Rundveehouderij

Nieuws 6645 x bekeken 3 reacties

Bijna de helft van het jongvee ligt te weinig

Onderzoek van het sta/liggedrag van jongvee levert geen link met mortellaro op. Wel blijkt de jongveehuisvesting onvoldoende te zijn.

Er is geen duidelijk verband tussen het sta/liggedrag van jongvee en het optreden van de ziekte van Mortellaro (Digitale Dermatitis) bij jongvee. Dit blijkt uit een onderzoek van studenten Niek Hunse en Dirk-Jan Schuring van Terra MBO Groningen, in opdracht van het Nederlands Klauwgezondheidscentrum (NKGC). De studenten analyseerden het sta/liggedrag van 730 stuks jongvee van 12 tot 16 maanden oud op zeventien bedrijven, met behulp van timelapscamera’s, gedurende 48 uur.

Van de zeventien melkveehouders waren er zes waar mortellaro een probleem onder het jongvee was. Bij de rest kwam mortellaro wel voor, maar niet in ernstige mate. Twee van de bedrijven, gezamenlijk 100 stuks jongvee, behandelden actief tegen mortellaro. De een paste een klauwenbad toe, de ander gebruikte een rugspuit met kopersulfaat en formaline. De rest van de veehouders was niet bekend met het behandelen van jongvee, of vindt klauwverzorging bij jongvee te veel werk.

Besmettingsbronnen voor mortellaro

De beoordeelde stallen waren een mix van oudere en nieuwe gebouwen. De nieuwere stallen hebben beduidend meer loopruimte achter het voerhek en tussen de rijen ligboxen. Vijf van de zeventien veehouders hadden een roosterschuif, of schoven handmatig de roosters schoon. Natte roosters en opgehoopte mest achter ligboxen staan bekend als besmettingsbronnen voor mortellaro. Op de bedrijven die de roosters schoonhielden kwam 30% minder mortellaro voor dan bij de overige bedrijven.

Uit de timelapsbeelden bleek dat 45% van het jongvee te veel stond. Maar er was geen link te leggen naar het percentage mortellaro onder het jongvee en het vele staan. Mortellaro kwam net zo vaak voor op de bedrijven waar de dieren voldoende liggen, als op bedrijven waar de dieren veel te weinig rusten.

Huisvesting schiet tekort

Er lijkt dan geen verband tussen sta/liggedrag en mortellaro te zijn, de timelapsvideo’s van de studenten maakt wel duidelijk dat er nog veel schort aan de huisvesting van jongvee. Een rund is zo’n dertien uur per dag bezig met liggen en herkauwen, zes uur met vreten en drinken en vijf uur met lopen/sociaal gedrag. Bijna de helft van het jongvee ligt dus minder. De verhouding staan/liggen is gemiddeld 50/50 met uitschieters naar 80/20, terwijl dat minimaal 40/60 moet zijn. Door meer te staan is de belasting van de klauwen hoger, met meer kans op zoolbloedingen tot gevolg.

Dit te weinig liggen is volledig te wijten aan de huisvesting. Bij zes van de zeventien veehouders waren de boxen met 90 tot 100 centimeter te smal voor de pinken. Op een enkel bedrijf met boxen met voldoende breedte werden bepaalde boxen in de stal gemeden door de dieren. Dit had met name te maken met óf te korte boxen, óf luchtstromen boven die specifieke boxen. Runderen mijden plaatsen met tocht.

In deze stal mijden de pinken duidelijk een aantal ligboxen. Deze verschillen qua lengte en breedte niet van de anderen, waarschijnlijk hebben de dieren hier last van tocht.

Verder speelde de ruimte in de stal een rol. Op bedrijven met overbezetting kwamen pinken onvoldoende aan hun ligtijden. Ook krappe ruimtes tussen ligboxen en ligboxen en voergang spelen daarbij een rol. Dieren moeten te veel moeite doen om bij een box te komen en blijven daardoor staan lummelen.

Verkeerd afgestelde boxen leiden ertoe dat dieren zoeken naar een geschikte ligplek en met de voorpoten in de box blijven staan.

De zeven bedrijven met de ruimste boxen (110 centimeter) waren ook de bedrijven waar de rubberen matten voorzien waren van voldoende strooisel en waar de boxen het schoonst waren.

Vreten belastend voor klauwen

Naast de vaak krappe boxen, signaleren de studenten ook dat het voeren van invloed is op het gedrag van de pinken. Op vijftien bedrijven werd maar één keer per twee dagen gevoerd en werd maar één keer per dag het voer aangeschoven. Ter vergelijking: bij de koeien wordt er dagelijks gevoerd en twee tot drie keer per dag aangeschoven. Gevolg is dat de pinken veel gaan lopen om bij een hoopje voer te komen, en gaan reiken naar het voer op de voergang.

Deze dichte vloer is aan de gladde kant, de pinken lopen er voorzichtiger over. Opvallender is het selectiegedrag aan het voerhek. Pinken staan op verschillende plekken te vreten, waarbij één het wel heel bont maakt als de rest ligt.

Dat betekent niet alleen te veel tijd besteden aan lopen, maar ook het reiken is slecht voor de klauwen. Door zich uit te strekken verschuift het zwaartepunt van een dier zich op de voorpoten. Die extra belasting kan zoolbloedingen tot gevolg hebben.

Laatste reacties

  • landboer

    Jonge mensen liggen ook wel eens te weinig...

  • Barneveldsei

    En mensen die niet werken liggen ook te veel. En verslaafde mensen belasten hun armen of vingers door hun mobieltje vast te houden tijdens het gamen.

  • interessant artikel. De inhoud van de boodschap: veehouders, weest bewust van de waarde van uw toekomstig kapitaal (aankomend melkvee) en optimaliseer altijd de leefomstandigheden van uw opgroeiende dieren. Dat vertaalt zich op de langere duur in robuuste kapitaal dragers! Dus investeer in de opfokperiode van kalf tot koe zodat u van uw melkkoeien de vruchten kunt plukken

Of registreer je om te kunnen reageren.