Rundveehouderij

Achtergrond 241 x bekeken

Schaalvergroting Duitsland verloopt in rap tempo

De Duitse melkveebedrijven die aan de toekomst bouwen, zitten vooral in de noordelijke deelstaten. Dat blijkt uit het feit dat de quotumruimte in het Noorden is opgekrikt, terwijl Beieren en omstreken inlevert. Melkveestapels van 200 tot 250 koeien zijn bezig de norm te worden op de aloude weidegronden van Nedersaksen en Sleeswijk-Holstein.

Schaalvergroting lijkt voor Duitse melkveehouders nog steeds een probaat middel om de kosten eronder te houden. Dat concludeert de boerenfederatie Deutscher Bauernverband (DBV) uit de bedrijfsresultaten van 2009/2010. Dat staat inmiddels bekend als het jaar waarin zich het herstel na de wereldwijde financiële crisis begon af te tekenen. Wel bleef het gemiddelde melkprijsniveau toen nog laag, op nog geen 29 cent per kilo bij 3,7 procent vet. Gemiddeld leverde dat jaar in de Duitse melkveehouderij een resultaat op van 30.300 euro per bedrijf, 2 procent meer dan in het jaar daarvoor.

De grotere bedrijven in Duitsland blijken de economische problemen beter de baas te zijn gebleven dan de middelgrote en vooral kleine bedrijven. Vooral in Beieren bevinden zich nog veel kleine melkveestapels, maar over het geheel genomen heeft de schaalvergroting in de Duitse melkveehouderij de afgelopen paar jaar inderdaad aan tempo gewonnen.

De cijfers van het Statistische Bundesamt spreken hierover duidelijke taal. In 2007 waren er nog ruim 101.000 melkveehouders. Een jaar later was dat aantal vrijwel hetzelfde. In mei 2009 bleken in de voorafgaande twaalf maanden echter opeens 3.500 bedrijven (3,5 procent) te zijn beëindigd en in mei 2010 nog eens 6.000 (6,2 procent). Dit jaar telt de melkveehouderij in mei nog net geen 89.000 ondernemers. Dat houdt in dat er sinds mei vorig jaar nogmaals 2.500 bedrijven zijn beëindigd, ofwel een kleine 3 procent. Intussen was 2009/2010 dus een uitschieter. Dat her sprake is van schaalvergroting, kan worden opgemaakt uit het feit dat de quotumruimte zich de afgelopen jaren vanuit het zuiden naar het noorden heeft verplaatst.

Bij de jongste melkquotumbeursronde op 1 juli leverde Beieren nogmaals 22 miljoen kilo in en kregen Nedersaksen, Sleeswijk-Holstein en Meckelenburg-Voorpommeren er 42 miljoen kilo bij. Laatstgenoemd volume was ruim een kwart van de totale op de beurs verhandelde hoeveelheid.

Dat geeft aan dat in die regio’s – waaronder ook de Friese gebieden van Nedersaksen en Sleeswijk vallen – de veehouders zitten die het qua toekomst wel zien zitten in de melksector. De Nedersaksische boerenbond Landvolk bevestigde dat een paar weken geleden door te melden dat de middelgrote melkveehouders in deze deelstaat bezig zijn het aantal koeplaatsen flink uit te breiden. Dat wil zeggen dat de ondernemers met een melkveestapel met 100 koeien bezig zijn om naar de 200 tot 250 koeien te gaan. Dat is overigens nog niets vergeleken bij de bedrijven in Meckelenburg-Voorpommeren, waar veestapels van 1000 tot 1500 koeien geen uitzondering zijn. Dat heeft echter ook met het DDR-staatsverleden van deze bedrijven te maken.

De schaalvergroting aan de kant van de melkverwerkers is vorig jaar ook in zekere zin in een stroomversnelling geraakt, Dat kwam door de bundeling van Nordmilch en Humana Milchunion tot DMK. Deze fusie stond al jaren op de verlanglijst van het Bauernverband en ontlokte daarom ook gejuich, evenals de eerste landsgrenzenoverschrijdende fusie van Hansa-Milch met de Deens/Zweedse zuivelgigant Arla Foods. ”Op een markt waar hard tegen hard wordt gestreden, versterkt dit de posities van zuivelondernemingen en derhalve ook de melkveehouders ”, luidt de beoordeling van het Bauernverband.

Hoeveel de boeren gaan profiteren van de nieuwe zuivelreus DMK, blijft niettemin een kwestie van afwachten. Nordmilch en Humana blonken in het recente verleden niet uit door bovengemiddelde melkprijzen en dat is voor de boeren uiteindelijk het enige wat telt. Wel zijn grote concerns met een groot aanbod en verkoopapparaat handig voor het zinvol opereren op de internationale markten, zegt melksectortopman Udo Folgart van het Bauernverband. Dat is nodig, want de Duitse zuivelindustrie heeft aan de thuismarkt alleen niet meer genoeg.

De zuivelhandelsbalans viel vorig jaar al in het voordeel van Duitsland uit met 14 miljoen ton melkequivalenten export en 10 miljoen ton import. ”Dit positieve exportsaldo zal waarschijnlijk in de komende jaren alleen maar groter worden, omdat Duitsland te maken krijgt met een krimpende bevolking terwijl het aanbod vanwege de goede productieomstandigheden verder groeit,” aldus Folgart.

Of registreer je om te kunnen reageren.