Rundveehouderij

Nieuws 2130 x bekeken 1 reactie

Melkveehouderij verstevigt positie als sterkste tak

Den Haag - De melkveehouderij versterkt zijn positie als de meest stabiele en veerkrachtige tak van de land- en tuinbouw. Dit blijkt uit de gegevens die het LEI, onderdeel van Wageningen UR, heeft verzameld in het Landbouw-Economisch Bericht (LEB) 2013.

Ondanks een gemiddeld iets lager inkomen dan in topjaar 2011, zijn de ontwikkelingen in de melkveehouderij positiever dan in de meeste andere sectoren. De daling van het aantal bedrijven loopt steeds verder terug, het opvolgingspercentage is er het hoogst van de hele land- en tuinbouw (64 procent), en loopt langzaam weer op en ook de bedrijfscontinuïteit is er het hoogst. Dit cijfer geeft een indicatie van het percentage bedrijven dat op middellange termijn zal worden voortgezet. Nog een indicatie voor de stevige positie van het gemiddelde melkveebedrijf is volgens het LEI het percentage bedrijven met langdurige liquiditeitstekorten (drie jaar of meer). Dat is, ondanks regelmatige berichten van het tegengestelde, het laagst in de akkerbouw en de melkveehouderij en beloopt de laatste jaren zo'n 5 procent.

Net als het totale aantal bedrijven, liep vorig jaar ook het aantal quotumhouders nog steeds terug. Toch verliep de daling van het aantal quotumhouders ook langzamer dan in eerdere jaren. Het aantal melkveebedrijven daalde volgens het LEI vorig jaar van 17.236 naar 16.902 stuks, het aantal quotumhouders daalde van 18.528 naar 18.135 stuks.

Het opvolgingspercentage in de melkveehouderij is, weinig verrassend, het laagst bij de kleinere bedrijven en het hoogst bij de bedrijven met 8 ton melk en meer. Bedrijven met een quotum van meer dan 2 miljoen kilo komen er langzaamaan steeds meer, maar ze zijn vooral te vinden in Friesland, Groningen en Noord-Brabant.

Eén reactie

  • koestal

    Daarom wil Dijksma versneld meer Natura 2000 terreinen

Of registreer je om te kunnen reageren.