Rundveehouderij

Achtergrond 6521 x bekeken 2 reacties

Melkadviseur CZ Rouveen na 45 jaar met pensioen

Melkadviseur Jan Hooikammer van coöperatie CZ Rouveen gaat met pensioen. Hij begon als melkmonsternemer en kalverschetser. Nu geeft hij advies over melkkwaliteit en duurzaamheid. In gesprek met een gedreven zuivelman die de melkbussen nog heeft meegemaakt.

Natuurlijk, hij kent alle melkveehouders van zuivelcoöperatie CZ Rouveen. Dat zijn er 250 en bij allemaal komt hij in de stal. Hij is officieel adviseur veehouderijzaken; vroeger stond er op zijn loonstrookje ‘algemene boerenbegeleider’. Vindt hij eigenlijk een mooiere omschrijving.

Jan Hooikammer (65) gaat met pensioen. Dat na 45 jaar in dienst te zijn geweest van zijn coöperatie. Die heette bij zijn aantreden in 1972 nog De Kleine Winst. Toen hij begon, waren er in de twee buurdorpen Rouveen en Staphorst nog vier melkfabrieken. De drie andere heetten De Vlijt, Ons Belang en De Nijverheid. Ze zijn in de loop van de jaren samengevoegd. CZ Rouveen is nu een van de kleine zuivelfabrieken in het land, maar haar kazen zijn wereldwijd befaamd.

Nog steeds weet hij bij elk tanknummer de naam van de veehouder en het bijbehorende adres

Hooikammer is een man van cijfers en getallen. In 1987 bijvoorbeeld stonden er op zijn lijst 103 boeren, met bij elkaar ruim 3.100 koeien. Per bedrijf 30 koeien en daarmee konden de veehouders het prima redden. In die tijd zetten nog tientallen boeren melkbussen aan de weg, het was de tijd van de kalverschetsen. Lang voor de oormerken.

Nog steeds weet hij bij elk tanknummer de naam van de veehouder en het bijbehorende adres. En de naam van de vorige leverancier met dat nummer. Wat hem betreft hoeft zijn geheugen voor getallen niet in het artikel te staan. Veel belangrijker is dat hij de mensen kent. Hij is er altijd bij, bij rouw en trouw. Als hij een rouwkaart krijgt, gaat hij naar de begrafenis. Hoort erbij.
Artikel gaat verder onder de foto

Jan Hooikammer: “Duurzaamheid is belangrijk, maar we moeten niet doorschieten.” - Foto: Ruud Ploeg
Jan Hooikammer: “Duurzaamheid is belangrijk, maar we moeten niet doorschieten.” - Foto: Ruud Ploeg

Begonnen met nemen melkmonsters

De loopbaan van Hooikammer is ooit begonnen met het nemen van melkmonsters. Hij was nog maar 13 jaar. Een paar jaar later vroeg de melkfabriek of hij kalveren wilde schetsen. Er moest een achterstand worden weggewerkt. Erg leuk werk. Na zijn diensttijd trad hij officieel in dienst bij de coöperatie.

In die jaren had elke zuivelonderneming nog een eigen fok- en controleorganisatie. De laatste tijd gaat het in zijn werk vooral om melkkwaliteit en duurzaamheid.

Een man met zo’n lange historie in de zuivel kan mooie verhalen vertellen. Jarenlang heeft hij elke maandagochtend tussen 4 en 8 uur de zuurtegraad van de aangevoerde bussenmelk gecontroleerd. Dat gebeurde met een speciaal apparaat en alcohol van 69%. Als de melk schiftte, gingen alle bussen van de leverancier linea recta terug terug naar de boer die zijn melk in het weekeinde onvoldoende had gekoeld. Met een geel formulier waarop stond ‘uw melk is ongeschikt voor verwerking’.

Geschiedenis met quota herhaalt zich

Hij heeft de invoering van de superheffing in 1984 meegemaakt. De meesten van zijn boeren hadden dat niet zien aankomen. Hun quotum was klein en dat bleef hen jarenlang achtervolgen. Hij was er ook bij toen de quotering verdween. Nu hebben we de fosfaatquota, de geschiedenis lijkt zich te herhalen. Weer praat hij met knelgevallen.

De kalverschetser van vroeger is inmiddels adviseur van de ledenmelkveehouders van CZ Rouveen. De gesprekken in de stal gaan nu vaak over klimaat, energie en weidegang. Zijn coöperatie heeft een eigen duurzaamheidsprogramma. Leveranciers vragen hem hoe zij voldoende punten kunnen halen voor een plus op de melkprijs.

Kwaliteit melk moet verder omhoog

Hooikammer snapt dat boeren er moeite mee hebben dat er elk jaar eisen bij komen. Toch moet dat, zegt hij. De coöperatie moet mee in de vaart der volkeren, afnemers voeren steeds meer inspecties uit. Om afzet te behouden, moet de kwaliteit van de melk verder omhoog. Er is geen andere weg, zegt hij.

Hij kent zijn boeren. Dat is het mooiste van zijn werk. Daar kleeft daar soms ook een nadeel aan. Het is zijn taak om – als de kwaliteit van de melk langdurig onder de maat is – te vertellen dat toch echt actie nodig is. Hij kent de betreffende producent van haver tot gort. Dan is het soms lastig om zoiets te vertellen. Op dat moment is hij jaloers op zijn collega’s bij grotere zuivelfabrieken die de boeren niet persoonlijk kennen. Maar dat gevoel heeft hij verder nooit.

Laatste reacties

  • BE v Leusen

    Hallo Jan ,
    V Harte Gefeliciteerd ,ik erken mij helemaal in het verhaal.
    Jan geniet ervan.
    Vr gr van Bertus Paarhuis Dalfsen.

  • kmulder

    Jan en Annekie, wij hopen dat er nog een mooie tijd voor jullie aanbreekt.

    mts.K.Mulder-Kuijers.

Of registreer je om te kunnen reageren.