Pluimveehouderij

Foto & video 8967 x bekeken 1 reactie

Pluimveestal onherkenbaar veranderd

Maatschap Balder-Willigenburg in Staphorst gaat biologische opfokhennen houden. Daarvoor werd de bestaande pluimveestal flink verbouwd.

Foto

  • Met vier rijen volières en wintergartens aan weerszijden is de pluimveestal van maatschap Balder-Willigenburg in Staphorst (Ov.) onherkenbaar veranderd. Van 2002 tot en met 2011 hield het bedrijf 12.000 pekingeenden. Vanaf 14 mei wordt de stal bevolkt door 28.000 biologische opfokhennen. Op de foto poseren Lambert (43) en Johanna (40) met drie van hun vijf kinderen. Foto’s: Koos Groenewold, tekst: Bouke Poelsma

  • Lambert Balder wilde van jongs af aan een eigen veehouderijbedrijf. Hij was echter niet de eerste gegadigde om het melkveebedrijf van zijn ouders over te nemen. „Ik heb zelf nog wel tien melkkoeien gehad. Die molk ik op het bedrijf van mijn ouders. Uiteindelijk heb ik mijn quotum van ruim 70.000 liter verkocht.”

  • „Op deze locatie had ik al 4 hectare grond. In 2002 heb ik hier een stal neergezet. In 2005 heb ik de woning en de kapschuur bijgebouwd.” Balder was in eerste instantie van plan om rosékalveren te gaan mesten. De MKZ-crisis gooide roet in het eten, waarna hij besloot pekingeenden te gaan houden. „De bouwvergunning had ik al. De milieuvergunning moest aangepast worden”, aldus Balder.

  • Het houden van pekingeenden werd geen daverend succes. De vogelpest in 2003 en de hoge voerprijzen in de daaropvolgende jaren waren van grote negatieve invloed op het financiële resultaat. „Een eend is een gemakkelijk en sterk dier. Maar aan het einde van de streep moet er natuurlijk wel wat overblijven. Het is jammer dat het zo gelopen is”, vertelt Balder, die eind 2010 de keuze maakte te stoppen in de eendenhouderij.

  • De afgelopen maanden is de pluimveestal op het bedrijf flink verbouwd. De stal werd 20 meter verlengd en er kwamen wintergartens en volières. De stal is nu 70 meter lang en 25 meter breed. Ook werd een kantine bijgebouwd, zoals op deze foto is te zien. Op de vorige foto is duidelijk zichtbaar dat de stal 20 meter werd verlengd. „Eigenlijk is de stal onherkenbaar veranderd”, zegt Balder, die vanwege de uitloopmogelijkheid ook de zijwanden van de stal moest aanpassen.

  • De stal is ingericht met vier rijen Jansen-volières. De hennetjes komen op 14 mei. Lambert Balder sloot een vierjarig contract af met kuikenbroederij en pluimveebedrijf Het Anker bv. „Ik krijg een opfokvergoeding per hen per week voor het leveren van huisvesting, verzorging, gas, water en elektriciteit, mestafvoer en schoonmaakwerk.

  • Overzicht van een van de twee overdekte uitlopen. De hennen kunnen aan beide kanten naar buiten. Na zo’n 8 weken hebben ze hier de mogelijkheid toe. De uitloop is 4 hectare. De keuze om van de eendenhouderij over te stappen op het houden van opfokhennen was voor Balder geen moeilijke. „In deze tak kon ik een goed contract afsluiten. Met bijvoorbeeld vleeskuikens heb je weer te maken met hoge voerprijzen. Vandaar dat ik het nu meteen heb gezocht in de opfok.”

  • Via deze uitloopschuiven kunnen de hennen straks naar de overdekte uitloop. Boven de uitloopschuiven zijn de luchtinlaatventielen en de verduisterbare lichtstraat zichtbaar.

  • De opfokhennetjes kunnen straks ook onder de systeemrijen scharrelen. Ze moeten immers de mogelijkheid hebben om naar buiten te gaan. Balder kan niet wachten om aan de nieuwe uitdaging te beginnen. „Zeker na een jaar leegstand heb ik er erg veel zin in”, vertelt hij. Het afgelopen jaar werkte Balder een aantal uren voor AB Oost. Ook werkte hij een half jaar lang iedere week een dag mee op het opfokbedrijf van Het Anker in Nieuwleusen. Op dit bedrijf deed hij veel ervaring op in het houden van opfokhennetjes.

  • Het voerlokaal bevindt zich niet aan de voorzijde van de stal, maar in het midden. „Toen ik nog eenden hield, was de stal in twee delen gedeeld. Ik werkte met twee leeftijden”, vertelt Balder hierover. Bij de verbouw van de stal moest volop rekening worden gehouden met de plek van het voerlokaal. „Vanwege de meterkast wilde ik het voerlokaal liever niet verplaatsen. Het was passen en meten om het voerlokaal te handhaven. De wintergarten is aan de ene zijde daardoor 20 meter korter”, zegt Balder.

  • Deze ‘lege’ hoek dient straks als scharrelruimte.

  • Met deze twee heaters wordt de staltemperatuur opgevoerd voor de opvang van de eendagskuikens.

  • Twee recirculatieventilatoren zorgen straks voor een egale luchtstroom door de stal.

  • De keuze voor volières was voor Balder geen moeilijke. „Het Nivo Varia-systeem heeft geen mestbeluchting. Dat heeft dit volièresysteem wel, waardoor ik meer dieren kan houden”, vertelt Balder, die rekening dient te houden met de opgelegde maximale ammoniakuitstoot. „Met volières kan ik in deze stal daarom maximaal 52.225 hennen houden. Met het Nivo Varia-systeem waren dat 15.360 hennen geweest. Dat is een enorm verschil.”

  • Detail van de voergoot. De zogenoemde kuikenlifter aan het einde van de voergoot moet voorkomen dat de kleine hennetjes meedraaien met de ketting.

  • Zo zien de voorzijdes van de systeemrijen eruit. De drinklijnen zijn voorzien van een automatisch doorspoelsysteem.

  • De ventilator moet nog worden aangesloten op de mestbandbeluchting.

  • Via deze transportband in de achterzijde van de stal wordt de mest naar buiten afgedraaid. Om te voorkomen dat er mest in de put valt, heeft Balder de band goed afgesloten.

  • Wat opvalt is deze lichtdoorlatende roldeur in de kopgevel van de stal. Balder kocht deze deur van spoorbeheerder ProRail. Achter de deur wordt nog een gordijn geplaatst om het dag- en nachtritme van de hennen te kunnen regelen.

  • Balder organiseerde onlangs een besloten open dag voor familieleden en omwonenden. Deze drie kippen hebben hun plekje in het volièresysteem alvast gevonden.

Eén reactie

  • LOUISEGBERTS

    SORRY MAAR IK HEB ER WEL IS OP GEWERKT EN VINDT HET NIET HET MEEST IDEALE SYSTEEM OM TE ENTEN

Of registreer je om te kunnen reageren.