stoppen met castreren van mannelijke biggen staan centraal op de internationale conferentie ‘Boars heading for 2018’ in Amsterdam. Onderzoeker Gé Backus en LTO-voorvrouw Annechien ten Have verwachten dat de conferentie het onderzoek zal steunen en non-castratie verder geaccepteerd gaat worden in de markt.

Zo’n 135 onderzoekers, deskundigen op het gebied van berengeur, zijn deze dagen in Amsterdam bijeen om de voortgang in het berengeuronderzoek te bespreken. Het overgrote deel van de aanwezigen komt uit de verschillende landen van de Europese Unie, een enkele uitzondering daargelaten.

Nederland speelt in het berengeuronderzoek een belangrijke voorttrekkende rol. Sinds de verklaring van Noordwijk in 2007 waarbij de Nederlandse varkenshouderij-organisaties, vleesverwerkers en de retail zich uitspraken om te komen tot een castratieverbod per 2015 is er veel gebeurd. Een belangrijke ontwikkeling is geweest dat de Europese commissie vorig jaar kwam met de verklaring van Brussel waarin de ambitie wordt uitgesproken dat castreren van mannelijke biggen per 2018 beëindigd moet zijn. Trekker van die verklaring was de Italiaan Andrea Gavinelli, hoofd van de afdeling dierwelzijn van het directoraat Sanco (volksgezondheid en consumentenzaken). Gavinelli is een van de belangrijke sprekers op het congres en zal zijn licht laten schijnen op het voorgenomen Europese beleid op het gebied van non-castratie.

Programmaleider van het Nederlandse onderzoek naar berengeur is Gé Backus. Hij is bovendien voorzitter van het organisatiecomité van het congres in Amsterdam. ”Het doel van dit congres is dat we zoveel mogelijk leren van elkaar”, zegt Backus. We hebben in Nederland grote stappen gezet en willen onze resultaten zoveel mogelijk delen met de andere landen, zonder dat we nu per sé gidsland willen zijn.” Backus wijst er op dat non-castratie in steeds meer landen leeft en actueel wordt. In Duitsland zijn praktisch alle slachterijen bezig met dierenwelzijn en de mogelijkheden om te stoppen met castreren. Hetzelfde geldt in landen als Italië, Oostenrijk en Denemarken.

Als grootste knelpunt in het berengeurdossier ziet Backus het probleem van de mythevorming, die onderzoekers belemmert om onbevangen en onbevooroordeeld het probleem te bekijken en te analyseren. Backus: ”Het idee was altijd dat berengeur voorkwam bij 20 tot 30 procent van de beren, een behoorlijk probleem dus. Nu blijkt in ons onderzoek en ook in dat van andere landen dat het slechts drie tot vier procent van de beertjes betreft. Het probleem krijgt meteen andere proporties.”

LTO varkenshouderijvoorzitter Annechien ten Have is vanuit de Nederlandse varkenshouderijsector een belangrijke trekker aan het berengeurprobleem. Zij hoopt dat de conferentie die nu wordt gehouden er aan bij kan dragen dat er meer internationale acceptatie ontstaat voor non-castratie. ”Het blijft zoeken naar draagvlak.” Zij hoopt dat er aan het eind van de conferentie meer inhoud is gegeven aan de verklaring van Brussel. ”Tot nu toe is de Europese Unie nog vrij passief geweest in haar opstelling in dit dossier. Er is een helder signaal nodig om alle landen de zelfde richting op te krijgen. Frankrijk bijvoorbeeld houdt zich nog erg op de achtergrond als het om non-castratie gaat.”

Gé Backus zal een tevreden man zijn als er aan het eind van het congres kan worden geconcludeerd dat de Europese trein op dit gebied voortrijdt en dat alle wagons (lees lidstaten) aangehaakt zijn. ”Het is niet meer alleen een Zwitsers of Nederlands issue; het is een Europese zaak.”

Foto

Of registreer je om te kunnen reageren.