230 x bekeken 1 reactie

Niet elke veehouder kent de regels

20 procent van melkveehouders in het Boerderij-lezerspanel zegt niet te weten welke regels gelden voor preventie van bijvoorbeeld MKZ.

Het is tien jaar geleden dat mond- en klauwzeer (MKZ) uitbrak. Het is iets dat ook nu nog een traumatische periode is voor velen in de landbouw, zeker voor melkveehouders in de getroffen gebieden. Het was reden voor Boerderij zijn lezerspanel eens te vragen hoe het staat met de kennis van de preventieregels tegen besmettelijke dierziekten. De resultaten stellen niet meteen gerust.

20 procent van melkveehouders kent ziekteregels niet

In het panel zegt namelijk precies een op vijf panelleden (20 procent) met een melkveebedrijf geen idee te hebben welke regels voor preventie van besmettelijke dierziekten als MKZ precies voor zijn bedrijf gelden. Onder alle veehouders in het panel is dat 13 procent. Van de melkveehouders in het lezerspanel zegt 6 procent: ‘Ik ken de regels, maar pas ze om praktische of financiële redenen (grotendeels) niet toe’.
De aan het lezerspanel voorgelegde vraag was : ‘Bent u op de hoogte van de regels die voor uw veebedrijf gelden voor de preventie van besmettelijke dierziekten als MKZ en varkenspest?’ Aanleiding was zoals gezegd het feit dat MKZ tien jaar geleden uitbrak in ons land.

Naleving zal meevallen

Een kanttekening is wel op zijn plaats. Van de 20 procent van de panel-melkveehouders die zeggen niet exact te weten welke ziektepreventieregels gelden, zal een flink deel overigens waarschijnlijk toch veel van die regels naleven, via kwaliteitssystemen en afnemerseisen. Met de naleving in de sector zal het dus meevallen.
Een grotere groep zegt de regels wel te kennen, en (meestal) ook uit te voeren. Niettemin zeggen de resultaten wel iets over de melkveesector: men doet aan ziektepreventie, maar lang niet altijd bewust. Dat is onder varkenshouders heel anders, is de indicatie bij het panel. Lees hierover meer in Boerderij van deze week.

Kleine correctie

Nog een opmerking over de panelpagina in Boerderij. De geplaatste grafiek weerspiegelt niet de cijfers van de melkveehouders in het panel, maar van alle panelleden die een of meer typen vee houden. Kortom: de cijfers in de tekst over de melkveehouders kloppen en de grafiek klopt ook, ze sluiten helaas niet op elkaar aan en kunnen daardoor verwarring geven. Boerderij plaatst hierover een korte toelichting op de panelpagina van de volgende uitgave, nummer 25.

Geef ook uw mening!

Wilt u ook uw mening laten meetellen in Boerderij? Meld u dan aan voor het lezerspanel.

Foto

Eén reactie

  • no-profile-image

    J.R. Jalvingh

    Het valt ook niet mee om alles bij te houden. Ook versoepelingen komen blijkbaar niet altijd aan als ik de reactie van Anita Heijdra in de Boerderij lees. De 21 dagenregeling is twee jaar terug aangepast en er is nu beter mee te werken.

    Waar ik me wel aan stoor in al deze regels is het feit dat een normale veeveiling niet meer te organiseren is. Ik heb afgelopen zomer op de NRM een kalf laten veilen en dat moet dan eerst weer 21 terug naar het bedrijf met alle onderzoeken voor de gezondheidsstatussen en dus ook kosten er allemaal bij. Pas daarna mag het betreffende dier naar het bedrijf van de koper.

    In de ons omringende landen worden nog wel reguliere veilingen gehouden waarbij dus dieren van verschillende bedrijven worden geveild en direct na afloop van het bedrijf worden vervoerd naar de koper. Ook naar nederlandse kopers toe.

    De prijsvorming op dit soort veilingen is veel transparanter en liggen ook op een veel hoger niveau als dat we hier in Nederland kennen. Ook kunnen kopers daar makkelijker een koppel dieren tegelijk kopen. Hier zijn we overgeleverd aan de handel en ontvangen we lang niet prijzen van het niveau in Duitsland en België. De gemiddelde prijzen liggen daar de laatste tijd zo op 16-1700 euro voor afgekalfde vaarzen.

Of registreer je om te kunnen reageren.