Rundveehouderij

Nieuws 1086 x bekeken laatste update:14 apr 2016

Speendip kalveren grotendeels te voorkomen

Door rond het spenen een kalf geen andere veranderingen te laten ondergaan, is de speendip zo beperkt mogelijk te houden. Dit stelt dierenarts Siert-Jan Boersma.

Spenen is een kritisch moment voor kalveren. Een speendip is nooit helemaal te voorkomen, maar door rond het spenen geen andere veranderingen te laten plaatsvinden is de dip zo beperkt mogelijk te houden. Dit stelt Siert-Jan Boersma van Stad tot Wad Dierenartsen en mede-eigenaar van de JongveeCoach in Veehouder&Veearts.

4 liter biest binnen een uur na geboorte

Een goede voorbereiding op het spenen begint volgens Boersma al met de biestverstrekking, het liefst 4 liter binnen een uur na de geboorte. Kalveren die voldoende biest binnen krijgen hebben niet alleen meer antistoffen maar ook bouwstoffen, waardoor een kalf gedurende de hele opfokperiode harder groeit.

Voor het bepalen van het juiste speenmoment adviseert Boersma de kalveren te wegen. Vuistregel is: tweemaal het geboortegewicht is speengewicht. Toch ziet Boersma minder problemen met een hoger gewicht. Naast het gewicht is ook de conditie belangrijk, bij een kalf mag eigenlijk geen ruggengraat te zien zijn. Na het spenen vindt de dierenarts de groepssamenstelling belangrijk. Het leeftijdsverschil mag niet groter zijn dan 14 dagen; bij grotere verschillen maken de jongste kalveren een grotere speendip door.

Verminderde weerstand, hogere infectiedruk

Elk kalf heeft rond het spenen een verminderde weerstand omdat het niveau van antistoffen uit biest afgenomen is en de eigen weerstand nog laag is. Dat kan op veel bedrijven tot problemen leiden omdat de infectiedruk hoog is door een hogere bezettingsgraad. Er is wel geïnvesteerd in nieuwe koeienstallen, maar de stalcapaciteit voor jongvee is op veel bedrijven nog niet uitgebreid of aangepast.

Of registreer je om te kunnen reageren.