Rundveehouderij

Achtergrond 314 x bekeken 1 reactie

Afghaanse Rabo gevonden!

Het opzetten van een kredietfonds voor boeren is gedoemd te mislukken. Beter is het om de al goed werkende coöperatieve bank te versterken.

Ik ben op het moment voor een Duitse organisatie een van haar projecten aan het doorlichten. Het is een project in Noord-Afghanistan. Op papier is het hier nog veilig, maar er komen meer en meer aanvallen op de weg en intimidatie in de dorpen door ‘anti-overheidselementen’, zeg maar de Taliban.
Binnen dit project dat ik weer op de rails moet proberen te krijgen, in ieder geval op papier, was bedacht dat boeren gereedschap, zaad en geld nodig hadden om te kunnen produceren. Het idee was om een ‘zaadbank’ (voor gecertificeerd tarwezaad voor degenen die al aan andere dingen beginnen te denken!), een ‘gereedschapsbank’ en een dorpskredietfondsje in het leven te roepen. Dan zou aan al die behoeftes voldaan worden.

Duivel zit in de details

Helaas zit de duivel altijd in de details. Want die 50 kilo gecertificeerd tarwezaad kostte in het droogtejaar €50, terwijl de tarwe die de boeren oogsten in het volgende jaar met goede regens nog maar €0,16 per kilo deed. En om nou 300 kilo te moeten verkopen om 50 kilo zaaizaad terug te betalen is ook zo iets voor een boer die nog nooit zaaizaad kocht.

Goedkope Chinese troep

De toolbank had ook zijn problemen. Omdat het om 30 dorpen ging, kon er niet aan de individuele verlangens voldaan worden. Dus kwam er een koekoeks-éénzang-pakket gereedschappen naar elk van de 30 dorpen. Omdat bij aankoop de goedkoopste aanbieder won, kwam er voornamelijk Chinese troep. Chinezen kunnen namelijk voor elke prijsklasse een product maken waarvan de kwaliteit omgekeerd evenredig is met de prijs. De Chinese gereedschappen lagen in no time in puin. Dat leverde een beschamende hoop kapotte en niet meer gebruikte gereedschappen op. Leuke Chinese waterpompen, maar toen boeren die pompen wilden gaan gebruiken bleek dat dit verboden was om mensen verderop aan het kanaal niet droog te leggen.

Kredietfonds met hindernissen

Maar dat kredietfonds was nog wel het meest interessante. Aan een dorp met voornamelijk analfabeten werd een geldbedrag beschikbaar gesteld met de mededeling om daar samen een gebruiksaanwijzing en reglement bij te maken. De enige voorwaarde was dat het geld wel alleen te gebruiken was voor landbouw. De eerste twee rondes van dit goedkope krediet (rente mag niet, want dat gaat tegen de islamitische regels, dus er was een service charge van 6 procent per 6 maanden) ging nog wel goed. Maar toen sloeg de droogte toe en met het krediet gekochte schapen vielen om, het te mesten kalf werd in armoede maar wat eerder geslacht en opgepeuzeld, de meloenen die groeiden op het perceel dat met een lening geploegd en bemest was, kwamen ook niet. Maar toen kwam wel het moment van terugbetalen. En toen keek men naar elkaar, want wie ging nou achter uit zijn keel praten om dorpsgenoten in de ellende te dwingen iets te verkopen om die lening terug te betalen. Velen besloten toen maar dat dit geld eigenlijk als gift met een project gekomen was en nu maar afgeschreven moest worden. De leninghouders en degenen die zich garant gesteld hadden, ook allemaal uit het dorp, waren het roerend met elkaar eens: we schrijven het maar af. Weg fonds! In Islamitisch bankieren worden winst en verlies eerlijk gedeeld over bank en lener: als zo’n schaap dood neervalt dan moet de financiële instelling daar ook maar minstens 50 procent, maar liefst méér, onder lijden.

Les geleerd

Het was een goede les voor de meneer die verantwoordelijk was voor deze dorpsfondsen. Hij had alleen een bezoeker zoals ik nodig om te vragen: “Wat is die islamitische coöperatieve investerings- en financieringsbank hier om de hoek?” Hij was er al vier jaar langs gereden maar had nooit de moeite genomen eens binnen te lopen. Daar was het een drukte van jewelste, met ‘normale’ mensen, zowel mannen en vrouwen in burka’s (is hier normaal!), die met papieren rondliepen om hun leningen te krijgen. Bankemployees (m/v) namen de tijd om met mensen hun plannen door te praten. Ik kreeg eigenlijk een beetje een brok in mijn keel: het lijkt dus toch te kunnen, een coöperatieve bank. Maar waarom moet iedereen altijd weer zijn eigen wiel proberen uit te vinden in de ontwikkelingssamenwerking en vaak andere initiatieven in de wielen rijden? Wat dat betreft had minister Koenders van Ontwikkelingssamenwerking gelijk dat hij organisaties wilde laten clusteren om uit de Haagse potten mee te kunnen eten.

Coöperatieve bank regelt het beter

De enthousiaste jonge directeur van deze coöperatieve bank zag het wel zitten om de restanten van deze dorpsfondsen als ledencertificaten van het dorp te accepteren, op een geblokkeerde rekening te zetten en aan het einde van het jaar winstdeling te geven (‘mudharabat’: noem het geen rente, want dan is Leiden in last!). Met dit geld als garantie is hij bereid boeren gewasleningen te geven. In een gesprek met de komijnhandelaren kwam naar voren, dat ze veel meer zouden kunnen verkopen dan de boeren nu produceren. Daarvoor zouden de handelaren de boeren meer zaad moeten geven als voorschot, de boeren meer land moeten ploegen, de handelaren meer kapitaal moeten hebben om de oogst te kunnen kopen en op te slaan tot de prijs het hoogst is en de bank zou meer krediet hebben uitstaan dat vermogen genereert voor zowel de handelaren als de boeren.

Amerikanen te hulp roepen voor garantiefonds?

Maar hoe dek je ieders risico in zo’n value chain? Die handelaar kan zijn zaad terugpakken van de oogst van die boer, maar als er geen oogst is? Dan kan de boer ook zijn gewaskrediet niet terugbetalen aan de bank en hoeft de handelaar ook geen lening van de bank om de oogst te kunnen kopen.
Als er nu van alle transacties een percentage in een stabiliteit- en garantiefonds gestort zou worden? Daarvoor zouden alle transacties via de Islamitische Investering en Financieringsbank moeten lopen. Coöperaties in Nederland waren er ook niet van de een op de andere dag, dus toch maar eens op zoek naar een groep visionairen, die een beetje in ketens kunnen denken, en een dikke donor. Morgen ga ik bij een lokaal kantoor van USAID langs, het Amerikaanse ministerie van ontwikkelingssamenwerking. Die heeft nog miljoenen op de plank om ‘hearts and minds’ te winnen. Waarschijnlijk is het effectiever om een gewasketen ermee te financieren!

Foto: Anton van Engelen

Foto

Eén reactie

  • no-profile-image

    Han

    Anton. Dat jij een Rabo cloon hebt gevonden in Afghanistan belooft niet veel goeds voor de boeren op de lange termijn. Mooi te horen, dat ze bij jouw de vergoeding voor geld gebruik geen rente noemen, in Iran hadden ze geen moeite om dat beruchte percentage gewoon RENTE te noemen en ik maak me sterk dat ze het zo behandelden in de boekhouding. En wij ons maar in allerlei bochten wringen om hypotheek vormen uit te vinden die voldoen aan de eisen van onze Islamitische Medelanders. Vraag ik me af wie is er gek Wij of Zij?

Of registreer je om te kunnen reageren.