Rundveehouderij

Achtergrond 3377 x bekeken 5 reacties

'Melkveesector moet diversificeren'

De biodiversiteit en de kwaliteit van het landschap in Nederland hollen achteruit. Melkveehouders moeten meer mogelijkheden krijgen om op rendabele wijze de bij het boerenland horende biodiversiteit in hun bedrijfsvoering in te passen.

"De melkveesector heeft veel te weinig oog voor diversiteit", stelt aanjager van het burgerinitiatief Kening fan 'e Greide (red. King of the Meadows) Klaas Sietse Spoelstra. Te lang is er volgens hem alleen ingezet op verdere intensivering.

Binnen het Friese burgerinitiatief Kening fan 'e Greide zijn burgers, boeren en buitenlui samen op zoek naar een betere inpassing van natuur in het agrarisch landschap. "Dat is namelijk niet alleen een boerenvraagstuk, maar ook die van de burgers die in het agrarisch cultuurland willen genieten van een rijk landschap."

Natuurinclusieve landbouw lijkt hierin het sleutelwoord. Een manier van boeren waarbij melkveehouders hun inzet op het verbeteren van de biodiversiteit onder andere via de markt terugverdienen. Het burgerinitiatief richt zich met name op Friese melkveehouders die binnen agrarische collectieven werken. Daar is het snelst winst te boeken. In 2030 zou meer dan de helft van de Nederlandse melkveehouders natuurinclusief moeten werken.

U startte in 2009 met burgerdebatten. Waarom?

"Ik ben erg geïnteresseerd in de maatschappelijke vernieuwingsvraagstukken van deze regio en besloot destijds bij de provincie te informeren naar haar toekomstvisie. Die bleek zeer beperkt. Ik kwam er eigenlijk achter dat deze regio helemaal niet wist waar die heen wilde. Daarom zijn we met burgerdebatten begonnen. Opvallend was dat tijdens de debatten telkens weer het landschap naar boven kwam. De verschraling van het landschap, de zorgen die mensen daarover hebben en de squeeze waar boeren in zitten. Om hier verandering in te brengen startten we in 2012 het burgerinitiatief Kening fan 'e Greide met de grutto als symbool en in feite als metafoor voor het verlies aan biodiversiteit. Ook zijn uit de burgerdebatten allerhande spin-offs ontstaan zoals een duurzaamheidsagenda voor de regio. Daarnaast was er een sterke koppeling naar de ambitie om mee te doen, en later winnen, van de verkiezing van Europees Cultureel Hoofdstad in 2018."

Klaas Sietse Spoelstra (46) houdt zich al lange tijd bezig met strategische veranderprocessen. Jarenlang was hij binnen KPN één van de aanjagers van vernieuwingstrajecten. In 2009 besloot hij na een succesvolle carrière in het westen van het land terug te keren naar zijn Fryske roots. Daar begon hij zich steeds meer te richten op maatschappelijke vernieuwingsvraagstukken en startte hij na een jaar oriëntatie met het organiseren van burgerdebatten in een 12e-eeuwse plattelandskerkje in het Friese Britswerd. Het initiatief werd belangrijke spil in het proces welke later leidde tot uitverkiezing van Leeuwarden als Europees Cultureel Hoofdstad in 2018. Een programma waar ook Kening fan 'e Greide een plek kreeg. Een burgerinitiatief waarin boeren en burgers samen op zoek zijn naar een betere inpassing van natuur in het agrarische landschap om verdere verschraling tegen te gaan. Onder de naam King of the Meadows krijgt het initiatief ook nationaal en internationaal steeds meer aandacht.

Ook de provincie toonde interesse?

"Langzaam kregen we inderdaad wat steun. De provincie probeert door het stimuleren van agrarisch natuurbeheer al jaren de biodiversiteit in Friesland naar een hoger plan te tillen. Toch lukt het niet om de cijfers generiek de goede kant op te krijgen, regionale goede voorbeelden daar gelaten. De provincie stond daarom ook open voor een vernieuwende aanpak."

Waarom zou dit met behulp van Kening fan 'e Greide wel lukken?

"We hebben geprobeerd een nieuwe vorm te vinden om het probleem breder aan te snijden en oplosrichtingen aan te bieden met als uitgangspunt juist de samenwerking tussen boer en natuur. En dus voorbij de klassieke tegenstelling tussen landbouw- en natuurbeherende organisaties die teveel met de ruggen tegen elkaar hebben gestaan. Willen we iets doen aan biodiversiteit op het platteland dan zullen we dat samen moeten doen."

Hoe snel meldden zich de eerste boeren bij de debatten?

"Vanaf dag één waren de eersten erbij. Er zijn natuurlijk veel melkveehouders die met dit probleem worstelen. Ze willen die grutto en leeuwerik graag in het landschap houden omdat dit ook voor hun veel betekent. Zo werkten we relatief veel samen met de boeren in Idzega waar uiteindelijk onder andere het Boerengilde is ontstaan. Een kleinschalig concreet wapenfeit van dit gilde is bijvoorbeeld de herintroductie van het zuivelmerk Tjolk. Een initiatief waarbij wordt gekeken of de markt een paar cent meer voor een liter melk over heeft als er bij de productie meer rekening wordt gehouden met de natuurlijke waarden van het landschap."

Wat is er eigenlijk mis met de huidige melkveehouderij?

"Het gaat over de eenzijdigheid van het systeem waar veel boeren in terecht gekomen zijn en over over het ontbreken van diversiteit in de sector. Je bent gangbaar of biologisch. Daarbij zijn de meeste gangbare melkveehouders ook nog eens verenigd in FrieslandCampina. Een heel groot systeem waarin bijna alle boeren onder dezelfde voorwaarden werken, ongeacht in welk gebied ze produceren. Ik zie op dit ogenblik alleen maar keerzijdes van dit systeem en geloof meer in een gebiedsgerichtere vorm van landbouw. FrieslandCampina komt nu een heel klein beetje in beweging, maar differentieert nog steeds veel te voorzichtig. Het is nog geen onderscheidende keuze voor boeren."

'Als je alleen maar bulkproductie faciliteert kom je in niets anders dan een internationale markt waar het op kostprijs uitgevochten wordt'.

Een grote zuivelonderneming biedt toch ook vele voordelen?

"Zeker die zullen er zijn, maar er zitten keerzijdes aan het grootschalige systeem. Ik denk dat het voor de langere termijn verstandig is om als sector meer te differentiëren. Als je alleen maar bulkproductie faciliteert kom je in niets anders dan een internationale markt waar het op kostprijs uitgevochten wordt.  Wil de zuivelsector blijvend onderscheidend zijn in een internationale markt dan dient het de bezwaren van haar eigen systeem, zoals het mestprobleem en de teruglopende biodiversiteit, op te lossen. In al zijn facetten dus werken richting een 100 procent duurzame sector wat overigens niet alleen een Nederlandse, maar internationale uitdaging is. Even plat, hoeveel geld gaat er nu eigenlijk in de ontwikkeling van natuurinclusieve landbouw zitten? Of waarom is het probleem van weidevogels na 30 jaar nog steeds niet getackeld?  Als we met zijn allen dan toch het beste landbouwland zijn moeten we dat toch ook kunnen oplossen?"

Wat moet een melkveehouder zich voorstellen bij die natuurinclusieve landbouw?

"Bij natuurinclusieve landbouw zijn de effecten van de agrarische bedrijfsvoering op de natuur minimaal en de positieve effecten van de natuur op de bedrijfsvoering maximaal. Als we iets willen doen aan het verbeteren van biodiversiteit op het boerenland moeten we naar verdienmodellen waar de natuur en een productieve bedrijfsvoering goed in samen gaan, waar minimaal gebruik hoeft te worden gemaakt van overheidsvergoedingen. We zien op verschillende fronten dat integratie weer nodig is. Neem bijvoorbeeld de toenemende druk op het natuurlijke proces van bodemdiversiteit. Dat moet gezond blijven om productie te kunnen faciliteren."

Kening fan 'e Greide loopt sinds 2012. Wat heeft het tot nu toe opgeleverd?

"Een van de spin-offs vanuit Kening fan 'e Greide is wat we het Living Lab van de natuurinclusieve landbouw hebben genoemd. In opdracht van provincie Friesland en nu qua plan in de fase van besluitvorming. Centrale vraag in dat Living Lab is de manier waarop we het netwerk van natuurinclusieve initiatieven beter kunnen laten functioneren. Er gebeurt nu al heel veel maar het is allemaal te versplinterd. We zien nu het huidige agrarisch natuurbeheer overgaan op collectieven. Los van samenwerking tussen de boeren is ook goede samenwerking nodig met externe partijen en dat is complex. Wil je daadwerkelijk naar resultaat op gebiedsniveau dan moeten we de krachten sterker bundelen. De provincie heeft inmiddels €1,6 miljoen gereserveerd om nieuwe projecten op te starten. Het Living Lab is daar de eerste van. De daaruit voortkomende projecten kunnen later weer gefinancierd worden met behulp van onder andere POP3-gelden (red. plattelandsontwikkelingsprogramma)"

Hoe moeten de collectieven dat aanpakken?

"Ons Kening fan 'e Greide initiatief heeft een cultuur-, een kennis- en een innovatiepoot. Het innovatiegedeelte gaat over hoe we samen met boeren die natuurinclusieve landbouw voor elkaar gaan krijgen. Uitgangspunt daarbij is dat het ook rendabel is voor de boer. Ook proberen we via onderwijs en educatie boerenland en natuur een grotere rol geven. Dus we organiseren hier themabijeenkomsten met Van Hall, het Nordwin College , daar komen langzamerhand modules uit en samenwerkingen om die natuur en landbouw meer te integreren."

Heeft u het idee dat melkveehouders open staan voor genoemde ideeën?

"Een belangenorganisatie als LTO zou diversiteit meer moeten ondersteunen. Neem de fosfaatproblematiek. De boer met wat meer oog voor het landschap die een andere koers wil varen dan het systeem van 'de grote jongens', lijkt in eerste instantie weer het haasje te worden al brengt het Kamerdebat daar mogelijk verandering in. Volgens mij moet je juist veel meer ruimte creëren voor verschillende type melkveebedrijven. Daar zou LTO harder over mogen nadenken wat mij betreft"

Laatste reacties

  • agratax.1

    Ik hoop dat deze initiatieven resulteren in meer begrip voor elkaar, maar vooral in een diverser landschap en een beter inkomen en leven voor de boeren. De weg van de LTO om de wereldmarkt te veroveren met een goede melkprijs voor de boer is al meer dan 70 jaar een utopie gebleken. Was dik 30 jaar geleden het quotum niet gekomen, hadden de melkveehouders al die tijd geworsteld met een prijs die wel en niet rendabel was. Maar zeker geen prijs die de explosieve groei mogelijk had gemaakt. Het quotum was niets anders dan een steun maatregel (beperkte productie + ingrijpen) om de prijs er op te houden.

  • WGeverink

    Ben het helemaal met je eens Han. Het zal echter nog een tijdje duren voor het door dringt wat een renderende stabiele tijd het quotum tijdperk was.

  • Bennie Stevelink

    Het idee is helemaal gebaseerd op binnenlandse afzet. Sterker nog: het is gebaseerd op afzet binnen Friesland. Meer dan 70% van de Nederlandse zuivel moet worden afgezet buiten Nederland en zelfs buiten Europa.
    Het waren juist de Friesche coöperaties die bijna honderd jaar geleden als eersten afzet zochten buiten Europa.

  • haj146

    Als deze meneer nou eens een huis bouwt waar mussen onder nestelen. Waar zwaluwen nestelen. Enzovoorts. Iedereen weet hoe ons duur betaalde landschap eruit moet zien. Echter zinn het wij als boeren die een mega hypotheek op die grond hebben. Laat ons dus ook bepalen wat wij daar dan mee doen.

  • Farmer4life2

    In de kern ben ik het met deze man eens, wat ik al eens heb geventileerd.

    We moeten ons afvragen of wij kunnen concurreren op kostprijs. Nee, dus moet je je zoveel mogelijk onderscheiden. Waarbij natuur in Nederland een belangrijk maatschappelijk iets is.

    @bennie je hebt gelijk, daardoor zal 70% in elk geval niet uit de markt kunnen komen.

Laad alle reacties (1)

Of registreer je om te kunnen reageren.