Rundveehouderij

Achtergrond 501 x bekeken laatste update:22 feb 2012

Kies zo het best passende maisras

Zomerlegering komt, celwandverteerbaarheid verdwijnt. Nu alle onderzoek naar maisrassen is afgesloten kan de teler zijn keuze maken. De rassenkeuze heeft direct invloed op opbrengst en kwaliteit.

Platform Maisonderzoek (PMO), Europees Maisrassenonderzoek van DLV Plant en de Aanbevelende Rassenlijst: alle lopende onderzoeken naar raseigenschappen van mais zijn afgerond. In resultaten is de plantverteerbaarheid als kwaliteitseigenschap verdwenen. Nu worden alleen het zetmeelgehalte bij oogst en omgerekend naar 35 procent droge stof vermeld. In de landbouwkundige eigenschappen is daarentegen zomerlegering toegevoegd. Bij zomerlegering wordt gekeken naar het aantal planten dat vlak voor of tijdens de bloei door weersomstandigheden omvalt. Vaak richten deze planten zich weer op gedurende de rest van het groeiseizoen. De stengels van deze planten zijn dan krom aan de onderkant. Dan wordt ook wel van wandelstokvorming gesproken. Deze planten zijn wel goed oogstbaar. Het kan dus goed zijn dat een ras een matig cijfer heeft voor zomerlegering, maar toch een goed cijfer voor totaal legering.

 

Bij het kiezen van het juiste maisras zijn een aantal punten belangrijk:

- Kies een vroegheidsgroep. Ligging en grondslag hebben invloed op deze keuze. In Noord-Nederland heeft een vroeg ras een grotere kans van slagen. Dat geldt ook als het perceel laag ligt, lang koud is, als de grondslag vrij zwaar is, of bij de keuze voor een voor- of nateelt.

- Laat problemen uit het verleden meewegen. Zijn er problemen geweest met legering door stengelrot of bladvlekkenziekte, kies dan rassen met een goede stengelrotresistentie of tolerantie voor Helminthosporium. Is er hoge onkruiddruk, kies dan rassen met een snelle grondbedekking.

- Breng het aantal geschikte rassen uit de bepaalde vroegheidsgroep op basis van landbouwkundige eigenschappen terug tot drie à vier en kies het ras dat qua ruwvoerpositie en kwaliteit het best bij uw bedrijfsvoering past.

- Kies bij krappe ruwvoerpositie voor de hoogste drogestofopbrengst in combinatie met de hoogste VEM-opbrengst. Bij voldoende ruwvoer is kwaliteit, uitgedrukt in VEM per kilo droge stof het belangrijkst. Dit geeft de totale hoeveelheid energie weer die in een kilo droge stof mais zit.

- Kies voor kwaliteit met nadruk op zetmeel of op celwanden. Is zetmeel het belangrijkst, kies dan het ras dat naast een hoge VEM per kilo droge stof het hoogste zetmeelgehalte geeft. Mikt u op celwandverteerbaarheid, kies dan het ras dat naast een hoge VEM per kilo droge stof goed scoort op celwandverteerbaarheid.

Of registreer je om te kunnen reageren.