Rundveehouderij

Achtergrond 5492 x bekeken 4 reacties

Broei is belangrijkste probleem bij bewaring mais

Inkuilmiddelen voor de maiskuil richten zich vooral op broeiremming. Het rendement lijkt goed, maar de boer moet nog om.

Gebruik van inkuilmiddel in snijmaiskuilen is nog zeker geen gemeengoed. Toch wordt jaarlijks de helft van de veehouders geconfronteerd met broei in de snijmaiskuil, met name in de toplaag. Dat gaat ten koste van droge stof, voederwaarde, smakelijkheid en opname door het vee. De inkuilmiddelen die op de markt zijn, dragen bij aan conservering, broei- en schimmelremming of beide. Een gecombineerde toepassing kost gemiddeld zo rond de €2 per ton. Ofwel €100 per bunder bij een opbrengst van 50 ton vers product.

Inkuilmiddel gebruikt in gras en mais

“In Nederland gebruikt een groeiend aandeel van rond 35% van de veehouders wel eens een inkuilmiddel”, stelt Couzijn Bos van Volac UK, producent en eigenaar van Ecosyl. Het gros daarvan past het toe in graskuilen. Sommigen behandelen alle kuilen, anderen alleen de kuilen die bestemd zijn voor de melkkoeien. En er is een aantal dat een inkuilmiddel alleen ad hoc gebruikt, als de omstandigheden daar om vragen.

Bij snijmaiskuilen gebruikt 15 a 20% van de veehouders wel eens een inkuilmiddel. Een deel doet dat standaard in de hele kuil, maar het merendeel voegt alleen middel toe bij het hakselen van de laatste paar hectare om zo de toplaag van de kuil te behandelen. Dat is immers het deel van de kuil waar de minste verdichting is en waar broei het snelst optreedt.

Een inkuilmiddel is geen excuus voor slecht management. Netjes inkuilen in laagjes en goed aanrijden zijn basisvoorwaarden voor een geslaagde kuil.</p>
<p><em>Foto: Ronald Hissink</em>
Een inkuilmiddel is geen excuus voor slecht management. Netjes inkuilen in laagjes en goed aanrijden zijn basisvoorwaarden voor een geslaagde kuil.

Foto: Ronald Hissink

Kuilen gevoeliger voor broei

Dat kuilen gevoeliger zijn voor broei komt onder meer door de iets toegenomen haksellengte, waardoor er iets minder verdichting is. Ook is in de loop van de jaren het drogestofpercentage toegenomen van 30 naar 35 tot 40%. Bovendien is het zetmeelgehalte flink gestegen. Al deze ontwikkelingen maken de snijmaiskuil gevoeliger voor broei.

Alle leveranciers van de inkuilmiddelen geven aan dat een inkuilmiddel geen wondermiddel is. De basiszaken moeten eerst goed zijn. Een inkuilmiddel is geen excuus voor fout management.

Elke leverancier levert middel met eigen bacteriestammen

De inkuilmiddelen zijn, met uitzondering van kaliumsorbaat (een zout) en propionzuur, allemaal gebaseerd op het inbrengen van bacteriën in het verse product. Elke leverancier heeft zijn eigen stam(men) van verschillende soorten melkzuur- en azijnzuurvormende bacteriën. Mark-Jan Vink van Barenbrug en distributeur van Bonsilage geeft aan dat het voor de boer soms lastig kiezen is. ”Want elke leverancier zegt de beste stam of een van de betere stammen in huis te hebben.”
Eugène Houben van Pioneer en Bos van Volac geeft aan dat er slechts een beperkt aantal stammen van verschillende bacteriën geregistreerd zijn bij de EFSA (European Food and Safety Authority). De werking hiervan is daadwerkelijk wetenschappelijk bewezen. Bonsilage, Ecosyl en Pioneer bedienen gezamenlijk 80 tot 90% van de Nederlandse markt.

De melkzuurbacteriën vormen melkzuur en dragen bij in de conservering van het product. Ze doen echter niets in de broei en schimmelremming. De bacteriën die daar een steentje bijdragen zijn de azijnzuurvormende bacteriën. Ze nemen een deel van het melkzuur weg en vormen azijnzuur. Mede daardoor is het klimaat voor schimmels en gisten ongunstig. Elke kuil bevat van nature schimmels en gisten, die werkzaam worden zodra er lucht in de kuil komt na opening van de kuil en steeds als er een deel van de kuil wordt weggesneden. De warmte die bij de omzettingen en activiteit vrijkomt, is broei. Naarmate de kuil minder vast is, is de mate van luchtindringing groter en daarmee ook de kans op broei.

Verlies van voederwaarde is kwestie van kosten en baten

Het verlies van voederwaarde door broei kan oplopen tot 12%, zo meldt Barenbrug. Als een hectare gehakselde mais een waarde vertegenwoordigt van €2.500, is het verlies €300. Behandeling van snijmais met inkuilmiddel kost, afhankelijk van de opbrengst, rond €100. Zelfs als het broeiverlies maar de helft zou zijn, is het nog voordelig om conserveringsmiddel met broeiremmers toe te passen.
Volgens de leveranciers is er nog een ander voordeel dat niet in het voederwaardeverlies zit. Dat is de smakelijkheid en constantheid van het product. Een kuil die niet broeit, is smakelijker en wordt door de koeien beter opgenomen. Dat geeft minder selectie, betere penswerking en extra melk in de tank.

Waak voor schimmels

Houben meldt de aanwezigheid van een kettingreactie. “Als broei optreedt, gaan de temperatuur en de pH (zuurgraad) omhoog. Daardoor kunnen de van nature aanwezige schimmels zich sneller ontwikkelen. Deze schimmels vormen mycotoxinen, die vaak een antibacteriële werking hebben. Je kan je voorstellen wat dat doet met de bacteriën in de pens. Ik durf daaraan geen financiële waarde te koppelen, maar dat het geld kost door gederfde opbrengst is evident.” Hij signaleert ook dat conservering bij maiskuilen eigenlijk altijd wel slaagt en dat veehouders zich zouden moeten concentreren op het voorkomen van broei met de daarvoor beste middelen. “Dan stop je die kettingreactie.”

Herman van Schooten, onderzoeker bij Livestock Research van Wageningen UR, ziet ook dat broei het probleem is. “Conservering slaagt in de normale praktijk wel. Het is wel zinvol om broeiremmers te gebruiken, en in de toplaag is dat zeker kostenefficiënt.”

Boer sceptisch; gebruik kuiltoevoegmiddel in mais laag

Ondanks alle voordelen blijft het gebruik van kuiltoevoegmiddelen in snijmais laag. De meest logische verklaring is dat maiskuilen in het algemeen toch wel goed conserveren. Een tweede reden is dat veehouders smakelijkheid en of betere opname niet kunnen testen, omdat er nu eenmaal geen vergelijking op het bedrijf aanwezig is. Scepsis bij de boer is een belangrijke barrière die leveranciers niet makkelijk lijken te kunnen slechten. Met de lage melkprijs hebben veel boeren nu ook niet veel los geld in de zak om een verzekeringspremie tegen broei af te sluiten.

Rol loonbedrijf is bepalend voor gebruik inkuilmiddelen

De rol van de loonwerker en adviseur is vaak bepalend in de keuze voor gebruik van inkuilmiddelen. “Als het loonbedrijf of de rundveespecialist er actief in adviseert, is het gebruik onder de klanten ook veel groter”, stelt Bos vast. Er zijn zelfs loonbedrijven die standaard inkuilmiddel gebruiken in gras- en maiskuil, tenzij de veehouder expliciet vraagt om het niet te doen. Dit zijn wel uitzonderingen.
De meeste loonbedrijven zijn wel voldoende uitgerust om inkuilmiddel toe te voegen, maar laten gebruik van inkuilmiddel van de klant afhangen. De keuze is dan vaak niet groot. De meeste loonwerkers voeren maar een of twee producten in hun assortiment voor droge, vloeibare of ULV-toepassing.

Laatste reacties

  • maatje 1904

    laat de bovenste meter op 6mm hakselen en onderin grover bevalt goed en geen blauwe ballen meer in de kuil.

  • HJ O R

    Voldoende voersnelheid is heel belangrijk.
    Als de mais in 2 kuilen moet, direct met beide kuilen beginnen, dat is 1 aanrijtrekker extra, maar een veel vastere kuil en meer werkplezier, zowel bij het inkuilen als bij het uitkuilen.

  • info519

    goede laag grond op kuil ipv (span)banden en verdubbel aanrijcapaciteit(2 shovels/hakselaar)...veel problemen opgelost

  • mtseshuis

    @info519 goede laag grond zegt niks, verdoezelt alleen slecht aanrijden in de bovenste 20 cm. Als de kuil goed is aangereden, mooi in dunne laagjes is alleen folie voldoende. Wij werken dit jaar met zeil van Kornet, niks aan de hand, alleen waar de loonwerker zijn werk niet goed heeft gedaan is het gelijk mis. Dat was met gronddek exact hetzelfde, maar viel minder op, omdat de bovenste 10-20 cm verdicht werd door het gronddek, maar daaronder was het nog fout in geval van teveel mais aan 1 bult geschoven. Shovels met die grote Océ ramen zijn ondingen, schuiven veel te grote bulten die niet meer verdicht worden, trekker met vlakraam/schuifbord werkt altijd goed, komen met te grote bulten mais ineen er toch niet overheen. Silagewagens! en helemaal over de bult rijden met walsen!! Graskuil exact hetzelfde verhaal.

Of registreer je om te kunnen reageren.