Rundveehouderij

Nieuws 1719 x bekeken

'BSE-test gezonde runderen niet langer nodig'

Parma - Het testen van gezonde runderen op BSE kan voortaan achterwege blijven in 8 Europese lidstaten, waaronder Nederland. Ook dieren ouder dan 72 maanden hoeven niet meer te worden getest om de veiligheid van rundvlees te garanderen. Alleen zieke en dode runderen moeten nog wel op de hersenaandoening worden getest. Dit concludeert de Europese Voedselautoriteit EFSA in een wetenschappelijke rapportage ten behoeve van de Europese Commissie.

De EFSA-werkgroep die zich boog over het advies, baseert haar oordeel op een analyse van het aantal BSE-gevallen door de jaren heen. Op de top in 2001 bedroeg het aantal BSE-gevallen in de Europese Unie (van toen nog 17 lidstaten) 2.157 stuks. Tien jaar later was het aantal gevallen al teruggelopen naar 27. Dit wordt toegeschreven aan een hele reeks veiligheidsmaatregelen die de Europese Unie heeft genomen tegen de verspreiding van BSE. De voornaamste maatregelen zijn een totaalverbod op het gebruik van dierlijke eiwitten in veevoer en strikte scheiding tussen 'risico-materialen' van slachtdieren (met name runderen) en veilige delen. De belangrijkste risicomaterialen zijn de hersenen en de wervelkolom van runderen. Intensief testen van slachtrunderen hielp om besmette dieren er aan de slachtlijn tussenuit te pikken. De laatste jaren is de testleeftijd van runderen geleidelijk aan steeds verder verhoogd. Het laatste voorstel is om slachtrunderen niet meer te testen boven de 48 maanden, maar alleen nog boven de 72 maanden.

De EFSA vindt zelfs die grens voor Nederland, België, Denemarken, Frankrijk, Duitsland, Ierland, Spanje en het Verenigd Koninkrijk niet meer nodig. Daar hoeven wat haar betreft alleen de zieke en dode dieren nog te worden getest op BSE. In Oostenrijk, Italië, Finland, Zweden en Polen kan worden volstaan met het testen van nog maar een fractie van de gezonde dieren. In de overige lidstaten is meer toezicht nodig.

Of registreer je om te kunnen reageren.