Rundveehouderij

Achtergrond 141 x bekeken

'Subsidiestop geen drama'

De vroegere NAJK-voorzitter Dirk Bruins is sinds kort naast zijn bedrijf werkzaam bij de Melkvee Academie 2.0. Als het aan hem ligt, gaat de academie zich richten op de grote middengroep. Volgens hem leidt kennis delen tot verbetering van de concurrentiepositie.

Zo af en toe komt Dirk Bruins op een bijeenkomst met melkveehouders georganiseerd door een zuivelcoöperatie of voerbedrijf. Vijf sprekers vertellen hun verhaal, ieder drie kwartier, en heus, dat is soms best leerzaam. Aan het eind van de dag is er nog ruimte voor twintig minuten discussie.

Discussie? Een veehouder stelt een vraag aan een van de sprekers, krijgt netjes antwoord, waarna nummer twee en drie hun vraag stellen. Van onderling debat is geen sprake. Laat staan dat veehouders hun kennis en visie met elkaar delen. Doodzonde, vindt Bruins. Van zulke bijeenkomsten leer je weinig.

Bruins is sinds kort parttime in dienst van de Melkvee Academie. Daar, bij de academie, praten melkveehouders wel met elkaar. Ze ontmoeten elkaar in zogeheten melkveecafés, tijdens excursies, op studiedagen; de veehouders sparren met elkaar, beantwoorden vragen van collega’s, zoeken samen naar een rendabele techniek om bijvoorbeeld mest te vergisten. Zo’n interactieve manier van omgaan met elkaar helpt veehouders en dus ook de sector vooruit, is de stellige overtuiging van Bruins.

In zijn arbeidscontract is zijn functie omschreven als ’strategisch kennisontwikkelaar’. Dat wil eigenlijk zeggen dat hij – samen met de zogenoemde kennismakelaars en collega Maarten Vrolijk – op zoek gaat naar nieuwe werkvormen en methoden om de Melkvee Academie nog beter te laten aansluiten bij de behoeften van melkveehouders. Hij geeft liever geen kritiek op de academie. Maar als hij daar dan toch toe wordt gedwongen, geeft hij eerlijk antwoord. Tot nu toe zijn het vooral de voorlopers in de sector die zijn aangesloten. Bruins gaat zich de komende tijd richten op de grote middengroep. Als het aan hem ligt, wordt het allemaal nog veel praktischer.

Het draait bij de Melkvee Academie vooral om kennis delen tussen boeren onderling. Bruins weet uit eigen ervaring dat kennisontwikkeling erg belangrijk is om verder te komen op je eigen bedrijf. Vroeger had hij een broertje dood aan school. Daar heeft hij eigenlijk nog steeds spijt van, maar ja, de tijd is helaas niet terug te draaien. Later, in studieclubs, heeft hij veel bijgeleerd. Vooral van collega’s. En ook het voorzitterschap van het Nederlands Agrarisch Jongeren Kontakt was voor hem een goede leerschool.

Hij weet inmiddels ook dat studieclubs niet altijd voldoen aan de behoeften van de leden. Als je specifieke vragen hebt, bijvoorbeeld op het terrein van zonne-energie of emissiearme stallen, heeft een regionale studieclub beperkte waarde. De Melkvee Academie brengt veehouders met zulke specifieke vragen bij elkaar. Volgens Bruins hebben de meeste boeren er echt geen moeite mee om honderd kilometer te rijden om te leren van collega’s.

Zijn drijfveer is om de sector vooruit te helpen. In de nieuwsbrief van zijn nieuwe werkgever zegt hij het zo: Ik ben ervan overtuigd dat delen van kennis de sector helpt zijn plek in de wereldtop verder uit te bouwen. Als het aan hem ligt, gaat dat kennis delen vooral over duurzame ontwikkelingen in de sector. Want hij maakt zich zorgen. Gemeenteraden ageren tegen verruiming van bouwblokken, tijdens provinciale verkiezingsbijeenkomsten gaat het debat over megastallen en staatssecretaris Henk Bleker spreekt af en toe over een plafond aan de veestapel.

In dat soort discussies moet de sector niet terecht willen komen. Veehouders hebben het wel voor een deel aan zichzelf te wijten, zegt Bruins. Ruimte voor bedrijfsontwikkeling moet de melkveehouderij zelf creëren. Vooral door concrete stappen te zetten op bedrijfsniveau. Boeren moeten elkaar daartoe stimuleren. De Melkvee Academie kan en moet daarbij helpen, is de overtuiging van de ’strategisch kennisontwikkelaar’.

Het Rijk geeft geen subsidie meer aan de academie. Sinds begin dit jaar worden de activiteiten georganiseerd onder de vleugels van de landbouworganisatie LTO Noord. Daarover hoeft niemand zich zorgen te maken, zegt Bruins. LTO Noord ziet meerwaarde van de academie en heeft een garantstelling afgegeven, maar bemoeit zich uitdrukkelijk niet met de inhoud.

Dat de academie zichzelf financieel moet bedruipen, vindt hij ook niet rampzalig. Een blijvende subsidiestroom werkt immers luiheid in de hand. En dat past volgens Bruins helemaal niet bij zo’n ondernemersclub.

Foto

Of registreer je om te kunnen reageren.