Rundveehouderij

Achtergrond 1856 x bekeken

Structuur en eenvoud op Vlaams Blonde-bedrijf

Met Blonde d’Aquitaines behoort Alfons De Baerdemaeker tot een minderheid in België. Ze passen goed bij zijn systeem van structuur en eenvoud.

Na de drukte van het verstedelijkte gebied rondom Brussel is het even rustig ademhalen in de landelijke omgeving rondom het dorp Gaasbeek. In dit heuvelachtige landschap heeft Alfons De Baerdemaeker met zijn twee zonen een gemengd bedrijf in de breedste zin van het woord. Hij heeft niet alleen drie agrarische takken maar ook een handelsbedrijf. De Baerdemaeker gelooft voor de vleesveehouderij in het gemengde bedrijf. Sterker nog, het is de enige manier om het rendabel te maken. Stellig: "Vleesvee is alleen interessant als de dieren gehouden worden op gronden die niet gescheurd kunnen worden en gevoerd worden met bijproducten van eigen teelt."

In het thuisland van de Belgische Witblauwe is dat ras hier echter niet te bekennen. In de stallen en de weilanden staan Blonde d’Aquitaines. "Het is economisch het meest interessante ras. Het ras heeft een karkasstructuur die dichtste bij die van de Belgisch Witblauwe komt, maar heeft niet de nadelen van dat ras." Hij doelt daarbij vooral op de keizersneden en de gezondheid.

'Het is de commercie die doet geloven dat een apart afmestrantsoen nodig is'.

Om de dag voeren

Een belangrijke voorwaarde om succesvol vleesvee te houden is volgens De Baerdemaeker dus het inpassen in een breder bedrijf. Maar dat is niet het enige. Op dit bedrijf zijn het vooral eenvoud en structuur die opvallen. Eenvoud uit zich bijvoorbeeld in het rantsoen. Waar op de meeste vleesveebedrijven de stieren een apart afmestrantsoen krijgen, maakt De Baerdemaeker maar één rantsoen. Volgens de ondernemer is één rantsoen prima om te mesten van begin tot einde. "Het is de commercie die doet geloven dat een apart afmestrantsoen nodig is. We willen juist maximaal van jeugdgroei profiteren." Eén rantsoen heeft als bijkomend voordeel dat de kans op fouten kleiner is. Het maakt het tevens mogelijk om om de dag te voeren. "We werken met vreemde arbeid en dat is een belangrijke besparing op kosten." Dat is volgens hem een andere belangrijke basis voor een economisch verantwoorde vleesveehouderij: voorkom dat er facturen binnenvallen.

Waar op de meeste vleesveebedrijven de stieren een apart afmestrantsoen krijgen, maakt De Baerdemaeker maar één rantsoen.<br /><em>Foto: Peter Roek</em>
Waar op de meeste vleesveebedrijven de stieren een apart afmestrantsoen krijgen, maakt De Baerdemaeker maar één rantsoen.
Foto: Peter Roek

Kuilbewaarmiddel

Het rantsoen is gebaseerd op circa 1.075 VEVI per kilo drogestof en bevat perspulp, aardappelbijproduct, voordroogkuil en een beetje stro en vitamine- en mineralenmengsel. OEB en FOS zijn belangrijke parameters. Met 8 kilo per dag is MKS (maiskolvensilage) het belangrijkste voedermiddel. De zetmeel- en structuurrijke krachtvoervervanger van eigen bodem vormt de basis voor het rantsoen. "Vroeger was het een lastig product om te bewaren in de zomer. Sinds tien jaar gebruiken we een kuilbewaarmiddel en blijft de kwaliteit goed."

<em>Foto: Peter Roek</em>
Foto: Peter Roek

Weinig speenstress

Structuur komt terug op verschillende plekken, zoals in het rantsoen en bij het voeren. Maar ook het management is strak gestuurd. De vleesveehouder heeft een eigen registratiesysteem waarbij elk dier wordt gevolgd. Omwille van arbeid en controle gaan kalveren pas het tweede jaar naar buiten.

De ondernemer volgt een speenprotocol waarbij de kalveren de eerste zeven dagen na de geboorte bij de moeder blijven waarna beide in een groepshok gaan. Dan volgt een periode van partieel melk drinken vanuit een kalvergroepshok. Daarbij mogen de kalveren van 30 tot 50 dagen leeftijd eerst drinken en daarna de oudere kalveren. De koeien worden 9 weken na de geboorte drooggezet en gaan drie dagen later bij de stier. De kalveren drinken dus altijd bij de koeien die pas geleden hebben gekalfd.

De berekende tussenkalftijden liggen bij de meeste koeien rond de 370 dagen.

Het resultaat is weinig speenstress en een zeer lage uitval van 2 tot 3% per jaar. Bovendien zijn de vruchtbaarheidscijfers van de koeien zeer goed. Op een lijst van de berekende tussenkalftijden liggen de meeste rond de 370 dagen en komt een uitschieter van 400 dagen of meer nauwelijks voor.

Ook op het gebied van gezondheid volgt De Baerdemaeker een strikt regime. Hij is vrij van BVD, IBR en para-tbc en bezig vrij te worden van neospora. Er wordt alleen af en toe een ziektevrije dekstier aangevoerd, verder is het bedrijf volledig gesloten. "Hoge gezondheid is een verzekering, maar ook de basis om probleemloos en gemakkelijk te kunnen werken."

De ondernemer volgt een speenprotocol waarbij de kalveren de eerste zeven dagen na de geboorte bij de moeder blijven waarna beide in een groepshok gaan.<br /><em>Foto: Peter Roek </em>
De ondernemer volgt een speenprotocol waarbij de kalveren de eerste zeven dagen na de geboorte bij de moeder blijven waarna beide in een groepshok gaan.
Foto: Peter Roek

Beter Leven-concept

De vleesveehouderij in België heeft het imago van hoge vleeskwaliteit en een consument die ervoor wil betalen. Toch is de werkelijkheid minder rooskleurig, schetst de ondernemer. Daarom levert hij sinds 1,5 jaar aan het twee sterren Beter Leven-concept bij een afnemer in Hoogstraten, tegen de Nederlandse grens. De stieren die hij levert wegen dan 560 tot 580 kilo, koud geslacht. Dat een Vlaming aan een Nederlands systeem deelneemt heeft maar één reden. "Het prijsverschil is gemiddeld 40 cent per kilo. Het is het enige systeem waarmee we echt een meerwaarde kunnen realiseren."

De ondernemer verwacht dat zijn totale aanpak economisch succesvol is. Cijfers achter de komma ontbreken maar zijn bankrekening is de belangrijkste indicator. "In 2001 hebben we €225.000 geïnvesteerd in het vleesvee. In 2009 stond het geld terug op de bank."

Alfons De Baerdemaeker levert sinds 1,5 jaar aan het twee sterren Beter Leven-concept bij een afnemer in Hoogstraten, tegen de Nederlandse grens. De stieren die hij levert wegen dan 560 tot 580 kilo, koud geslacht.<br /><em>Foto: Peter Roek </em>
Alfons De Baerdemaeker levert sinds 1,5 jaar aan het twee sterren Beter Leven-concept bij een afnemer in Hoogstraten, tegen de Nederlandse grens. De stieren die hij levert wegen dan 560 tot 580 kilo, koud geslacht.
Foto: Peter Roek

Of registreer je om te kunnen reageren.