Rundveehouderij

Achtergrond 245 x bekeken 1 reactie

Grasgroei valt niet mee

De oorlog in Afghanistan dwong mensen uit de valleien de bergen in. De erosie daar is enorm, we proberen het tij te keren met oprichting van waterschappen.

Tijdens de oorlogsjaren met de Sovjet-Unie (1979-1989) was het gevaarlijk om in de Afghaanse valleien te wonen. Je kon daar niet wegkomen en werd een makkelijke prooi voor de gunships. Veel mensen gingen daarom hoger in de bergen wonen en verscholen zich in grotten. Ze ploegden stukken grasland (of wat daar voor doorgaat) om en startten er niet-geïrrigeerde tarweteelt. Door wind- en watererosie is er op sommige plekken tot 10 centimeter bovengrond verdwenen. Dat is vooral goed te zien op de randen van de dorsvloeren, de cirkels die niet geploegd en ingezaaid werden.

Duivelsdrek voor €100 per kilo

We proberen om in deze nu volkomen gedegradeerde gebieden waar niets meer groeit, weer gras aan het groeien te krijgen. Mensen hebben aarden walletjes gemaakt om afstromend water op te vangen. Daarachter hebben we bomen geplant in de hoop dat dat beetje extra water net het verschil tussen overleven en doodgaan van die bomen zal zijn. Het graszaad dat we daar zaaien, mengen we met wat droogteresistente luzerne, zwarte komijn en asafoetida (duivelsdrek). Dan komt er van alles op en de mensen kunnen er meteen wat aan verdienen. Het zwarte komijnenzaad is bij de opkoper al $10/kilo, de latex van de duivelsdrek tegen de $100. Dat verklaart ook waarom die plant aan het verdwijnen is. De jonge bloemstengel wordt ondeskundig aangesneden om de latex op te vangen. Daardoor sterft de plant af en komt er geen zaad. De grond is zo arm dat we ook nog wat diammoniumfosfaat gebruiken om de zaailingen wat aan te moedigen.

Waterschap in de dop

De mensen laten we via een watershed committee (lees: klein waterschap) zelf de zorg over het gebied op zich nemen. We zullen gras- en luzernezaad terugkopen als we het nodig hebben, zodat ik het niet meer hoef te smokkelen. De mensen zijn enthousiast, want het gaat om gebieden die ze zelf al hadden opgegeven voor enig gebruik.
Het wordt nog een hele puzzel om woestijnvorming te voorkomen. Het noodlot voor het gemeenschappelijke bezit is altijd dat niemand zich er verantwoordelijk voor voelt. Nederlandse boeren kregen zo’n 150 jaar geleden hetzelfde voor elkaar op de Veluwe: grote zandverstuivingen. Het was Staring die met dennenplanten en de komst van kunstmest het tij keerde. Wij zullen het maar met gras en duivelsdrek proberen!

Foto

Eén reactie

  • no-profile-image

    Bert

    Hoi Anton.Mooi man mooiste is natuurlijk dat ze naar je luisteren en er aan beginnen.En resultaat zien. nu kunnen ze zeker verder er mee zonder dat je er bij hoeft te zijn. hoop je bomen en gras slaan aan.Anders is het gedaan met de bergen en hun weiden dus schapen en inkomen voor de bewoners.Groeten

Of registreer je om te kunnen reageren.