Pluimveehouderij

Achtergrond 920 x bekeken laatste update:15 feb 2012

'Verdienmodel is uitgangspunt'

Eric Hubers (45), wordt per 1 juli de nieuwe voorzitter van de vakgroep LTO/NOP. Hij volgt Jan Wolleswinkel op, die na dertien jaar afscheid neemt als voorzitter.

Meneer Hubers, u bent pluimveehouder. Hoe ziet uw bedrijf eruit?
”We hebben een legbedrijf met 90.000 scharrelhennen, waarvan de helft met uitloop. Er is een nieuwe stal voor 30.000 leghennen met uitloop in aanbouw.”

Hoe bent u in deze positie gekomen?
”Ik ben benaderd door de vertrouwenscommissie die op zoek was naar een opvolger van Jan Wolleswinkel. Ze nodigden mij uit voor een gesprek. Ik vermoed dat onder andere mijn bestuurlijke ervaringen bij de Agrarische Bedrijfsverzorging en mengvoercoöperatie Vitelia daarbij een rol hebben gespeeld. Gedurende mijn bestuurswerk heb ik voortdurend opleidingen en bestuurders leergangen gevolgd. Voor mij kwam de vraag echter als een complete verrassing. Na enkele gesprekken bleek dan men met mij verder wilde als voorzitter.”

Wat ziet u als uw belangrijkste taken?
”Ik zie het als mijn belangrijkste taak om te streven naar goede productievoorwaarden voor alle bedrijven. Het verdienmodel voor elk bedrijf, groot of klein, moet voor ons als belangenbehartigers het uitgangspunt zijn. Dat staat voor mij voorop. Verder moet ik me nog verdiepen in veel zaken die op het ogenblik spelen. Daarvan kan ik nog niet veel zeggen.”

Hoe kijkt u aan tegen de samenwerking met de collega’s van de NVP?
”Er zijn inderdaad twee belangenorganisaties. Ik hoop op een goede samenwerking en dat we er het maximale uit kunnen halen. Er ligt wat dat betreft een uitdaging. De vraag ligt voor of het wel verstandig is dat er twee organisaties zijn die de belangen van pluimveehouders behartigen. De leden van de NVP en die van ons hebben in principe dezelfde belangen. De toonzetting is bij de NVP vaak wat scherper, maar we behandelen dezelfde onderwerpen. Het gaat er uiteindelijk alleen maar om welke resultaten je kunt boeken voor de leden.”

Hoe kijkt u aan tegen de samenwerking van NOP en LTO? Bent u niet bang dat op een bepaald moment belangen van de ene sector kunnen botsen met die van de pluimveehouders?
”De samenwerking in LTO-verband is een goede zaak. Alles onder één vlag maakt de belangenbehartiging sterker. Hoe meer krachten we kunnen bundelen hoe beter en hoe meer we kunnen bereiken. Er kunnen misschien wel eens verschillende belangen zijn, maar die komen dan wel op tafel en kunnen op tijd worden uitgesproken. Ik zie dat eerder als voordeel dan als nadeel.”

U hebt bestuurlijke ervaring bij coöperatie Vitelia. Tussen mengvoersector en pluimveesector zijn de laatste tijd wel eens strubbelingen, bijvoorbeeld op het gebied van salmonellabesmettingen en dergelijke. Hoe ervaart u dat?
”Ik word straks voorzitter van LTO/NOP. De mengvoersector ligt achter me. Ik heb er voordeel van dat ik die sector goed ken. We moeten ook niet vergeten dat we de mengvoersector wel nodig hebben. Zonder goed voer kom je er ook niet als pluimveehouder.”

Voor hoe lang bent u benoemd?
”De benoeming is in principe voor vier jaar. Daarna kan herbenoeming volgen. Laten we eerst maar eens kijken wat ik er in de komende vier jaar van terechtbreng. Mijn voorganger Jan Wolleswinkel heeft drie termijnen volgemaakt en heeft zich nog één jaar extra ingezet voor de Nederlandse pluimveesector."

Of registreer je om te kunnen reageren.