Rundveehouderij

Nieuws 430 x bekeken

Moment van Schmallenberg-besmetting verschilt per land

Parma – De maand waarin het Schmallenberg-virus dieren in Europa heeft besmet verschilt per land. Dat blijkt uit de meest recente analyse van het Europees Autoriteit voor Voedselveiligheid (Efsa).

Volgens Efsa is de kritieke periode waarin een schaap besmet kan raken met het Schmallenberg-virus op dag 30 van de dracht. Runderen zijn het meest gevoelig voor het virus op dag 90 van de dracht. Uitgaande van verschillende aflammerseizoenen in de verschillende landen is de piek in het aantal besmettingen ook per land verschillend, zo concludeert Efsa.

In Duitsland en Frankrijk heeft het virus vooral in oktober huisgehouden en drachtige ooien besmet. In Nederland en België zijn de meeste dieren in september met het virus in aanraking gekomen. In Engeland zijn de dieren wat later besmet, in november. Het is niet bekend welke maand het meest kritiek is geweest voor Luxemburg, Italië en Spanje.

Het Schmallenberg-virus is tot dusver aangetoond in acht landen (Nederland, België, Duitsland, Luxemburg, Italië, Spanje en het Verenigd Koninkrijk). Zwitserland, Denemarken en Noorwegen hebben misvormde dieren gerapporteerd maar het virus is bij deze dieren met de huidige testen niet aangetoond.

Het aantal besmettingen in Nederland staat tot donderdag op 226 runderen, 107 schapen en 9 geiten. Van het aantal gerapporteerde misvormde lammeren in Nederland is bij 30,7 procent het Schmallenberg-virus aangetoond. Bij runderen is dit 18,2 procent.

Of registreer je om te kunnen reageren.