Rundveehouderij

Nieuws 205 x bekeken

Meer data nodig voor fokwaarde voerefficiëntie

Wageningen – Een fokwaarde voor voerefficiëntie is haalbaar, maar vraagt veel gegevens. Internationale samenwerking maakt ze eerder betrouwbaar.

Wageningen UR en CRV werken samen aan een fokwaarde voor voerefficiëntie. In eerste instantie is binnen Nederland gekeken naar data van dieren waarop die fokwaarde gebaseerd kan worden.

In totaal zijn er gegevens van 599 Nederlandse vaarzen. Uit die data blijkt dat er wel degelijk onderscheid is te maken in aanleg voor voerefficiëntie maar dat door het geringe aantal dieren de betrouwbaarheid van de fokwaarde strandt op 9 procent. Om fokwaarden te kunnen publiceren moet de betrouwbaarheid minimaal 35 procent zijn. Uitbreiding van de dataset naar 1000 dieren leidt tot een betrouwbaarheid van maximaal 41 procent. Bij 4000 dieren gaat de betrouwbaarheid naar maximaal 73 procent. Deze betrouwbaarheid is voldoende voor een nationale publicatie van de fokwaarde voor voerefficiëntie, aldus Wageningen UR.

In Australië zijn ook voeropnamegegevens bekend van kalveren. Daar gaat het om een totaal van 843 dieren. Door de data van de dieren uit Nederland en Australië samen te voegen, neemt de betrouwbaarheid van de fokwaardeschatting licht toe. In Nederland van 9 naar 11 procent en in Australië van 12 naar 15 procent. Nu blijkt dat data uit het buitenland de betrouwbaarheid van de fokwaarde verhoogt, zoekt het Animal Breeding en Genomics Centre van Wageningen UR naar uitbreiding van internationale samenwerking.

De variatie in voerefficiëntie wordt voor 40 procent verklaart uit genetische aanleg. Deze aanleg is te duiden door de fokwaarde voerefficiëntie. Waarschijnlijk realiseert een dier dat efficiënt met zijn voer omgaat ook een lagere methaanemissie. Als er een betrouwbare fokwarde voor voerefficiëntie is, kan ook de vertaalslag worden gemaakt naar de voorspelde methaanemissie.

Of registreer je om te kunnen reageren.