1892 x bekeken 1 reactie

‘Een beestje voor in de vriezer’

Een kween is nergens goed voor, maar ze telt wel mee in de fosfaatrechten, aldus mijn man die denkt dat ze lekker zal smaken.

“Hoe vind je me?”

Ik draai een rondje voor mijn man. Ik heb een nieuwe jas. Een bontjas.

Bont is zo heerlijk zacht en warm. En ik voel me er vrouwelijk in. Onbegrijpelijk, vinden mijn vrienden. Hoe kun je! Toch is bont volgens mij gewoon leer met haartjes. Maar ik zal er nooit beschermde diersoorten voor opofferen. Om me niet bezwaard te voelen, heb ik de volgende oplossing bedacht: een vintage jas van mollenbont. Als dat niet duurzaam is! Tegenwoordig gooien ze die velletjes weg.

Beestje in de vriezer

Mijn man vindt me prachtig, maar heeft ondertussen een praktische vraag:

“Zullen we weer een beestje in de vriezer doen?”

Ik weet dat dit boerenjargon is voor huisslachting. Maar dan gaat hij verder:

“Ik heb een pracht exemplaar. Mooie vetbedekking. Een kween, maar ze telt wel mee in de fosfaatrechten.”

‘Nou, je hebt er niks aan, behalve dat ie lekker gaat smaken’

“Wat is een kween?”

“De vrouwelijke helft van een tweeling. Haar broertje heeft testosteron afgegeven in de baarmoeder van hun moeder. Daardoor ontwikkelen de baarmoeder en de eierstokken zich niet. Het is al tweeënhalf jaar en werd maar niet drachtig. Ik heb niet opgelet.”

Mijn man vindt dat een beetje dom van zichzelf en begint aan een heel verhaal om dat te rechtvaardigen.

Hermafrodiet

Ik streel mijn jas en peins nog even over het verschijnsel kween. Opeens gaat me een lichtje op.

“Het is een hermafrodiet!” roep ik.

“Een wat?”

“Dat is een tweeslachtig wezen. Hermaphroditus is een god uit de Griekse mythologie. De zoon van de god Hermes en de godin Aphrodite. Hij wordt meestal als een vrouwelijke figuur afgebeeld, met mannelijke geslachtsdelen.”

“O”, zegt mijn man, “Nou, je hebt er niks aan, behalve dat ie lekker gaat smaken.”

Over de streep

’s Middags doe ik een mailtje uit naar al onze potentiële klanten, om de belangstelling voor een vleespakket te inventariseren. Ze weten het allemaal wel, maar ik schrijf toch weer dat we biologisch zijn en helemaal antibioticavrij. Deze ‘koe’ heeft bovendien nul krachtvoer gehad en dat levert extra smakelijk vlees op, vol gezonde vetzuren. Dit soort karakteristieken trekt mensen over de streep.

‘Te veel ‘persoonlijke’ details werpen een drempel op om het dier daadwerkelijk op te eten’

Er wordt steeds meer een beroep op de bewuste consument gedaan, om minder vlees te eten en dat is de doelgroep waar wij het van moeten hebben. Ik aarzel of ik het feit dat het om een kween gaat, zal noemen. Uiteindelijk doe ik het maar niet. Te veel ‘persoonlijke’ details werpen een drempel op om het dier daadwerkelijk op te eten. De moderne consument is gevoelig.

Dat vind ik overigens heel goed. Gedachteloos van alles naar binnen schuiven, veroorzaakt dierenleed, milieuschade en gezondheidsklachten. Dan denk ik aan de mollen aan mijn kapstok en de Griekse godheid voor in de vriezer. Wat zijn we toch vreemde schepsels met elkaar.

Eén reactie

Of registreer je om te kunnen reageren.