Rundveehouderij

Foto & video 2160 x bekeken

Snel bouwen met prefab elementen

Wim en Henk van Rooijen bouwen een nieuwe ligboxenstal met 240 boxen. Deze week worden de zijwanden gemaakt. Niks troffel en sleuren met stenen, maar prefab betonplaten met steenprofiel.

Foto

  • Wim (47) en Henk (43) van Rooijen in Ospel (L.) bouwen een nieuwe ligboxenstal voor 200 melkkoeien. Deze krijgt 6 rijen boxen, een Triomatic voerrobot en 3 Lely melkrobots. Voor een vierde wordt de plek ingericht, pas bij groei naar 240 koeien wordt deze geplaatst.
    Voor de nieuwe stal komt een circa 200 vierkante meter grote ruimte voor de neventak die de twee echtgenotes uitbaten.



    Foto’s: Erik van der Burgt (Verbeeld), tekst: Jacco Keuper

  • De wanden van de stal bestaan grotendeels uit prefab wandelementen. Alleen de ontvangstruimte voor het boerenspellengedeelte wordt wel gemetseld. Daar is een spouwmuur net zo duur als geïsoleerde prefabplaten. De gemetselde muur heeft het voordeel dat die direct is afgewerkt bij schoon metselwerk in binnenwand.

  • Naast goedkoper is het ook sneller en ergonomischer bouwen. Het meeste tilwerk doet de kraan.

  • De kraan tilt de prefabwandelementen in een keer op. In de elementen zit een groef waar de snelsluiting van de kraan eenvoudig opgeklikt kan worden.

  • Tijdens het voorwerk is al rekening gehouden met deze bouwwijze. De spanten zijn open van boven. Daarnaast is een extra strip in de spantstijlen gelast, waar de platen tussen zakken. Ook wordt de laatste gording pas na het plaatsen van de wanden gemonteerd, omdat die anders het werk zou hinderen.

  • De kraan laat de platen van boven af langzaam tussen twee spantstijlen zakken.

  • Even begeleiden is bij zo’n nauwkeurig klusje geen overbodige luxe.

  • Onderaan de plaat is een uitsparing gemaakt, zodat het element helemaal tot op de buitenste kelderwand kan zakken. Anders zouden de bouten waarmee het spant op de kelderwand staat dit verhinderen.

  • Het stellen van de wanden is een secuur klusje waarbij de waterpas niet ontbreekt. Eerst wordt gekeken hoe de plaat staat. Omdat de kelderwand nooit 100 procent vlak is van boven, wordt het wandelement hier en daar ondersteund met passtukken.

  • Bij het manoeuvreren heeft heen en weer duwen de voorkeur boven bijvoorbeeld een koevoet. Die geeft puntbelasting, waardoor een hoek uit de plaat zou kunnen breken.

  • Met handschoenen aan werkt het lastiger. Maar dan moet je als bouwvakker niet kleinzerig zijn: pleister om de duim en doorgaan.

  • Vervolgens gaat de plaat weer omhoog en wordt specie aangebracht.

  • Daarna laat de kraanmachinist de plaat opnieuw op dezelfde plek zakken.

  • De specie die weggedrukt wordt door de plaat, is met een handomdraai verzameld. Zo kan de specie bij de volgende plaat nog dienst doen en is de naad netjes afgewerkt. Hoewel je hier later niets meer van ziet, want de bouw wordt nog 20 centimeter aangevuld met grond.

  • Net binnen de wand steken nog stukken betonijzer uit de kelderwand. Deze worden omgebogen en verwerkt in het boxdek. De 7 à 8 centimeter dikke dekvloer sluit aan op de wandelementen en houdt die daarmee ook vast.

  • Na het plaatsen van de wanden heeft de stal direct een heel andere aanblik. De zijwanden zijn bewust 1,20 meter hoog. Ze voorkomen dat een koe die door een box kruipt, het ventilatiezeil beschadigt. Aan de andere kant zijn de wanden zo laag dat de dieren er wel overheen kunnen kijken. Of koeien het uitzicht waarderen? Wim van Rooijen: ,,Dat is niet wetenschappelijk onderbouwd, maar gewoon een gevoelsmatige keuze.”

Of registreer je om te kunnen reageren.