Boerenblog

1963 x bekeken 3 reacties

Samen naar Amerika

Alta en CRV trekken samen op in de Verenigde Staten. Daarvoor is het tijd om extra zekerheden in te bouwen. Dat betekent daling in fokwaarde.

Onlangs gaf AI Total een inleiding op onze studieclub. De medewerker van dit nieuwe ki-bedrijf vertelde enthousiast over hun pakket. Vanuit de zaal ging verreweg de meeste belangstelling uit naar de allernieuwste en hoogste GTPI-stiertjes. Van top genomicstiertjes probeert men zo vroeg mogelijk rietjes te winnen en deze voor hoge prijzen te verkopen. Er wordt bijna om gevochten, want in de GTPI-fokkerij telt alleen de allerhoogste. Het is zaak je spoeling met de top-stier rond te krijgen en het kind te verkopen voordat de stiervader weer daalt. Na een paar maanden zijn er weer nieuwe toppers. De stiertjes die eerst €200 per rietje kostten, zakken dan terug naar €18.
In deze wereld wil CRV een rol gaan spelen en dat gaat het samen doen met Alta. CRV wil, net als FrieslandCampina, Rabobank en Vion, zijn deskundigheid in het buitenland verkopen. Helaas snapt het buitenland onze NVI niet. Dat betekent dat onze toppers omgerekend moeten worden. Daarbij wordt altijd zekerheid ingebouwd en dat betekent daling in fokwaarde.
Wil je internationaal scoren, dan moet dat na de komst van genomics in GTPI. Concreet betekent dit waterstieren. Amerikanen fokken namelijk op kilogrammen vet en eiwit in plaats van op percentages. Ook is er in de Verenigde Staten veel respect voor grote koeien met een smalle voorhand. Klauwgezondheidscores kennen ze daar niet.
Toch verwacht CRV dat wij als leden-klanten ook gaan profiteren van dit bredere en gevarieerdere aanbod. Laten we wel wezen, alle Holsteins komen uiteindelijk uit Amerika en men loopt daar voorop. Amerikaanse veehouders gaan echter wat anders om met hun dieren. Voor een zieke koe met te weinig kans op herstel hebben ze altijd het geweer achter de hand om het probleem snel op te lossen. Wij Nederlanders zitten dagen of weken met zo'n koe te prutsen.
Alta speelt het GTPI-spelletje goed. In de top zeven zijn zes stieren van Alta, waaronder de nummer 1 met bijna 2.600 GTPI. Bedenk: alleen de bovensten tellen, de rest is niet interessant. Overigens kan de lijst er over twee maanden heel anders uitzien.
Door de GTPI-race zijn we weer helemaal terug bij de situatie als tijdens de Inet-fokkerij: alleen nog maar hoog-maal-hoogparingen. Ik ben daar bepaald geen voorstander van. Ik zie liever een ambachtelijke fokkerij, waarbij rekening wordt gehouden met een breed scala aan erfelijke factoren. Een koe wordt immers afgevoerd om een zwak punt en die zwakke punten moeten vermeden worden.
Planet, Bolton, Shottle en Man o Man zitten veel voor de GTPI-toppers. Stuk voor stuk vererven ze slecht beenwerk. Het zou dan ook goed zijn als vanuit de Gezondheidsdienst voor Dieren eisen gesteld werden aan de te vermarkten stieren. Dus behalve IBR-vrij ook minimaal 105 voor celgetal of klauwgezondheid. Bij stieren met een lage betrouwbaarheid zou die grens hoger moeten liggen. Dan bouwen we zekerheden in in de kwaliteit van onze melkveestapel en de voedselproductie.

Laatste reacties

  • hansvanbergen

    Ik moet even reageren namens AI Total. Het is niet zo dat de jonge gtpi stieren van AI Total dalen. Hooguit komen nieuwe stiertjes hoger uit. Bij AI Total dalen de stiertjes na een half haar 50% in prijs en zakken niet meteen door naar 18 euro. Ik doelde eigenlijk op jonge gtpi stieren in het algemeen en niet op AI Total stieren in het bijzonder. Die indruk zou echter wel gewekt kunnen zijn.

  • el

    Als AI Total voor een rietje 18 euro willen hebben kunnen ze maar beter niet naar de VS komen! Want voor de helft en minder, kun je hier genoeg sperma kopen!

  • joannes

    Wat het echte probleem is voor die drang naar het buitenland is dat de Nederlandse schaal de kosten niet kunnen dragen om met de nieuwste technologieën mee te ontwikkelen, zo lijkt me! Of het nu commercieële of vaktechnische technologie is, zodra een bedrijf de Nederlandse maat ontgroeit, blijken er altijd redenen te vinden waarom een goede basis moet gaan bijdragen aan Internationale expansie met vaak, zo leert de ervaring, dramatische resultaten. Resultaten die er uiteindelijk toe leiden dat de Nederlandse basis te zwak is om de onvoorziene extra lasten te dragen en daarmee het bedrijf naar of hogere kosten voor de Nederlanders of zelfs verlies van het bedrijf drijven. Het is jammer dat bestuurders niet de risico´s inzien van internationaliseren. Het zal die drang naar groei en groot zijn, waar ook boeren zich in herkennen die ze de ruimte geeft zulke bestuurlijke beslissingen te nemen. Weinigen hebben een glazen bol en hoop dat het deze keer wel goed zal gaan wordt met studies en rapporten van derden altijd gestaafd om de laatste twijffelaars met de zogenaamde deskundigen te overtuigen. Een praktische boer weet beter, succes bouw je in jaren met relatief tot de basis kleine experimenten. Falen is eenvoudig je basis te hoog belasten met te grote experimenten. VION en de Rabobank weten dit inmiddels uit ervaring.

Of registreer je om te kunnen reageren.