Rundveehouderij

Achtergrond 1997 x bekeken 2 reacties

Vergoeding uit markt halen voor natuurdiensten

'Natuurinclusieve landbouw' moet de teruggang van biodiversiteit keren. De provincie Friesland wil dit nieuwe begrip meer handen en voeten geven.

Het Nederlandse kabinet wil 'natuurinclusieve' landbouw stimuleren om de teruggang van biodiversiteit te keren. Natuurinclusieve landbouw is volgens de overheid een manier van voedselproductie die op een economische wijze en tot wederzijds voordeel is verweven met natuur. Vrij vertaald zou dit kunnen betekenen dat melkveehouders zoveel mogelijk een eerlijke vergoeding uit onder andere de markt ontvangen voor geleverde diensten, zoals water-, landschaps- en weidevogelbeheer waar minimale subsidies aan ten grondslag liggen. Althans, deze draai geven ze er in de provincie Friesland aan. Welke melkveehouder wil dat nou niet?

Natuurbeleid voor flink deel richting provincies

Grote delen van het natuurbeleid zijn overgedragen aan de provincies. In de meeste bleef het met betrekking tot natuurinclusieve landbouw tot op heden betrekkelijk stil, behalve in Friesland. Die stelt komende jaren maar liefst € 1,6 miljoen beschikbaar voor de ontwikkeling van nieuwe projecten die de natuurinclusieve landbouw vooruit moeten helpen. Dat is naast de € 12 miljoen die jaarlijks beschikbaar is voor collectief agrarisch natuurbeheer. Gedeputeerde Johannes Kramer geeft aan dat boeren zelf de keus mogen maken, maar denkt tegelijk dat deze vorm van landbouw op de lange termijn de enige is die overblijft omdat consumenten hier steeds meer om vragen.

Living Lab

Een van de projecten die de provincie financiert is het zogenoemde Living Lab, een spin-off van het burgerinitiatief ‘Kening fan ‘e Greide’ (Koning van de weide) dat in 2012 van start ging. Burgers, boeren, wetenschapper, kunstenaars en ga zo maar door, zijn binnen dit burgerinitiatief op zoek naar een betere inpassing van natuur in het agrarisch landschap.

Centrale vraag binnen het Living Lab is de manier waarop het netwerk van natuurinclusieve initiatieven beter kan functioneren.

Er gebeurt al heel veel, maar allemaal te versplinterd, zo legt Klaas Sietse Spoelstra, aanjager van zowel Kening fan ‘e Greide als het Living Lab, uit. Krachten moeten worden gebundeld om daadwerkelijk resultaat op gebiedsniveau te kunnen realiseren. Als je een probleem als biodiversiteit wilt oplossen, moet je dat op gebiedsniveau doen en niet alleen op bedrijfsniveau. Het gaat dan niet alleen om boeren die zich verenigen om bijvoorbeeld de weidevogelstand te verbeteren. Ook de partijen die geld bij de boer brengen zoals de zuivelondernemingen en banken moeten in dit proces worden betrokken.

Biodiversiteit gaat achteruit

Spoelstra is duidelijk. De biodiversiteit en de kwaliteit van het landschap in Nederland hollen achteruit. Dit kwam ook tijdens de burgerdebatten sterk naar voren. Veel Nederlanders maken zich zorgen over de verschraling van het landschap en de ontwikkeling van de melkveehouderij. Wil Nederland een speler van wereldformaat blijven in de landbouw dan moeten negatieve gevolgen als het mestprobleem en de teruglopende biodiversiteit worden aangepakt. Spoelstra stelt echter dat de melkveesector tot op heden te weinig oog heeft voor diversiteit. Het gaat er volgens hem niet om dat de bulkproductie volledig uit Nederland moet verdwijnen, maar wel worden de nichemarkten met groeipotentie te veel uit het oog verloren.

Friesland wil melkveehouders helpen een omslag te maken naar natuurinclusieve landbouw.<br /><em>Foto: Mark Pasveer</em>
Friesland wil melkveehouders helpen een omslag te maken naar natuurinclusieve landbouw.
Foto: Mark Pasveer

FrieslandCampina

Tot op heden lijkt een zuivelgigant als FrieslandCampina echter niet van zins nog meer melkstromen tot waarde te willen brengen. Bekend verweer van de zuivelgigant is dat de volumes te klein zijn om rendabel te kunnen draaien. Daarmee ontbreekt een essentiële schakel om een vergoeding voor geleverde diensten uit de markt te halen. Deze houding is volgens Spoelstra niet verwonderlijk. Grote veranderingstrajecten starten meestal niet bij de grote jongens. Positief is wel dat FrieslandCampina nu met de Rabobank en het Wereld Natuur Fonds actief bezig is een verdienmodel voor biodiversiteit in de landbouw te creëren. De partijen worden daarbij ondersteund door het Louis Bolk-instituut en ook hier lijkt natuurinclusieve landbouw het sleutelwoord; echter wat minder gericht op een directe vergoeding uit de consumentenmarkt.

FrieslandCampina lijkt tot op heden niet meer melkstromen tot waarde te willen brengen.

Op kleine schaal is het tot op heden het Boerengilde, een groep melkveehouders uit Idzega en omstreken, die de Friese kijk op natuurinclusieve landbouw het best tot uitvoer brengt. De groep probeert een betere vergoeding voor hun weidevogelvriendelijke melk te realiseren en levert daarom vanaf 2014 melk voor het opnieuw geïntroduceerde zuiveldrankje Tjolk. Het gaat om een bescheiden start en een beperkt volume maar naar verluidt worden er dit jaar nieuwe, voor de consument zichtbare wapenfeiten gepresenteerd. Het moge duidelijk zijn dat het hier niet om FrieslandCampina-boeren gaat.

Wie gaat dat betalen?

Het klinkt natuurlijk allemaal mooi en aardig, maar de hamvraag voor met name de Friese aanpak blijft hoeveel consumenten bereid zijn bovenop de kosten van een zuivelproduct een meerprijs te betalen voor geleverde diensten. De terughoudendheid van FrieslandCampina is zeker niet vreemd. Tot op heden lijken alleen de biologische melkveehouders succesvol in het terugverdienen van extra geleverde inspanning en het is nog maar de vraag hoe lang dit blijft duren. De biologische melkproductie neemt immers, mede vanwege de malaise op de markt voor gangbare zuivel, in rap tempo toe.
Er zijn nog wel wat kleinschalige succesverhalen te vinden, maar de initiatieven vallen in het niet bij de Nederlandse melkplas van bijna 14 miljard kilo waarvan ook nog eens ruim twee derde de grens overgaat. De vraag is dan ook of buitenlandse afnemers bereid zijn meer voor natuurinclusieve landbouwproducten te betalen. Deze vraag te snel met ‘nee’ beantwoorden lijkt onjuist. FrieslandCampina gaat er tot op heden prat op dat ze met het verkoopargument van weidegang meer zuivel aan de man weet te brengen in Azië en dan voornamelijk in China. Ook de vraag naar biologische zuivel en zuivel-ingrediënten in deze gebieden mag er zijn.
Eén ding is duidelijk. Het verkopen van zuivel met een imago van een rijk weidelandschap zonder negatieve keerzijdes als mestproblemen en teruglopende biodiversiteit, klinkt zeker niet als een onaantrekkelijke businesscase.

 

‘Natuurinclusieve landbouw straks de norm’

Gedeputeerde Johannes Kramer pleit voor meer natuurinclusieve landbouw. Komende jaren stelt de provincie Friesland € 1,6 miljoen beschikbaar om nieuwe projecten op te starten die verdienmodellen voor natuurinclusieve landbouw ondersteunen en de biodiversiteit in Friesland naar een hoger plan te tillen.

Naam: Johannes Kramer (48), Functie: Gedeputeerde Land- en tuinbouw.<br /><em>Foto: Anne van der Woude</em>
Naam: Johannes Kramer (48), Functie: Gedeputeerde Land- en tuinbouw.
Foto: Anne van der Woude

Waarom steekt Friesland zoveel energie en geld in natuurinclusieve landbouw?
“Dit doen we omdat natuurinclusieve landbouw volgens ons op de lange termijn de enige vorm van kwalitatieve landbouw is die overblijft omdat de consument dit wenst. En dat coöperaties en retail gaan zeggen: of je levert natuurinclusief, of je levert niet. Bij de huidige melkprijs, de vele regels en alle druk die op de melkveesector staat, kan deze vorm van landbouw nu al wel eens de redding zijn voor een grote groep melkveehouders.”
Wat verstaat u onder natuurinclusieve landbouw?
“Een verdienmodel voor de melkveehouder waarin de natuur en een productieve bedrijfsvoering goed samengaan en waar mogelijk elkaar versterken. Daarbij kan de melkveehouder diensten met toegevoegde waarde verdisconteren in producten waarvoor de consument betaalt. Hij is niet meer afhankelijk van subsidies.”
Geen subsidies?
“Helaas moeten we concluderen dat er de afgelopen tijd veel veranderingen plaatsvonden in het natuurbeleid. Ik stel het even zwart-wit, maar om de vier jaar worden de bordjes verhangen. Het aangepaste Rijksbeleid van toenmalig staatssecretaris Bleker had tot gevolg dat natuurbeleid werd gedecentraliseerd naar de provincies. Er kwam bovendien minder geld beschikbaar. Ondernemers waren heel boos en ze hadden gewoon gelijk. Je kunt geen bedrijf voeren als een overheid zomaar overal een streep door kan zetten. Dat trek ik me aan. Ik wil wel een betrouwbare partner zijn. Natuurlijk blijven we agrarisch natuurbeheer subsidiëren. Maar het mooiste is als die boer gewoon eerlijk via de markt wordt betaald. De grote vraag is dan hoe we dat kunnen realiseren. Dat gaan we uitzoeken binnen het Living lab, één van de projecten die we financieren.”

 

‘Aaibaarheid vogels groter dan van mest’

Melkveehouder Bote de Boer in het Friese Tjerkwerd zou graag zien dat FrieslandCampina intensief weidevogelbeheer beter tot waarde zou brengen.
De kakofonie van vogelgeluiden rond de boerderij is overweldigend. Grutto’s, tureluurs, kieviten, scholeksters en verschillende tuinvogels fluiten dat het een lieve lust is.

Naam: Bote de Boer. Plaats: Tjerkwerd. Bedrijf: 100 melk- en kalfkoeien. Productie: 750.000 kilo.<br /><em>Foto: Mark Pasveer</em>
Naam: Bote de Boer. Plaats: Tjerkwerd. Bedrijf: 100 melk- en kalfkoeien. Productie: 750.000 kilo.
Foto: Mark Pasveer

Het weidevogelseizoen is prima gestart. In tegenstelling tot vorig jaar is er tot nu toe weinig hinder van predatoren. Op het land van De Boer bevinden zich maar liefst 150 nesten waaronder 70 van de grutto’s. Hij houdt zich vanaf 2004 intensief bezig met agrarisch natuurbeheer. Het levert hem zo’n twee cent per kilo melk op, maar dat is in de praktijk veel te weinig om alle kosten te kunnen dekken. Alleen aan het extra benodigde krachtvoer is hij al twee cent per kilo melk extra kwijt.
Het viel De Boer op dat het aantal weidevogels op zijn land snel afnam, toen hij zich in 2000 op het huidige bedrijf vestigde. Hij nam grove maatregelen om het tij te doen keren en niet zonder succes. Hij vroeg een vergunning aan om de waterstand te verhogen en realiseerde verschillende plasdrasgebieden.
Van zijn 54 hectare grond gebruikt hij slechts 20 hectare puur als productiegras en dat merkt hij in de melkproductie. Onder deze omstandigheden mag je gedurende de wintermaanden niet meer verwachten dan maximaal 25 kilo melk per koe per dag. Om weidevogels te houden moet je volgens hem gewoon redelijk extensief zijn en voldoende variatie in het landschap aanbrengen. Ook huurt hij nog 19 hectare natuurgrond van het Fryske Gea. Het gewas daarvan gaat veelal naar het jongvee.
Wat betreft natuurinclusieve landbouw is hij enthousiast, al is hij ook reëel genoeg om niet meteen gouden bergen te verwachten. Zeker als je bedenkt dat nog geen derde van de Nederlandse melk binnen de grenzen blijft. Toch denkt hij dat ook een partij als FrieslandCampina intensief weidevogelbeheer beter tot waarde zou kunnen brengen.
Hij maakt zich zorgen over een merk als Campina, nu zijn zuivelonderneming bekend heeft gemaakt grote melkveebedrijven aan mestvergisters te willen helpen. Koppel dan liever weidevogelbeheer aan dit merk. De aaibaarheid van vogels is volgens hem toch wat groter dan die van mestgassen.

Laatste reacties

  • farmerbn

    Gedeputeerde Kramer gelooft in sprookjes en is krent eerste klas. Hij en zijn politieke vriendjes hebben een droom en FC moet die werkelijkheid maken. Hij is zo blind dat ie niet snapt waarom FC niet meedoet. Vrijwilliger De Boer weet dat het geld kost maar blijft volhouden. Eigenlijk heeft hij 5 cent extra nodig maar die 1.6 miljoen is dan bij 30-40 medestander boeren al op. Dit gaat hem niet worden.

  • veldzicht

    Laat je niks wijs maken,ook al krijg je nu 5 ct. meer de regels worden zo maar weer veranderd en krijg je nog maar een schijntje van het beloofde, of je moet aan nog veel meer voorwaarden voldoen.

Of registreer je om te kunnen reageren.