Pluimveehouderij

Achtergrond 160 x bekeken laatste update:22 feb 2012

Pleidooi voor goedkopere CPE-controles

Jan Willem Lagerweij, lid van het bestuur van IKB-Ei namens de NOP, heeft opnieuw aangedrongen bij het bestuur van het CPE op een andere en vooral ook goedkopere uitvoering van de controles door het CPE.

Maandag heeft hij hierover een brief aan het CPE-bestuur gestuurd. ,,Vanuit het CPE wordt wel geroepen dat het aantal controles zal verminderen, maar onvoldoende hoe en in welke mate. Ondanks overleg over het controleplan 2012 is er geen duidelijkheid over de controles in 2012.’’

 

Volgens Lagerweij, die ook voorzitter is van de landelijke NOP-kring leghennenhouders, heeft het CPE ook in 2011 bedrijven gecontroleerd die het al jaren goed voor elkaar hebben bij de IKB-controle. ,,Die bedrijven worden dus niet gecontroleerd vanwege aangetoonde risico’s, maar op basis van willekeur.’’

 

Lagerweij heeft ook kritiek op de controles op het gebruik van de uitloop. ,,In het begin van het jaar nauwelijks controleren en een inhaalslag aan het eind van het jaar, ondanks dat er geen fouten worden ontdekt in het uitloopregiem.’’ Volgens hem zijn sommige uitloopbedrijven in de laatste twee maanden van 2011 wel drie keer gecontroleerd.

 

Lagerweij pleit voor minimaal één controle per jaar van niet-IKB-bedrijven door CPE en/of nVWA (op kosten van de pluimveehouder) en voor IKB-Ei- en KAT-bedrijven één (aangekondigde) controle per kalenderjaar door een CI (certificerende instelling) (op kosten van de pluimveehouder). Plus op maximaal vijf procent van de IKB-bedrijven een onverwachte controle op de belangrijkste onderdelen van het IKB-Ei-programma (betaald uit de collectieve bijdrage van de IKB-Ei-deelnemers).

 

Hij stelt voor bedrijven met uitloop maximaal één keer per kwartaal te controleren op het gebruik van de uitloop; onverhoopt niet uitgevoerde kwartaalcontroles niet in een later stadium ’in te halen’; bedrijven na een eerste controle in hetzelfde of het opvolgende kwartaal één keer extra te controleren; en bedrijvendie binnen een jaar na een eerste overtreding opnieuw in de fout gaan gedurende twaalf maanden dubbel zo vaak (twee keer per kwartaal) te controleren (na acht controles zonder overtredingen kan weer het standaard controleregiem worden ingesteld).

 

Lagerweij meent dat met de door hem voorgestelde controleplannen een goede vertrouwensbasis kan worden gelegd bij de pluimveehouders ten aanzien van de aan hen opgelegde controles. ,,Degenen die het goed voor elkaar hebben zullen minder worden belast en degenen die te maken krijgen met een schorsing uit IKB-Ei of de uitloop op het verkeerde moment gesloten hielden, betalen de voor hen afzonderlijk gemaakte kosten. Pluimveehouders die beperkt van de regels afwijken, krijgen geen schorsing en kunnen de afwijking – net zoals nu gebeurt – met hun CI oplossen.’’

 

De essentie van Lagerweij’s voorstel is om de huidige uitstraling die het CPE door zijn handelswijze oproept – namelijk wantrouwen naar de pluimveehouderij – om te bouwen naar vertrouwen in de sector. ,Alleen zodra dat vertrouwen in een individuele situatie geschaad is, wordt het betreffende bedrijf tijdelijk in een bijzondere positie geplaatst en gedurende een bepaalde tijd extra gecontroleerd totdat het vertrouwen is hersteld. Dat recidivisten anders worden benaderd dat bij incidenteel afwijkende gevallen, zal niemand betreuren.’’

Of registreer je om te kunnen reageren.