Rundveehouderij

Nieuws 352 x bekeken

Q-koortsbacterie binnen week dood bij compostering mest

Den Haag – De bacterie Coxiella burnetii, die Q-koorts veroorzaakt, sterft voldoende af bij compostering van mest. Dat concluderen onderzoekers van het Centraal Veterinair Instituut (CVI) van de Wageningen UR en de Gezondheidsdienst voor Dieren (GD).

Bij een normaal composteringsproces neemt het aantal Q-koortsbacteriën in de mest iedere 26 uur met een factor tien af. In geval van mest met 10 miljoen bacteriën per gram mest, zijn na 182 uur (7,5 dag) compostering vrijwel alle Coxiella burnetii’s gedood. ”Dit is in het meest ongunstige geval, van 40 graden Celsius van de mest”, aldus de onderzoekers. Bij een mesttemperatuur van 60 graden zijn de bacteriën na vijf dagen gedood.

In het onderzoek werden mestmonsters genomen in mesthopen en onderzocht op de aanwezigheid van Coxiella burnetii. Ook werd de temperatuur op verschillende plaatsen van de mesthoop gemeten.

Uit het onderzoek blijkt dat de temperatuur van de mest in potstallen varieert tussen de 10 en 20 graden Celsius. Dit is lager dan verwacht. Op de mesthoop stijgt de temperatuur in de buitenste mestlagen tot 60 of 70 graden. In de kern van de mesthoop werden temperaturen gemeten van 40 graden. Het verschil ontstaat door de aanwezigheid van zuurstof tijdens het composteringsproces. In de buitenste lagen is meer zuurstof aanwezig, waardoor de compostering sneller gaat.

In de mest van besmette geitenbedrijven blijken 100 tot 10 miljoen bacteriën per gram mest te zitten. Er konden geen levende bacteriën worden aangetoond in de mest.

Op basis van deze onderzoeksresultaten wil het ministerie van landbouw de extra hygiënemaatregelen op geitenbedrijven met Q-koorts, waarbij mest gedurende 150 dagen afgedekt moet worden opgeslagen op het bedrijf, versoepelen.

Of registreer je om te kunnen reageren.