Rundveehouderij

Achtergrond 421 x bekeken

Cono bouwt met scherp oog voor duurzaamheid en imago

Merkkazen, en dan vooral Beemsterkaas, zijn de kroonjuwelen van Cono Kaasmakers. Om te zorgen dat die kunnen blijven schitteren, haalt de Noord-Hollandse coöperatie veel uit de kast.

Het bedrijf is al koploper op gebied van duurzaamheid in het Nederlandse zuivelland, maar het zet ook voortdurend nieuwe stappen om te zorgen dat deze situatie zo blijft.

Cono heeft al het hoogste percentage weidegang van alle grote zuivelbedrijven, maar met ingang van volgend jaar scherpt het ook de criteria aan voor de duur van de weidegang. De eis gaat van minimaal 100 dagen vijf uur weidegang naar minstens 120 dagen zes uur, zoals ook bij FrieslandCampina. De directie had de lat nog wel iets hoger willen leggen, zodat het ook qua duur zou winnen van de rest, maar dit ging de leden iets te ver.

Met het besluit over de bouw van een nieuwe kaasfabriek is weer een stap gezet, waarmee de coöperatie het zichzelf in eerste instantie moeilijker maakt. Er wordt enerzijds wel een hypermoderne fabriek neergezet, maar de kaasproductie blijft op grotendeels de oude bekende, deels ambachtelijke wijze plaatsvinden.

Cono doet niet mee aan de trend dat kaasinstallaties zo efficiënt mogelijk moeten zijn en uit elke liter melk het maximale aan kaas wordt gehaald. Dat maakt dat de productiekosten van Cono ook na de nieuwbouw relatief hoog zullen blijven. De coöperatie moet dit terughalen uit hogere verkoopkosten van onder meer Beemsterkaas en het in België populaire Oudendijk.

In een jaar met relatief dure bulkkaas is het voor natuur- en merkkazen vaak moeilijk om een goede plus te behalen, toch gaat het de kazen van Cono nog steeds voor de wind, zegt directeur Eric Hulst. Hij heeft het dan niet zozeer over prijs als wel over marktaandeel.

De omzet van Beemsterkaas groeit dit jaar met gemiddeld zo’n 10 procent in de supermarkt, stelt de Cono-directeur. Van een moeilijke markt heeft de Cono kaas naar eigen zeggen niet veel last. In België lijkt de groei van de kaasafzet te stabiliseren, maar in Duitsland en de Verenigde Staten groeit de belangstelling voor Beemsterkazen. Ook begint er meer interesse te komen vanuit het Verre Oosten.

Dat nieuwe markten worden aangeboord, is goed voor Cono. Het bedrijf verwacht, net als FrieslandCampina, zo’n 20 procent meer melk tot 2020. Op die aanvoer is ook de nieuwe fabriekscapaciteit afgestemd. Het gebouw wordt zelfs nog iets groter. Dat is om het niet waarschijnlijk lijkt dat er nog weer een keer een vergunning komt voor de bouw van een nieuwe zuivelfabriek in de Beemster.

Uitgebreide opslagruimtes komen er niet bij. De geproduceerde kaas blijft tot vijftien dagen in de fabrieksopslag. Daarna gaat het product naar ofwel de kaashandel, ofwel naar een aparte opslagruimte waar de kaas ook wordt verpakt.

Foto

Of registreer je om te kunnen reageren.