Pluimveehouderij

Nieuws 191 x bekeken

Handhaving vleeskuikenrichtlijn blijft per stal

Barneveld – Vleeskuikenhouders moeten de uitvalgegevens van hun vleeskuikens bij blijven houden per stal. Dat blijkt uit een rapportage van het productschap Pluimvee en Eieren over de implementatie van de vleeskuikenrichtlijn.

De rapportage is donderdag besproken in de sectorcommissie pluimveevlees.

Het ministerie van ELI stelt dat de vleeskuikenrichtlijn voorschrijft dat de gegevens per stal worden bijgehouden. Er is daardoor geen ruimte voor versoepeling. Het bijhouden van de sterfte per bedrijf is geen optie. Alleen in de gevallen dat er geen stalgegevens beschikbaar zijn, bijvoorbeeld doordat er kuikens van meer stallen op één vrachtwagen zijn afgeleverd, mag de pluimveehouder terugrekenen vanaf bedrijfsniveau.

Zoals bekend bevat de vleeskuikenrichtlijn richtlijnen voor de maximale vleeskuikenbezetting per stal. Deze hangt onder meer af van de uitval en de diergezondheid in de stal. De uitval in de eerste week van de afmestperiode is echter door de vleeskuikenhouder nauwelijks beïnvloedbaar. Dat kan bijvoorbeeld het geval zijn als het gaat om bijproducten uit de fokkerijsector of als de koppel afkomstig is van een oud koppel vermeerderingsdieren. ELI heeft nu toegezegd om duidelijker aan te geven welke bewijslast voor vleeskuikenshouders nodig is om in aanmerking te komen voor de overmachtsclausule.

Het ministerie van ELI werkt samen met de Dienst Regelingen aan een handhavingsprotocol. Ook hier worden de regels per stal gehandhaafd. Vleeskuikenhouders doen er volgens het ministerie goed aan om de oorzaak van tijdelijke overbezetting goed vast te leggen en te documenteren. Dit geldt zeker in gevallen van overmacht, bijvoorbeeld als de vleeskuikenhouder later kan leveren dan de bedoeling was.

Of registreer je om te kunnen reageren.