Rundveehouderij

Achtergrond 839 x bekeken

Samen schudder kopen, geld besparen

Als twee gelijkwaardige bedrijven samen machines kopen, levert dat een voordeel van €0,83 per 100 kilo melk. Met zijn drieën is het voordeel zelfs €1,15. Samenwerking loont.

Samen machines aanschaffen bespaart geld. Vaak zelfs meer dan van tevoren wordt ingeschat. De voorbeeldbedrijven (zie tabelnoot) kunnen jaarlijks tot €0,83 per 100 kilo melkquotum (netto ruim €5.400 op jaarbasis) besparen als ze de maaierkneuzer, hark, schudder, kunstmeststrooier, voermengwagen en de bemester samen aanschaffen.
Alle omschreven machines zijn moderne, niet de goedkoopste machines waarbij de netto aanschafprijs inclusief BTW gelijk verondersteld is aan de bruto richtprijs. Alleen voor de freesvoermengwagen is telkens een lagere restwaarde aangehouden van 5 procent, omdat een gebruikte voermengwagen heel weinig opbrengt. De totale kosten bestaan naast afschrijving en onderhoud uit rente, stallings- en verzekeringskosten. Laatste twee zijn voor beide situaties gelijk. Gespiegeld met de praktijk zijn de onderhoudskosten ruim bemeten. Iemand die zuinig is op werktuigen en de juiste onderhoudsbeurten in acht neemt, zal lager uitkomen met de post onderhoud. Verder geldt dat de huidige trekkers voldoende vermogen hebben om met de machines te werken. Jaarlijks wordt er gemiddeld per bedrijf 75 hectare gras gemaaid, dat door de loonwerker wordt gehakseld.

Een jonger machinepark

Omdat de machines bij gezamenlijk gebruik jaarlijks meer uren maken, worden deze 3 jaar sneller vervangen. Ondanks dat houden die jongere machines 5 procent meer restwaarde en zijn de jaarlijkse onderhoudskosten 1 procent hoger.
De machines die gekozen zijn, mogen in geval van de gezamenlijke aanschaf geen beperking vormen in capaciteit. Vooral belangrijk voor werktuigen die in piekperioden worden ingezet zoals de maaier, schudder en hark.
De genoemde machines vormen bij de uitgangssituatie geen beperkende factor. Zo is de capaciteit van de 3 meter brede maaierkneuzer 2 à 3 hectare per uur (25-35 uur jaarlijks per bedrijf), voor de schudder en de hark komt dat jaarlijks neer op respectievelijk 11 en 20 uur.
Een vergelijkbare berekening waarbij dezelfde machines door drie (in plaats van twee) gelijkwaardige bedrijven worden gekocht en ingezet, levert een voordeel op tot zelfs €1,15 per bedrijf per 100 kilo melkquotum. Helemaal reëel is de laatste berekening niet. Zo zal de capaciteit van vooral de hooibouwmachines aan de lage kant zijn. Bovendien vergt het de nodige planning om de voermengwagen onderling goed in te zetten.

Samen machines kopen bespaart €0,83 per 100 kilo

Kostenoverzicht van 6 machines die het bedrijf alleen danwel samen aanschaft
Uitgangssituatie boerenbedrijven: 650.000 kilo melk, 80 koeien, productie per koe 8.250 kilo melk. 40 hectare normaal opbrengende grond (16.250 kilo melk per ha) waarvan 8 ha maïs (20 %). 64 stuks jongvee (80 procent). 1,2 vak beschikbaar. Bedrijf heeft jaarlijks kleine quotumtoename van 20.000 kilo gehad en wil dat voorlopig blijven doen.

Als twee bedrijven samen machines kopen, levert dat een besparing op van €5408,42. Op een quotum van 6,5 ton is dat €0,83 per 100 kilo.

‘Boeren moeten beter rekenen’

Rens Kuijten sr. wil op gebied van machines samenwerken, hij is er zeker van dat gezamenlijk machines kopen veel geld bespaart.





Rens Kuijten sr. is er zeker van dat gezamenlijk machines kopen veel geld bespaart. Samen met Hans Oomen, Hans van Middelaar, Mark Damen en Peter Verest vormt Rens Kuijten sr. een initiatiefgroep voor een nieuwe werktuigcoöperatie in de regio Maarheze (N.-Br.). Sinds 1 december 2003 zijn ze volop bezig met opzetten en inventariseren onder boeren en loonwerkers. Er lijkt nog een lange weg te gaan. Volgens Kuijten investeren nog te veel boeren jaarlijks in nieuwe machines die onvoldoende benut worden. Zij beseffen volgens hem niet dat juist daar veel winst is te halen.
Kuijten doelt daarmee vooral op machines die jaarlijks slechts enkele tientallen uren maken, zoals schudders, harken, frezen en stalmeststrooiers. „Sommige machines hebben meer te lijden van het buiten stilstaan.”
Uit de eerste inventarisatie in de omgeving kwamen veel ideeën naar voren. Desondanks ontbreekt het nog aan draagvlak en vertrouwen. Als puntje bij paaltje komt en geld ingelegd moet worden, haken veel boeren af. En dat is jammer, vindt Kuijten. In de buurt zijn voorbeelden van geslaagde coöperaties waar de machine- en loonwerkkosten slechts 2,5 cent per kilo melk bedragen. Kuijten: „Er wordt nog te veel verdiend. Het lijkt wel of het inkomen eerst nog verder moet zakken, voordat boeren het financiële voordeel van machinesamenwerking inzien. Pas als ze goed gaan rekenen, zien ze het voordeel en is hun enthousiasme vaak niet meer te stoppen”, ervaart Kuijten.

Foto

  • GXDOWNLOADS-BOE004695D01
  • GXDOWNLOADS-BOE004695D02

Of registreer je om te kunnen reageren.