Rundveehouderij

Achtergrond 1964 x bekeken

Royal A-ware wil geleidelijk doorgroeien

Royal A-ware maakt alweer anderhalf jaar kaas in Heerenveen. De lijnen zijn al stevig bezet. Toch wil het verder groeien. Dat betekent uitbreiden, maar in rustig tempo, zegt CEO Jan Anker.

Zuivelbedrijf Royal A-ware ontwikkelt zich conform onze verwachtingen, stelt CEO Jan Anker. “Het is een mooi bedrijf, flexibel en we maken gewoon lekkere kaas.” De productielijnen zijn ook zo goed als bezet. Ook de andere vestigingen - de fabriek voor verse zuivel in Coevorden en de roomfabriek in België - draaien naar tevredenheid. Ondertussen groeit het bedrijf door, en na een periode van pas op de plaats worden ook weer nieuwe leveranciers aangenomen. Aan Anker de vraag waar hij heen wil met het bedrijf; wat is de verdere koers?

“Wij willen de komende jaren rustig doorgroeien. Daar zien wij ook goede kansen voor.”

Hoe moet dat gaan: hoeveel meer boeren kunt u nog gebruiken en waar wilt u die extra melk laten?

“Wij kunnen er nog steeds boeren bij gebruiken in de komende jaren, omdat wij meer eigen melk willen hebben en minder op de vrije markt willen bijkopen. Dat is niet per se omdat de spotmarkt volatieler is, of omdat we bang zijn geen melk te kunnen betrekken. Daar heb ik me nooit zorgen over gemaakt. Eigen melk geeft ons meer grip op de soort melk en de kwaliteit die we krijgen. De extra leveranciers die we willen, hoeven er niet allemaal direct bij te komen. Voor veel boeren kost het ook tijd om zich los te maken van hun bestaande coöperatie of andere afnemer. Hoeveel melk we er in welk tempo bij krijgen, maakt niet zo heel veel uit. Wij zoeken boeren die bij ons passen. Het gaat om de klik die er is.”

U hebt het over een klik die er moet zijn. Alleen dat is waarschijnlijk niet genoeg. Wat voor soort boeren zoekt A-ware? Met weidegang, in de buurt, alleen in Nederland?

“Toch zeg ik eerst dat we melkveehouders zoeken die bij ons passen. Daarom ga ik zelf ook veel de boer op, want de mensen die bij ons komen, worden onderdeel van de keten. We moeten samen het verschil maken. We hebben wel een sterke voorkeur voor bedrijven met weidegang. Ook zoeken we in een straal van zo’n 50 kilometer om onze vestigingen in Coevorden en Heerenveen, en wel alleen Nederlandse melk.”

Die extra voorkeur voor weidemelk was er eerst niet.

“De situatie is ook veranderd. Producten van weidemelk worden veel meer gevraagd dan een paar jaar geleden. Iedereen heeft daarmee te maken. Daar moeten wij ook rekening mee houden. Het zegt echter niet dat wij alleen weidegang willen. Er blijft zeker ook altijd nog ruimte voor andere stromen.”

CEO Royal A-ware Jan Anker.<br /><em>Foto: Koos Groenewold</em>
CEO Royal A-ware Jan Anker.
Foto: Koos Groenewold

Jullie zoeken meer leveranciers. Zijn er niet al heel veel mensen die zichzelf aandienen?

“Dat klopt. Veel boeren bellen om zich bij ons aan te sluiten. In het begin keken sommige mensen misschien een beetje afwachtend tegen ons aan. Dat is nu wel voorbij. We hebben ons bewezen en laten zien dat wij ook in slechte tijden altijd in staat en bereid zijn om meer te betalen. De melkprijs is lang slecht geweest en is nog steeds slecht. Soms denken boeren dat dit goed is voor ons. Dat is niet waar. De slechte zuivelmarkt heeft ook ons veel geld gekost. Foliekaasprijzen van €2 per kilo, daar heeft niemand iets aan. Laten we hopen dat het beter gaat. Een goede zuivelmarkt en hoge melkprijs zijn in ieders belang.”

Tegen een particulier blijft soms met argwaan worden aangekeken.

“Er zijn mensen die denken dat een particulier verder afstaat van boeren dan een coöperatie. Dat zie ik niet zo. Royal A-ware is een echt familiebedrijf met korte lijnen. Bovendien heb ik zelf ook melkkoeien. In slechte tijden willen wij dicht bij onze leveranciers staan.

Jullie melkprijs volgt de markt vrij dicht. Dat zal gelden in goede en in minder goede tijden.

“Als de markt slecht is, zal het bij ons ook slecht zijn. Wij kunnen de markt niet maken, maar details maken wel het verschil. Wij zitten bovenop de markt en een groot verschil met veel anderen is dat wij nog altijd veel kaas bijkopen. De komende jaren willen wij verder doorgroeien met de kaasproductie. Daarvoor willen wij de capaciteit in Heerenveen verder vergroten, maar wij zullen altijd kaas blijven bijkopen.”

Hoe wil A-ware uitbreiden: binnen of buiten de bestaande muren?

“Dat wil ik nog niet precies vertellen. Binnen het bestemmingsplan is ruimte om verder te groeien. Daar staat dat we nog kunnen doorgroeien tot uiteindelijk 1,6 miljard kilo melk. Wij willen echter niet groeien puur om de groei. Wij streven naar kwalitatieve groei.”

Royal A-ware wil geleidelijk doorgroeien

Kunt u dat toelichten?

“Wij kopen ondanks onze eigen productie nog altijd meer dan de helft van de kaas die we aan onze klanten leveren elders bij. Wij willen graag meer kaas in eigen beheer produceren, zodat we meer grip hebben op de specificaties en kwaliteit. Bovendien willen wij ook nog meer soorten kaas zelf maken. Alles om onze klanten nog beter te kunnen bedienen.”

U zegt dat Royal A-ware als familiebedrijf geen wilde stappen wil zetten, maar geleidelijk wil groeien. In de voorbije jaren zijn toch bepaald geen kleine stappen gezet?

“Wij hebben in de voorbije jaren achterwaartse stappen gezet, richting eigen productie en richting de melkveehouder. Dat waren stappen die opvielen, maar Royal A-ware was al een serieuze partij, in de handel, het rijpen en verpakken.”

Jullie hebben je vorig jaar openlijk kritisch opgesteld tegen de fusie tussen DOC en DMK. De fusie is een feit. Hoe kijk je er nu naar?

“We hebben toen gezegd dat de fusie tussen DOC en DMK niet goed is voor de Nederlandse kaas en ook niet voor de boeren van DOC. Daar blijf ik bij. We hebben gezien wat er is gebeurd met de prijzen. Ook in Duitsland is er veel onrust bij de DMK-boeren. Laten we hopen dat het beter gaat.”

Of registreer je om te kunnen reageren.