Redactieblog

171 x bekeken 2 reacties

Weidegangdiscussie in vleesveeland

Mijn vorige weblog ‘Weidepremie niet alleen voor melkvee’ maakte wat los in vleesveeland, gezien de reacties erop. Leuk om te lezen hoe de meningen uiteen lopen. De één is lovend over het idee om ook weidegang bij vleesvee te belonen, de ander heeft bedenkingen.

Zo wijst Leonard Schaap me erop dat het economisch gezien de meest verstandige keuze is voor een vleesveehouder om zijn dieren weidegang te bieden. Dat klopt. Maar dat is het volgens mij niet alleen bij vleesvee. Ook in de melkveehouderij is dat het geval.

Praktijkonderzoek Veehouderij (nu ASG) berekende voor Boerderij dat een bedrijf met 80 melkkoeien bijna €13.000 goedkoper uit is bij weidegang.

Ook in een ander artikel rekende mijn collega Kristel Kort aan het rendement van weidegang. Daarbij bleek ook dat de arbeidsopbrengst bij summerfeeding lager ligt dan bij weiden Klik hier voor het artikel. En desondanks keert Cono wel een bonus uit, en zijn er de andere genoemde initiatieven.

Maar ik snap de gedachte achter de opmerking wel: waarom moet je geld ontvangen voor iets dat je ook zonder vergoeding zou doen? Schaap vergelijkt het ontvangen van subsidie met de bijstand: geld zonder dat je er iets voor doet. Die vergelijking vind ik niet helemaal juist. Hier staat wel een tegenprestatie tegenover: je vervult een maatschappelijke wens, je levert een belangrijke bijdrage aan de plattelandsontwikkeling en het plattelandsbeheer.

Bovendien is het geld dat de sector van oudsher toekomt. De Mac Sharry-premies ontstonden doordat de prijssteun op onder meer vlees werd afgebouwd. Ze compenseerden slechts een deel van de prijsval. Nu het systeem van dierpremies is omgevormd in toeslagrechten, vindt er niet alleen bevriezing op een bepaald niveau plaats, maar ook afroming voor de zogenoemde tweede peiler: plattelandsontwikkeling. Ik vind het een goede zaak dat veehouders dan beloond worden voor de rol die zij daarin spelen.

En dat niet alleen, het gaat ook om gelijkheid. De melkveehouder weet wel een extra vergoeding in de wacht te slepen, terwijl de vleesveehouder op het naastgelegen perceel deze niet krijgt; dat vind ik pas scheef. Bij de lobby om meer beleidsmatige ondersteuning in de Rundvleesvakgroep stelde melkveevoorman Siem Jan Schenk immers ook dat vleesveehouder bij veel onderwerpen kunnen meeliften op wat zijn vakgroep binnenhaalt.

Nog een reactie op mijn vorige weblog. Corrie Rijnen vindt dat boeren hun eigen broek op moeten houden, omdat anders ook natuurorganisaties ervan profiteren. Nou, die plukken toch wel uit die groeiende pot met plattelandsgelden die vroeger de boer toekwamen. Aan de andere kant zal menig vleesveehouder de subsidies het liefst opgeven als daarmee ook al het papierwerk en de controles verdwijnen. Maar als dat gebeurt ben ik bang dat, met uitzondering van de witvleessector, de bedrijfsmatige vleesveehouderij in ons land ten einde is. De vleesprijzen zullen nooit zo veel stijgen dat je dan nog een duurzaam, renderend bedrijf kunt opbouwen en onderhouden.

Foto

Laatste reacties

  • no-profile-image

    corrie rijnen

    Inderdaad, al die rompslomp van de overheid. Ze vragen je het hemd van het lijf. En in 2009 wil diezelfde overheid alle subsidies op een hoop gooien en verdelen onder de nog aktieve boeren in ons land. Dit hebben wij gehoord op een bijeenkomst van de vleesveehouderij afgelopen winter.

  • no-profile-image

    herman van der zandt

    wat zijn we met z'n allen toch heerlijk gestoord

Of registreer je om te kunnen reageren.