Mechanisatie

Foto & video 2516 x bekeken

Brandstofverbruik 20 % omlaag

Kijk mee hoe in vier stappen het brandstofverbruik van een ploegcombinatie daalde van 24,2 naar 19,6 liter per hectare in een praktijktest. Boerderij onderzocht samen met Praktijkonderzoek Plant & Omgeving (PPO) in Lelystad hoeveel zuiniger een puike trekker met ploeg nog kan werken onder normale condities. Het perfectioneren van de gewichtsverdeling, de bandenspanning, de ploeginstellingen en het motortoerental leverden uiteindelijk een besparing op van 4,6 liter diesel per hectare.

Foto

  • Het is vroeg in de ochtend. De John Deere 6820 (99 kW, 135 pk) met continu variabele transmissie (CVT) ploegt eerst een uurtje om alles goed op te warmen voor de officiële metingen van start gaan.

  • Gijsbert van Itterson van Michelin noteert de gewichtsverdeling van de trekker met geheven ploeg. Ook de bandenspecialist is verrast hoe een gedragen vijfscharige ploeg de trekker uit balans brengt, ondanks 700 kilo aan gewichten in de fronthef. Op de achteras rust 9,4 ton, de vooras noteert 1,5 ton. Zo rust circa 15 procent van het totaalgewicht op de vooras; met deze verdeling werkt de praktijk vaak en is dus een goede uitgangspositie.

  • Hubert Muckel, de ploegdeskundige van fabrikant Lemken, kijkt of de ploeg goed staat voor de test van start gaat. Hij zoekt naar een afstelling die hij in de praktijk vaak aantreft: net niet helemaal perfect.

  • Hij besluit om de treklijn een iets grotere afwijking te geven.

  • Ondermeer de stand van de topstang verraadt een onjuist ingestelde treklijn. Deze wijst hier naar het geploegde land, terwijl de topstang aan een vijfscharige ploeg juist iets naar het ongeploegde land moet wijzen.

  • Voor elke proef wordt de trekker zorgvuldig afgetankt met een mobiele tankinstallatie van olieleverancier Bol.

  • Tijdens elke tankbeurt wordt de temperatuur van de diesel gemeten. Want indien de dieselolie sterk opwarmt tijdens de test, neemt zijn volume toe in de tank. Dit zou bij het aftanken een vertekend beeld kunnen geven van het verbruik. Gelukkig blijft tijdens de test de diesel constant op circa 22 graden.

  • De ploegdiepte wordt gedurende de test constant op 22 centimeter gehouden, want dat heeft een heel grote invloed op het verbruik per hectare.

  • Overleg over de te volgen strategie. Eerst de bandenspanning verlagen, of de gewichtsverdeling verbeteren, of de ploeginstellingen optimaliseren?

  • Eerst de ploeginstellingen optimaliseren is het besluit. Hubert Muckel klimt regelmatig op de ploeg en kijkt hoe deze reageert op zijn instellingen.

  • Na circa 0,6 hectare ploegen wordt de trekker weer afgetankt. Nadat de ploeg perfect is afgesteld, is het verbruik per hectare met 0,5 liter afgenomen.

  • De lengte van het perceel staat vast, maar misschien wisselt de gemiddelde werkbreedte van de ploeg. Daarom wordt na elke proef exact gemeten hoe breed de ploeg in tien werkgangen heeft gewerkt. Samen met de tijdsmeting wordt zo de capaciteit bepaald en het verbruik omgerekend naar liters per hectare.

  • De kleigrond is over het gehele perceel mooi homogeen. Wisselingen van grondsoort zouden de brandstofmetingen kunnen verstoren.

  • De trekker wordt met nog eens 400 kilo verzwaard. Hierdoor komt circa 25 procent van het totaalgewicht (met geheven ploeg) op de vooras; een optimale verdeling voor een moderne trekker met ploeg, zo is de ervaring uit voorgaande testen.

  • Voor het bepalen van de wielslip wordt de band gemarkeerd met een krijtstreep.

  • Tussen twee stokken wordt 100 meter uitgezet. Vervolgens worden de wielomwentelingen geteld wanneer de trekker de stokken passeert. Hoe meer slip, hoe meer omwentelingen het wiel maakt over een gelijke afstand.

  • Dankzij de extra gewichten rijdt de trekker nog stabieler; de neus is merkbaar minder nerveus tijdens het ploegen. De wielslip blijkt gedaald van een normale 17 procent naar circa 10 procent; een zeer laag niveau voor een trekker met getrokken werktuig in het veld. Niet verwonderlijk dus dat het verbruik per hectare met maar liefst 2,7 liter afnam.

  • De bandenspanning kan omlaag van 1,8 naar 1,2 bar in de achterbanden en van 1,2 naar 0,6 in de voorwielen. Het leverde echter geen brandstofbesparing meer op. De Michelin XM 108 banden hadden na de verzwaring met 400 kilo frontgewichten al hun maximale grip bereikt in de klei. Was de klei natter, dan had een lagere spanning wellicht wel effect gehad.

  • De laatste stap in de test: het effect van het motortoerental op het brandverbruik tijdens het ploegen.

  • Gas terug nemen? Dit gaat even tegen het gevoel in van Gerben Walsma, de vaste trekkerchauffeur van PPO Lelystad. Gevoelsmatig presteert een trekker minder bij lage motortoeren.

  • Dat blijkt mee te vallen. Volgas of half gas, de capaciteit bleef nagenoeg onveranderd op circa 1,2 hectare per uur. De trekker werd onder de 2.000 toeren wel 1,4 liter per hectare zuiniger. Het maakte vervolgens niet veel verschil meer of de motor tussen 1.500 en 2.000 toeren draaide.

Of registreer je om te kunnen reageren.