Pluimveehouderij

Foto & video 2341 x bekeken

Blauwe verlichting voor het enten van opfokhennen

Familie Wilpshaar breidt opfokbedrijf voor vleeskuikenouderdieren uit met vijfde stal. Vandaag (vrijdag 29 juni) is er een open dag op het bedrijf.

Foto

  • Berend (65) en Bart (27) Wilpshaar breiden hun pluimveebedrijf in Ane (Ov.) uit met een vijfde stal. Daardoor hebben ze straks 6.000 vierkante meter staloppervlak beschikbaar voor het opfokken van vleeskuikenouderdieren. Voor de opfok van vleeskuikenouderdieren geldt een maximale opzet van 11,5 kippen per vierkante meter. Foto’s: Jan Sibon, tekst: Bouke Poelsma

  • De nieuwe stal – uiterst rechts op de foto – is 100 meter lang en 20 meter breed en maakt het bouwblok vol. Berend Wilpshaar begon in 1970 met het houden van opfokhennen op deze locatie. Van 1976 tot 1980 hield hij vleeskuikenouderdieren, waarna hij weer overstapte op opfokhennen.

  • Bart Wilpshaar zit sinds 2008 in de maatschap. Naast het eigen pluimveebedrijf is sporten zijn tweede passie. Bart volgde de hbo-opleiding sportmanagement in Groningen. Na het behalen van zijn diploma werkte hij van 2007 tot en met 2010 bij voetbalclub SC Heerenveen, waar hij diverse commerciële werkzaamheden verrichtte. „Mijn vader vond het verstandig dat ik eerst onder een andere baas ging werken”, vertelt Bart.

  • Overzichtsfoto van de stal. Deze foto is daags voor de open dag gemaakt. De stal heeft vier voercircuits. Er zijn in totaal acht voerlijnen en vijf waterlijnen.

  • „Dit is voorlopig de laatste bedrijfsuitbreiding. Het bouwblok zit vol en we willen het werk graag met eigen arbeid rondzetten. Ik werk ook liever zelf tussen de kippen dan dat ik mensen moet aansturen. Groot, groter, grootst is bij ons zeker niet van toepassing”, zegt Bart, die het gros van het werk samen met zijn vader rondzet.

  • Tijdens de opfokperiode worden de hennen meerdere keren geënt. Bij die gelegenheden wordt de blauwe stalverlichting ingeschakeld. „In reguliere vleeskuikenstallen gebruiken ze deze verlichting bij het vangen van de dieren”, zegt Bart.

  • In de stal wordt deels met nokventilatie (40 procent) en lengteventilatie (60 procent) gewerkt. De ventilatoren in de eindgevel worden trapsgewijs ingeschakeld.

  • Om optimaal met licht te kunnen sturen, komt er geen daglicht de stal binnen. Boven de luchtkokers in de nok worden overkappingen geplaatst. De binnenzijde van de damwand langs de zijkanten van de stal is zwart gemaakt. Zo wordt ook de lichtinval via de inlaatventielen maximaal gereduceerd.

  • De stal is in principe ook geschikt voor het houden van reguliere vleeskuikens. Bart en Berend Wilpshaar kozen bewust voor overcapaciteit in ventilatiemogelijkheden. „Voor het opfokbedrijf kunnen we toe met 60 procent minder inlaatventielen. Omdat je nooit in de toekomst kunt kijken, hebben we besloten de stal op deze manier te bouwen”, zegt Berend.

  • De pluimveehouders kozen voor een traditionele stal met gemetselde muren, waarin de spanten zijn weggewerkt. „Bij prefab-stallen staan de spanten aan de buitenzijde. Dat vind ik geen gezicht. Een traditionele stal is dan wel €40.000 duurder, wij hebben er een beter gevoel bij. Wij hebben gebouwd vanuit mogelijkheden, niet vanuit beperkingen”, zegt Bart Wilsphaar. De stal is goed geïsoleerd met hoge rc-waardes van het dak (4,5) en de wanden (4). De dichte structuur van de wanden voorkomt aanhechting van mest. De waterleidingen en stopcontacten zijn ‘hoog’ weggewerkt om kans op schade tijdens het mest uitrijden en schoonmaken zo veel mogelijk te beperken.

  • Er staan 29 springbokken in de stal. Daarmee worden de hennen getraind om ook verticaal te bewegen. Bij het vermeerderingsbedrijf moeten ze immers ook de beunen op om de nesten te bereiken.

  • Drinken kunnen de hennetjes straks op twee manieren: via drinkklokken en drinknippels. De dieren raken in de opfokperiode aan beide systemen gewend. „Vermeerderingsbedrijven werken met verschillende waterlijnen”, zegt Bart Wilpshaar. Om maximale aanvoer van water te hebben, zijn twee extra waterleidingen gemaakt richting de achterzijde van de stal.

  • „Met de mate van voersnelheid en voerverdeling kun je een koppel maken of breken”, zegt Bart Wilpshaar. „Bij opfokhennen is het zaak om te rantsoeneren.” De gewichtschema’s van vleeskuikenouderdieren in de opfokperiode verschillen per ras. De brede voerbuizen dienen ook als zitstokken. De ophanging is daar op berekend.

  • De voerpannen zijn gemaakt voor reguliere vleeskuikens. Een aanpassing naar eigen ontwerp maakt ze ook geschikt voor de opfok van vleeskuikenouderdieren. Een extra pijpje versmalt de voerbuis van de pan. Daardoor valt er automatisch minder voer naar binnen. Het voer is overigens in luttele minuten de stal rond. Tussen de pannen blijft voer in de buis zitten. Daardoor zijn alle voerpannen binnen no-time voorzien van voer. „Dat is in 2 seconden gepiept”, zegt Berend Wilpshaar.

  • In de stal staan vier Ermaf-heaters. Die staan sinds vorig jaar op de Rav-lijst voor ammoniakreductie. Bart Wilpshaar is goed te spreken over dit type heater. „Ze zijn brandveilig en niet storingsgevoelig. Ze werken modulerend, waardoor er geen restwarmte de stal in wordt geblazen. Daarmee hopen we te besparen op onze grootste kostenpost: de gasrekening.”

  • In de stal hangen twee automatische dierwegers. Ondanks dit systeem blijven de pluimveehouders ook handmatig wegen. Dat doen ze niet alleen om het automatische systeem te controleren, maar ook om feeling te houden met de opfokhennen en hun gedrag te volgen. De pluimveehouders maken in iedere stal een selectieafdeling voor de lichtste dieren. Tijdens de 20-weekse opfokperiode wordt meerdere keren op gewicht geselecteerd. „Dat is arbeidsintensief, maar uniformiteit staat bij ons hoog in het vaandel. Het geeft iedere keer weer een kick om een mooi en uniform koppel af te leveren”, zegt Bart Wilpshaar.

  • Aan de voorzijde van de stal is een aparte berging gemaakt voor de opslag van allerlei bedrijfsmaterialen. Op het bedrijf geldt tijdens de ronden een streng hygiëneprotocol. Tussen twee opfokronden staan de stallen normaal gesproken ook drie weken leeg. Dan is er onder meer tijd om grondig te reinigen, zowel droog als nat. „Het meeste werk doen we zelf, zoals mest uitrijden en de houtkrullen verdelen. Voor het spuitwerk moeten we in de toekomst meer werk inhuren.” Om overzicht te houden, worden de stallen met hooguit twee arbeidskrachten schoongespoten.

  • Twee jaar geleden kochten vader en zoon Wilpshaar een handige verdeelbak voor de houtkrullen. Dat scheelt veel arbeid bij het instrooien van de stallen.

  • Vrijdagmiddag 29 juni is er een open dag op het bedrijf. Bezoekers zijn tussen 14.00 en 17.00 uur welkom aan de Revensweg 3 in Ane.

Of registreer je om te kunnen reageren.