Rundveehouderij

Nieuws 146 x bekeken

’Management maakt fokkerijmissers niet goed’

Wolvega – Het fokdoel van veehouders moet leiden tot een veestapel die over 10 a 15 jaar past bij de productieomgeving in de toekomst. Dat zei Roel Veerkamp, fokkerijdeskundige van Wageningen-UR tijdens het Melkvee100plus symposium in Wolvega.

Volgens Veerkamp is in de toekomst een koe nodig die een goede melkproductie combineert met weinig problemen en een hoge mate van zelfredzaamheid. Boeren moeten dan mikken op kenmerken die écht belangrijk zijn. Leidend is de NVI, de verzamelde index waarin alle kenmerken gewogen zijn. Verder kan de veehouder nog kijken naar combinatiewaarden zoals vruchtbaarheid of uiergezondheid. Als laatste komen pas individuele kenmerken aan bod. Veerkamp stelt dat een veehouder dan genoeg heeft aan zo’n tien stieren die passen op de gehele veestapel.

Hij vindt dat boeren vaak te lang wachten met aanpassen van het fokdoel. En verbeteren van het management is niet de oplossing van een gemaakte fout in de fokkerij in het verleden zo stelt hij met een voorbeeld vast. ”Als we in het verleden beter hadden opgelet met de teruglopende vruchtbaarheid hadden we nu niet zoveel kosten hoeven maken voor dierenarts, vruchtbaarheidsbegeleiding, gebruik van extra sperma en inseminaties of zelfs synchronisatie van koeien.”

Veerkamp waarschuwde boeren dat ze vooral de emotie in de fokkerij moeten uitsluiten. De vertegenwoordiger van stieren heeft ”altijd de beste stier in huis. Vraag jezelf af of hij nu zijn stier wil verkopen of dat hij met die stier bijdraagt aan je fokdoel.” Veerkamp adviseert de veehouders het simpel te houden en een afgewogen pakket stieren te kiezen op basis van fokwaarden die passen bij het bedrijf van de toekomst

Of registreer je om te kunnen reageren.