Redactieblog

1542 x bekeken

Op één been kun je niet staan

FrieslandCampina doet het uitstekend in de zuivel. Nu is het van belang de aanvoer- en afzetlijnen open te houden. Achilleshiel kan zijn dat de aanvoer van melk vanuit slechts één klein gebied komt.

Bovenstaande wijsheid werd in het verleden nog wel eens gebruikt om de alcoholconsumptie aan te moedigen (met soms het gevolg dat het op die twee benen ook moeilijker ging). In de sierteelt was genoemde overweging zo'n twintig jaar geleden al aanleiding om niet alleen Nederlandse snijbloemen voor de klok te brengen, maar ook steeds meer buitenlandse bloemen. Meer aanvoer en een ruimer aanbod trekt meer klanten en genereert meer omzet. Dat zou uiteindelijk gunstig zijn voor de Nederlandse bloemenveilingen en hun leden. Die waren aanvankelijk terughoudend, maar zagen later in dat het voor het totale bloemencluster in Nederland niet zo'n gek idee was.

Tweede aanvoerpoot
In de vleessector is de verwerving van een buitenlandse poot niet altijd zo'n succes gebleken. Vion heeft er in ieder geval niet de beste ervaringen mee. Toch valt er wel wat te zeggen voor de verwerving van een tweede aanvoerpoot. De Nieuw-Zeelandse zuivelindustrie kreeg al in 1986 voet aan grond in de Chileense zuivel. Misschien was risicospreiding toen nog niet zo'n punt van aandacht. Ongeveer twee jaar geleden, toen Fonterra een samenwerking met A-ware Food Group aanging en een grotere aanvoer in Europa  ging zoeken, was dat wel degelijk een zwaarwegend punt. Als Nieuw-Zeelands product om de een of andere reden tijdelijk niet gebruikt zou kunnen worden,  door een dierziekte of een geschil met een afzetland, zou er altijd nog verkocht kunnen worden vanuit een andere regio.
Voor FrieslandCampina gaat dit punt in zekere zin ook steeds meer wegen. De sterke afhankelijkheid voor de verdiensten van China is één punt van zorg. De geografisch gezien smalle aanvoerbasis is een ander punt, want deze is kwetsbaar. Daarmee staat de Nederlandse zuivelreus ook zwakker dan de Europese concurrent Arla. Die zit tenminste nog verspreid over zes Europese landen.
FrieslandCampina praat wel met zijn leden over dit onderwerp, maar tot een echte stap om het probleem te verhelpen is het nog niet gekomen. De koop van een pakketje aandelen in het Nieuw-Zeelandse Synlait begin dit jaar was meer een symbolische daad.
Misschien blijft een verdere stap ook uit omdat de leden er nog niet helemaal rijp voor zijn. Want hoe zou dat moeten, samen met Australiërs, Zuid-Amerikanen of Amerikanen in één coöperatie? Of verdient het de voorkeur om over de grens een private zuivelaar te kopen? Kansen lijken er wel te zijn, het geld ook.

Of registreer je om te kunnen reageren.