Rundveehouderij

Nieuws 181 x bekeken

LEI: supermarkt en melkfabriek verdelen marge op melk niet altijd

Amsterdam – Als de prijs voor melk in de supermarkt stijgt of hoog staat, blijft de melkprijs vaak achter. De supermarkten of voedingsconcerns houden het verschil. Dat zegt onderzoeker Frank Bunte van landbouweconomische instituut LEI, onderdeel van Wageningen Universiteit.

Volgens de onderzoeker kan niet zomaar worden geconcludeerd dat de supermarkt het verschil houdt. ”FrieslandCampina is net zo goed een verdachte partij als Albert Heijn. We weten gewoonweg nog niet hoe de margeverdeling in elkaar zit.”

Bunte doet de uitspraak bij het internationale congres voor jonge boeren in Amsterdam, georganiseerd door de agrarische jongerenorganisaties NAJK en diens Europese moederorganisatie Ceja.

Bunte vergeleek het verloop van de consumentenmelkprijs en boerenmelkprijs over de periode van 2007 tot nu. Hoewel het verschil nu weer gelijk is aan het begin van de meettijd, zijn de prijsniveaus tussendoor verschillende keren onverklaarbaar uit elkaar bewogen.

De conclusie staat in contrast met de conclusie eerder in het margeonderzoek dat het LEI uitvoerde voor de Nederlandse Mededingingsautoriteit (NMA). Hieruit bleek voor acht productgroepen dat de verschillen tussen producentenprijs en supermarktprijs voor het grootste deel door kosten kunnen worden verklaard. Van het misbruiken van marktmacht door één schakel was geen sprake. Melk werd niet onderzocht.

”De prijs in de supermarkt ging soms omhoog en de melkprijs ook. Als vervolgens de melkprijs daalde, bleef de consumentenprijs wel hoog. Ik zou echter niet willen zeggen dat alleen de supermarkt verdacht is.”

Uit een analyse naar de voedingsmarkt die Bunte momenteel in opdracht van de Europese Commissie uitvoert, blijkt dat voedingsmiddelenconcerns soms opvallend goed boeren. De grootste supermarktketen van Nederland, Albert Heijn, verklaarde eerder dat de marges van supermarkten (circa 5 procent) schril afsteken bij die van voedingsconcerns.

Bunte zei in zijn presentatie tegenover de circa honderd aanwezigen dat in de fruit- en groentemarkt ook verschillen bestaan in prijsverloop. Aanvankelijk konden deze slechts voor een deel aan eerder onbekende kosten kunnen worden toegeschreven. ”Het onverklaarbare deel is later door de NMa nader onderzocht en de conclusie was dat er toch meer kosten worden gemaakt door de voedingsconcerns, handel en supermarkten, dan eerder gedacht. De NMA heeft echter geen details kwijtgegeven.”

Bunte wil de conclusies niet in twijfel trekken, maar voegt wel toe dat het verschil toch wel erg groot was.

Of registreer je om te kunnen reageren.