Rundveehouderij

Nieuws 659 x bekeken

Snelheid typeringsonderzoek niet cruciaal bij BVD type 2

Deventer – Medio juni is op een kalverbedrijf in Noord-Brabant BVD type 2 vastgesteld. Het is het negende geval van deze ziekte die afkomstig is uit Duitsland.

Er zijn geen aanwijzingen op verspreiding van de ziekte vanuit deze negen bedrijven.

Dat het negende geval pas ruim een week later bekend is gemaakt dan dat het is vastgesteld, is volgens de Gezondheidsdienst voor Dieren ( GD) niet gevaarlijk. Bert de Lange van GD zegt dat het betrokken bedrijf en de dierenarts natuurlijk wel direct zijn ingelicht. “Maar een directe landelijke publicatie gaat te ver. We melden ook niet elk geval van IBR.”

Vorige week heeft Ger Koopmans, voorzitter van LTO vakgroep kalverhouderij, nog zijn kritiek geuit over de snelheid van werken. Hij vindt het ‘niet van deze tijd’ dat het enkele weken moet duren voordat het BVD type is vastgesteld.  Dat levert volgens hem teveel gevaar met het oog op verspreiding van de besmetting van het ernstige type 2, waarbij tot 90 procent van de kalveren die ermee getroffen zijn binnen twee a drie dagen sterft.

De GD wijst die kritiek van de hand. Volgens De Lange is het juist van belang dat de driehoek veehouder, dierenarts en deskundige van de GD in stand blijft. Een vroege signalering van de verschijnselen zijn cruciaal. “Het vermoeden dat het om BVD gaat, en dan waarschijnlijk type 2, is vrij snel te trekken. Een test in ons eigen lab kan al heel snel aangeven of het daadwerkelijk om BVD gaat.” Volgens GD zijn dan alle hygiënemaatregelen allang genomen, als het goed is al vanaf het moment van verdenking. Dat daarna nog een typeringsonderzoek in Duitsland moet volgen om type 2 formeel te bevestigen, heeft dan geen enkel effect op de maatregelen die genomen worden om verspreiding van de ziekte te voorkomen.

Of registreer je om te kunnen reageren.