Varkenshouderij

Achtergrond 131 x bekeken

En de kleintjes verdwijnen

De boer wil liefst een gezinsbedrijf, kleine deeltijders moeten afhaken.

Een paar pagina’s verderop vertellen boeren en boerinnen wat ze een mooie of wenselijke grootte voor een varkensbedrijf in Nederland vinden. Om de meningen bij elkaar te krijgen hebben we aan de hand van een willekeurige lijst van 150 Boerderij-abonnees een stel boeren gebeld.

Het is opvallend hoe eensgezind de ‘geënquêteerden’ zijn: het wenselijke varkensbedrijf van de toekomst is een tweemansbedrijf. Het wordt óf geleid door boer en boerin, óf door de boer en een vaste medewerker. Geen woord komt er spontaan van de ondervraagde varkensboeren over megagrote bedrijven met duizenden zeugen of tienduizenden varkens. Tenminste, niet als een wenselijke en dus nastrevenswaardige bedrijfsomvang.

Op basis van onze kleine steekproef kunnen we zeggen dat de Nederlandse varkensboer wil groeien, maar niet wil morrelen aan de structuur van de primaire productie.

Het liefst ziet hij een gesloten bedrijf met zoveel zeugen en vleesvarkens dat de vaste arbeidskrachten het werk net aankunnen. Momenteel praten we dan over zo’n 400 à 500 zeugen met bijbehorende vleesvarkens.

Wat ook opvalt is dat onder de negen ondervraagde boeren er zomaar drie zijn die tussen nu en de komende paar jaar met hun bedrijf stoppen. Die investeren niet meer in welzijnsverbetering. Nou is dat natuurlijk geen nieuws, iedereen kan in zijn buurt wel een paar stoppers aanwijzen, maar het maakt de verwachte kaalslag onder de huidige 6.000 varkensbedrijven ineens zo tastbaar. Kennelijk is er onder het huidige economische en wettelijke regime in Nederland geen ruimte voor de deeltijdboer met een kleine varkenshouderijtak naast een baan of andere activiteit.

De grote verandering de komende paar jaar is niet alleen dat er straks een paar megavarkensbedrijven bijkomen. Voor het aanzien van de sector is het misschien wel net zo ingrijpend dat in heel hoog tempo de kleinste bedrijven afhaken.

Foto

Of registreer je om te kunnen reageren.