Rundveehouderij

Achtergrond 3445 x bekeken

Mengen in een ander licht, voermengwagen of voerdoseerwagen

Keus voor doseerwagen is niet altijd logisch. Op een melkveebedrijf volgde Boerderij 7 maanden het werken met een voermeng- en een voerdoseerwagen. Het bracht verrassende verschillen aan ‘t licht, ook in het gedrag van koeien.

Komt er een voermengwagen of een voerdoseerwagen? Voor die keus staan vele melkveehouders bij de vervanging van het huidige voersysteem. Met name de goedkopere voerdoseerwagen wint de laatste 3 jaar aan populariteit. Voor Boerderij de aanleiding om de praktische verschillen en de gevolgen bij het vee te bekijken, samen met fabrikant Strautmann. Deze bouwt en promoot zowel voermengwagens als voerdoseerwagens.

Voor- en nadelen

Beide systemen zijn ruim 7 maanden bekeken op een melkveebedrijf. De conclusie is niet eenduidig positief richting mengwagen of doseerwagen. Beide systemen hebben voor- en nadelen. Die zijn vooral terug te voeren op de hoeveelheid componenten in het rantsoen.
Daarbij is de doseerwagen ongeveer de helft goedkoper. De mengwagen blijkt bij een complexer rantsoen makkelijker in het dagelijks gebruik. Hij levert ook een positieve bijdrage aan de melkgift en de conditie van het vee.
Het rantsoen op het testbedrijf (230 koeien) bestaat uit kuilgras, mais, hooi, soja- en raapschroot en aardappelen. Redelijk omvangrijk dus. Deze producten laden gaat het makkelijkst in de voermengwagen: eerst de bijproducten, dan de mengvijzels aanzetten en afladen met gras en mais. Alles in het midden.
Het laden van de voerdoseerwagen vergt meer precisie: alle voersoorten moeten perfect laagsgewijs de wagen in. De gedachten erbij houden dus. Voor gras en mais geen probleem.
Lastiger is dat met de bijproducten. Als de lader afgeleid is, bijvoorbeeld door een telefoongesprek, moet hij eerst in de bak kijken waar hij gebleven is. En omdat er precies geladen moet worden, is dit werk minder makkelijk uit handen te geven aan derden zoals de bedrijfshulp, vakantiekrachten of stagiair(e)s.

Trekker draait vaak onnodig

De totale tijd van laden tot lossen maakt weinig uit per systeem; beide circa 15 minuten per wagen. Wel is er een groot verschil in de draaiuren van de trekker.
Zowel laden als lossen gaat het snelst bij de mengwagen: 2 à 3 minuten sneller dan bij de voerdoseerwagen. Die tijdwinst levert de mengwagen weer in bij het mengen. Nadat de laatste voersoort is toegevoegd, moet hij 2 à 3 minuten extra mengen.
Vooral door het mengen bij de voermengwagen draait de trekker op jaarbasis meer uren en verstookt meer diesel dan een voerdoseerwagen. Bij de doseerwagen is dat anders: de trekker kan uit tijdens het laden. Geen draaiuren dus. In de praktijk blijft de trekker vaak stationair draaien. Eigenlijk is dat onnodig.
Alleen tijdens lossen komt de voerdoseerwagentrekker in actie. Lossen duurt echter wat langer dan bij de voermengwagen. Meestal rijdt de trekker twee tot vier keer langs dezelfde voergang om vooral de bijproducten zo goed mogelijk te verdelen.

Links de doseerwagen, rechts de mengwagen. De vijzels van de doseerwagen lijken op de verdeelwalsen van een mestverspreider die alleen mixen tijdens het lossen. Laagsgewijs beladen is dus verplicht. De mengwagen mengt continu: tijdens laden en lossen.

Goed mengen bevordert de rust

Hoe beter het voer gemengd is, hoe minder koeien kunnen selecteren. Hoe minder selectie, hoe meer rust in de stal en hoe minder rangordebepalend koeien vreten (zie Rangorde vervalt, vaarzen sterker).
Bij meer dan één bijproduct, naast gras en mais, kan het al zinnig zijn om te gaan mengen. Op het testbedrijf lukte het de koeien om, bij de voerdoseerwagen, vooral de aardappelen, erwten, raap en soja uit het voer te pikken. Bij de voermengwagen was dat bijna niet het geval.
Hier waren dan ook minder voerrestanten te zien dan bij de voerdoseerwagen. Bij de voermengwagen bleef er dagelijks ongeveer één kruiwagen restvoer over. Bij de voerdoseerwagen een hoeveelheid van zeven tot negen kruiwagens. Dit restvoer belandde bij het jongvee, gemengd met kuilgras en hooi. In de mengwagen bleven nagenoeg geen resten over.
Het jongvee krijgt dus een beter rantsoen voorgeschoteld. En doordat de mengwagen het hooi beter door het gras mengt dan de doseerwagen, neemt het jongvee ook veel meer hooi op, wat uiteraard de pensontwikkeling ten goede komt.

Ruim 80.000 liter melk meer

Over de hele testperiode heen slaagde de melkveehouder erin om er met de voermengwagen 1 tot 1,3 liter meer melk per koe per dag uit te halen. Op een koppel van 230 koeien haalt de boer dus (230 x 365 x 1,15) ruim 90.000 liter meer melk uit zijn vee. Met hetzelfde voer. Bij een melkprijs van €0,30 is dat omgerekend €27.000.
Helemaal reëel is die berekening niet, omdat er doorgaans voldoende ruwvoer aanwezig is om het quotum vol te melken. In elk geval zet deze berekening de €5.000 (zie tabel) meerkosten van de voermengwagen ten opzichte van een voerdoseerwagen in een ander daglicht.

Conclusie:

Kiezen voor een goedkopere doseerwagen ligt dus niet altijd voor de hand. De juiste keus hangt vooral af van de gebruikte of te gebruiken voersoorten.

Kies voor de voermengwagen als:
- er naast gras en mais meer dan twee, vooral energierijke, bijproducten zijn;
- er vaak rantsoenwisselingen zijn;
- het onzeker is hoeveel en welke bijproducten komende jaren gebruikt worden;
- personeel vaak moet voeren.

Kies voor de voerdoseerwagen als:
- alleen of hoofdzakelijk gras en/of mais gevoerd word, en dat voorlopig zo blijft;
- er maximaal twee minder energierijke bijproducten zijn die makkelijk te verdelen zijn over het wagenoppervlak;
- het budget en/of de trekker niet toereikend is/zijn.

Foto

Of registreer je om te kunnen reageren.