Rundveehouderij

Achtergrond 2548 x bekeken

Betere melkprijs met eigen zuivelconcept

Melk is er in alle soorten, maten en producten. Allemaal hebben die een eigen verhaal en allemaal dingen ze naar de gunst van de (regionale) consument. Boerderij zet 1 Oostenrijks voorbeeld en 3 Nederlandse zuivelconcepten op een rij.

Door de populariteit van lokaal geproduceerde zuivel en streekproducten zijn de zuivelschappen in de Nederlandse winkels de laatste jaren flink uitgebreid. Naast gewone melk is er bijvoorbeeld boerenlandmelk, weidemelk, A2-melk, waddenmelk en natuurlijk ook biologische melk. Daarnaast heeft elke regio tegenwoordig wel een sterk eigen merk.

Sentiment maatschappij

Boeren en verwerkers spelen in op het sentiment in de maatschappij: geen anonieme bulkmelk, maar lokaal vervaardigde producten met een goed en traceerbaar eigen verhaal. En ze boeken er succes mee. Dat succes heeft vaak ook te maken met een romantisch plaatje van koeien in de wei in combinatie met een mooi landschap. Een goed internationaal voorbeeld daarvan is Heumilch – hooimelk – in Oostenrijk en Zuid-Duitsland. Grazende koeien in alpenweides met bergen op de achtergrond. Enerzijds slimme marketing, anders ook een concept met een sterk verhaal met rationele argumenten.

Het zuivelconcept hooimelk is in Oostenrijk zeer populair en heeft een groot aandeel in de totale melkplas. De melk komt vooral van kleinere bergboeren.<br /><em>Foto: Henk Riswick </em>
Het zuivelconcept hooimelk is in Oostenrijk zeer populair en heeft een groot aandeel in de totale melkplas. De melk komt vooral van kleinere bergboeren.
Foto: Henk Riswick

Hooimelk

Hooimelk komt van koeien die zomers buiten lopen en gras vreten en in de winter hooi krijgen dat slechts aangevuld wordt met graan uit de regio. Het is een zeer traditionele vorm van melkveehouderij. Het zijn vooral kleinere bergboeren in de deelstaten Vorarlberg, Tirol, Salzburg en Stiermarken die deze hooimelk produceren. Toch is hooimelk wel degelijk een factor van formaat. Liefst 15% van de Oostenrijkse melkplas betreft hooimelk. Daarmee heeft deze melksoort bijna net zoveel marktaandeel als biologische melk dat in Oostenrijk toch heel groot is. Zeker in vergelijking met Nederland.

Toeslag 4 cent per kilo

Het gros van de hooimelk komt van 8.000 veehouders van koepelorganisatie ARGE Heumilch. Die boeren produceren samen 420 miljoen kilo hooimelk en krijgen daarvoor een toeslag van 4 cent per kilo. De melk heeft ook een apart kwaliteitskeurmerk en is zeer in trek bij de consument. Oostenrijkers zijn sowieso gehecht aan producten uit eigen land. In Nederland zijn zuivelconcepten nog niet zo groot als hooimelk, maar wel degelijk in opmars. Hier worden 3 verschillende concepten belicht: Waddenmax (regionale zuivel), A2- melk (gezonde melk) en Den Eelder (ambachtelijk bereid).

Mieke Frijters staat tussen de koeien. De Waddenzee is hier nooit ver weg. De zuivel heeft een sterk regionaal karakter.<br /><em>Foto: Jan Willem van Vliet</em>
Mieke Frijters staat tussen de koeien. De Waddenzee is hier nooit ver weg. De zuivel heeft een sterk regionaal karakter.
Foto: Jan Willem van Vliet

'Waddenkoeien' langs de zeedijk
Ben van Tilburg en Mieke Frijters hebben in het Groningse Hornhuizen – op 500 meter van de Waddenzee – een biologisch dynamisch veebedrijf met 80 melkkoeien, 60 stuks jongvee en 80 hectare land. Samen met Annelies en Max van Tilburg – de ouders van Ben – runnen ze sinds 2010 het bedrijf Waddenmax. Melk van eigen koeien waarvan een zesde deel van de productie, wat neerkomt op ongeveer 2.000 liter per week, thuis tot yoghurt, kwark, karnemelk, boter, slagroom, kaas en gepasteuriseerde melk wordt verwerkt.
"De rest gaat naar kaasmakerij Henri Willig in Heerenveen", vertelt Mieke Frijters. Waddenmax heeft een sterk lokaal karakter. Dat is alleen al te zien aan de koeien. De Holsteins zijn de laatste jaren ingekruist met Blaarkoppen. Frijters: "Robuuste, zelfredzame en gezonde dieren die hier thuishoren. Het zijn echte streekbeesten, met hoorns. Onze klanten zien dat graag."
Maar de nabijheid van de Wadden komt in meer dingen terug. "De lucht is hier superschoon en er staat altijd een briesje. Daarnaast is het weids. De koeien hebben veel ruimte, grazen in een kruidenrijke wei en staan zoveel mogelijk buiten. We moeten alleen soms wat bio-krachtvoer aankopen omdat we maar 9 hectare graan en mais hebben, maar qua ruwvoer zitten we goed. Er is volop grasklaver."
Een sterk punt van Waddenmax is dat de zuivelruimte zich direct naast het melktanklokaal bevindt. Voor de verwerking werkt Frijters altijd met warme, verse melk. "Onze melk wordt niet eerst gekoeld of bewaard en we voegen niets toe. Het is de kracht van de eenvoud." En dat resultaat wordt door de (regionale) klanten gewaardeerd, merkt Frijters. "De klanten zijn enthousiast. Onze kwark is erg romig en zacht, anders dan in de supermarkt. En de melk vinden ze ouderwets lekker. Dat wordt versterkt doordat we die melk in glazen flessen verkopen." De traditionele zuivelbereiding maakt het Waddenmax-product de laatste jaren tot een succes.
Een verhaal dat ondersteund wordt door blaarkop-koeien, lange weideperiodes en jongvee dat in de kwelders loopt. Frijters: "We hebben rationeel gezien al een goed verhaal. Al wordt dat natuurlijk versterkt door het romantische beeld van de Waddenzee." Blijft over de vraag waar Waddenmax naartoe wil. "Wij hoeven niet zo nodig te groeien", zegt Frijters. "Ons eerste doel was het maken van eindproduct. Nu willen we ons vooral iets meer op kaas richten. Maar onze kleinschaligheid is de kracht. We koesteren het klantencontact en de kennis die we kunnen overdragen."

De veestapel van Matthijs de Haan bestaat vooral uit Guernseys en Fleckviehs. Die leveren A2/A2-melk.<br /><em>Foto: RBI</em>
De veestapel van Matthijs de Haan bestaat vooral uit Guernseys en Fleckviehs. Die leveren A2/A2-melk.
Foto: RBI

Forse meerprijs met gezonde A2/A2-melk
Matthijs en Corriena de Haan runnen in het Gelderse Ingen Ecoboerderij De Haan en zijn sinds 2004 biologisch. Ze hebben nu 60 melkkoeien, 40 stuks jongvee en 60 hectare grasland. Maar die veestapel was vroeger veel groter. In 2013 had De Haan 120 melkkoeien. De krimp was het gevolg van een ingrijpende bedrijfsbeslissing. De veehouder wilde alleen nog maar A2/A2-koeien in plaats van A1/A1 of A1/A2. Het betekende dat er 90 koeien moesten vertrekken.
De Haan vulde zijn veestapel aan met 25 Guernsey- koeien die hij importeerde uit Groot-Brittannië. "A2/A2 is een gen bij koeien dat tot gezondere melk leidt", legt De Haan zijn keuze uit. "Nieuw-Zeelandse onderzoeken hebben dat uitgewezen. Ik verdiepte me er in, omdat ik nog meer wilde inzetten op betere en gezondere melk. En bij A2/ A2-melk is de kans op melkintolerantie bijvoorbeeld veel kleiner dan bij A1/A1."
De omschakeling die De Haan doorvoerde was wel prijzig. Hij liet in de afgelopen jaren liefst 300 stuks koeien en jongvee testen à €25 per dier. En alle koeien die niet A2/A2 waren, moesten weg. Bovendien moest hij dus koeien aankopen. En dat alles was puur voor de gezondheidseigenschappen van zijn melk, want qua smaak is er geen verschil met melk die van A1/A1-koeien komt. Maar de investering loonde. De Haan zet nu 90% van zijn melk af bij een zuivelboerderij in Kinderdijk. "Die maakt er speciale A2/A2-kaas van die op 30 verschillende verkooppunten in heel Nederland verkocht wordt. Jaarlijks gaat dat om 200.000 liter melk. En daar krijgen we een prima vergoeding voor: €0,75 per kilo. Het rendement is groot. Er is echt een markt voor deze gezonde melkvariant."
Van de overige 10% van de melk gaat de helft naar een ijsmaker en de ander helft wordt aan huis verkocht. Consumenten nemen dan zelf flessen mee en vullen die à €1,50 per liter met de rauwe biologische melk van De Haan. En de reacties zijn positief, merkt De Haan. "Onze klanten vinden de gezonde melk een grote plus, maar prijzen ook de smaak. Dat heeft dan weer niet met A2/A2 te maken, maar wel met onze bedrijfsvoering. Onze koeien lopen 7 maanden per jaar buiten in kruidenrijk grasland dat bemest wordt met stalmest, compost, Keltisch zeezout en Zechsal magnesium. Ze vreten alleen gras, klaver, kruiden, hooi en luzerne. Daarnaast krijgen ze allemaal een halve kilo droge pulp bij de melkrobot, geen krachtvoer. Qua rantsoen zijn we heel traditioneel. De consument merkt dat ook. Die krijgt romige melk. Met een gele kleur, typerend voor de Guernsey-koeien."

Ernst van der Schans tussen zijn koeien. De zuivel van deze melk wordt ambachtelijk bereid.<br /><em>Foto: RBI</em>
Ernst van der Schans tussen zijn koeien. De zuivel van deze melk wordt ambachtelijk bereid.
Foto: RBI

Ambachtelijke manier van zuivel bereiden
Het is geen onbekende in het supermarktschap: Den Eelder Zuivel van de familie Van der Schans in het Gelderse Well. Al ruim 25 jaar produceert en verwerkt de familie zuivel. En elk jaar weer meer. Van der Schans vertelt over de omvang van zijn bedrijf: "Op dit moment hebben we 550 melkkoeien, een jaaromzet van ruim €10 miljoen en 25 man personeel. En we zijn – in kleine volumes – zelfs op Tenerife of Curaçao te vinden."
Van der Schans weet zich met Den Eelder – de naam van de boerderij – al lang te onderscheiden. En dat heeft niet met de regio te maken. "Ik heb ooit wel eens het merk Rivierenlandmelk gedeponeerd, maar daar heb ik nooit iets mee gedaan. Dat kost zoveel tijd en moeite, ook qua pr en marketing. Daar zijn we als producent en verwerker veel te klein voor."
Van der Schans ziet het onderscheidend vermogen van zijn producten vooral in herkomst, traceerbaarheid, 100% natuurlijk en bovenal de ambachtelijke manier van zuivelbereiding. "Dat maakt het tot een Den Eelder-product." Het begint ermee dat van der Schans altijd met dagverse melk werkt. Maar het echte geheim zit 'm in de 'traditionele' bereiding van zijn producten. Hij geeft wat voorbeelden. "Bij ons wordt de karnemelk op de ouderwetse manier gekarnd. Het heeft echt nog dat boteraroma, waardoor het een aparte smaak krijgt, net als de karnemelk van vroeger." Een ander voorbeeld is de vanillevla. "Dat doen wij – weliswaar op grotere schaal – net als grootmoeder vroeger. Wij warmen de melk met ingrediënten als zetmeel, suiker, vanille en zout in een grote dubbelwandige pan op tot 90 graden en laten het dan rustig afkoelen."
Ook de yoghurtbereiding is niet standaard. De familie Van der Schans werkt met traditionele zuursels en de yoghurt wordt op een relatief hoge temperatuur in de verpakking gedaan, zonder toevoegingen. Waarna de yoghurt in de verpakking verder fermenteert. Van der Schans: "Het zijn allemaal dingen die extra tijd kosten, maar wij zijn bereid om die extra handelingen te doen om die ouderwetse smaak van zuivel te bewerkstelligen."
Die extra handelingen werken – in combinatie met de kleinere bedrijfsschaal en transportkosten – ook door in de zuivelprijs. Zo is Den Eelder-zuivel gemiddeld 20% duurder dan een A-merk als Campina. Maar de consument heeft het er graag voor over, merkt Van der Schans. "We krijgen via social media veel respons en consumenten prijzen vooral de smaak, kwaliteit en authenticiteit van de zuivel. We groeien ook nog steeds. Hier is echt een markt voor."

Of registreer je om te kunnen reageren.